Wall Street Journal stopt in Singapore

HONGKONG, 15 okt. - Het Amerikaanse financiele dagblad The Wall Street Journal (WSJ) heeft besloten zijn Aziatische editie niet meer te verspreiden in Singapore omdat de persvrijheid in dat land door nieuwe wetten verder aan banden wordt gelegd.

Dit heeft de krant vandaag meegedeeld. De Asian Wall Street Journal werd in 1987 al gedwongen de circulatie in Singapore te verminderen van 5.000 tot 400 exemplaren per dag omdat de krant zich zou hebben bemoeid met de binnenlandse politiek.

Op 30 augustus werd in Singapore wetgeving aanvaard die bepaalt dat een vergunning is vereist voor buitenlandse publicaties die in een oplage van meer dan 300 exemplaren in Singapore worden verspreid en schrijven over politieke zaken in enig land in Zuidoost-Azie. De vergunning moet jaarlijks worden vernieuwd. Tot nu toe was alleen een vergunning nodig voor bladen die worden gedrukt en gepubliceerd in Singapore. De Asian Wall Street Journal verschijnt in Hongkong.

De WSJ zegt vandaag in een hoofdredactioneel commentaar tot de conclusie te zijn gekomen dat de integriteit van de krant schade zou lijden als tegemoet wordt gekomen aan de voorwaarden van de regering van Singapore. 'Wat de regering wil is dat de buitenlandse pers zelfcensuur bedrijft. Als we daaraan beginnen zullen lezers over de hele wereld reden hebben te twijfelen aan onze geloofwaardigheid', aldus het commentaar.

De premier van Singapore, Lee Kwan Yew, kon vandaag in een gepaste omgeving reageren op het besluit van de krant. Hij verdedigde zijn persbeleid in Hongkong in een toespraak tot de Commonwealth Press Union, een organisatie die fel gekant is tegen censuur. 'Het is aan hun te beslissen. Ze mogen 400 exemplaren verspreiden en hebben er nu voor gekozen niets te verkopen', aldus Lee in antwoord op een vraag over het besluit van de WSJ. (Reuter)