Pleidooi: beperk autonomie van individuele arts

LEIDEN, 13 okt. De autonomie van de individuele dokter moet worden beperkt. Dit was de strekking van het betoog dat A. E. Meinders, hoogleraar inwendige geneeskunde in Leiden, gisteren hield op het congres van de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG).

Voor vele situaties bestaan op het ogenblik verschillende algemeen aanvaarde medische handelwijzen naast elkaar, aldus Meinders. Dit blijkt onder meer in het boek Medicine and Culture van de Amerikaanse journaliste Lynn Payer, dat in korte tijd zeer spraakmakend is geworden in de medische wereld. Zij vergelijkt medische praktijken in vier landen en komt tot de conclusie dat er tamelijk opzienbarende verschillen bestaan in wat als gangbaar medisch handelen wordt gezien in bepaalde gevallen. Zo voeren Amerikaanse zes keer zoveel bypass-operaties uit als hun Britse collega's.

Zulke verschillen bestaan ook binnen Nederland, aldus KNMG-voorzitter W. H. Cense in zijn openingsrede. Zo wordt in het ene ziekenfondsgebied 14,5 maal zo vaak een echocardiogram gemaakt als in het andere en worden in het ene vijf tot zeven maal zoveel verrichtingen gedaan op het gebied van longziekten en interne geneeskunde dan in het andere gebied. Ook bij huisartsen bestaan grote verschillen in werkwijzen, bijvoorbeeld in het verwijzen naar specialisten en het gebruik maken van allerlei diagnostische middelen.

Die verschillende benaderingen dienen te worden getoest op hun doelmatigheid, stelde Meinders. Die toetsing moet wetenschappelijk worden onderbouwd met binnenlandse en buitenlandse ervaringen. Meinders: 'Ingeslopen handelwijzen kunnen duur, onnodig en ondoelmatig zijn. Veelal zal een beperking van handelen niet leiden tot een vermindering van kwaliteit. De individuele arts mag zich niet onttrekken aan veranderingen in algemeen aanvaarde handelwijzen.' Het is duidelijk dat op deze manier de kosten van de gezondheidszorg zijn in te dammen zonder dat het ten koste gaat van de patient. Die krijgt dan immers nog steeds de beste behandeling, ongeacht de prijs. Om onnodige en ondoelmatige behandelwijzen uit te bannen is het goed functionerend nascholingsdsysteem nodig, waaraan artsen verplicht moeten deelnemen, aldus Meinders.

De econoom P. B. Boorsma, hoogleraar openbare financien in Twente, presenteerde eveneens enige onthullende onderzoeksresultaten. Zo bleek bij een vergelijking tussen achttien westerse geindustrialiseerde landen dat het percentage 65-plussers en 75-plussers nauwelijks van invloed is op de kosten van de gezondheidszorg; en dat in bijvoorbeeld Zweden en Groot-Brittannie minder medische zorg aan ouderen wordt besteed dan in de Verenigde Staten, zonder dat ouderen in die landen aantoonbaar minder gezond zijn.

De Amsterdamse hoogleraar medische psychologie L. J. Krol gaf met praktijkvoorbeelden aan hoe meer techniek niet altijd tot gezondheidswinst leidt. Doordat steeds meer moderne detectietechnieken worden toegepast, bepaalt de patient niet meer zelf of hij ziek is. Krol toonde zich bezorgd over deze ontwikkeling: 'Er is een toenemende vraag naar medische check-ups. Men wil een bewijs van gezondheid en vindt niet dat ziekte bij het leven hoort.'