Hollands dagboek

Wilma Elferink (36) is sinds 1986 voorzitter van de regio Noord-Holland van de Nederlandse Organisatie van Verloskundigen. Ze was tweede afgevaardigde voor het 22e internationale congres van de International Confederation of Midwives, dat iedere drie jaar gehouden wordt. Dit jaar in Japan. Ze woont alleen in Amsterdam en heeft geen kinderen.

Woensdag 3 oktober

Vanochtend werd ik wakker uit een loodzware coma. In mijn droom had E. W. een dochter gekregen, maar het enige beeld dat me bijstond was dat van een halve kokosnoot waarin werd geklutst. In mijn kraakheldere badkamer kwam ik langzaam bij; met de ochtendkrant in bad ben ik binnen de kortste keren weer op de hoogte van het wereldleed. Geheel fris ging ik op weg naar het pre-congres. Onze eerste councilmeeting begon om twee uur en ik kreeg er snel genoegen in om de constitution en de bylaws door een vergrootglas op haarscheurtjes te bekijken. Net voelde ik me in het circus van microfoons en oortelefoontjes met Frans, Duits, Spaans, Engels en Japans opgenomen of de voorzitster hamerde af: een kwartier daarna zaten het hele bestuur en alle 82 afgevaardigden in de bus om naar een Japanse tuin te gaan. Daar dronken we allemaal groene thee in een honnig paviljoentje. Alle struiken waren in een gestileerd silhouet gesnoeid en de aanblik hiervan ervoer ik als rustgevend. In het hoofdgebouw vond de receptie plaats met vele officiele, hooggeplaatste gasten.

Donderdag 4 oktober

Vannacht heb ik innig de wc-pot omarmd omdat een nog rauw visje weer uit zwemmen wilde gaan. Mijn collega en kamergenote voelde zich schuldig omdat ze me twee uur tevoren uit een beresnurk had gehaald met het verzoek om het ronken te dimmen. Toen is natuurlijk dat visje ook wakker geworden! In elk geval, vanochtend kwam ik te laat op de vergadering: verslapen! Mijn collega vloog uit de veren en zij was geheel gekleed maar ongepoetst nog bijna op tijd.

Voor een bevalling rees ik ook zo uit huis, maar voor een vergadering krijgt niemand me zo gek. Hartstikke te laat doch welriekend zweefde ik over de rode loper van het hotel, tussen de pilaren van de overkapping en door de openzoevende deuren het aanpalende conferentieoord binnen. 'Ons' voorstel voor vanochtend was direct aan de beurt: het woord patients in de internationale definitie van vroedvrouw te vervangen door women. Daar hebben we een uur over gediscussieerd en uiteindelijk zou op topniveau dit punt meegenomen kunnen worden als suggestie om daarmee de mogelijkheid van instemming te peilen etc. etc... bij de gynaecologen. Want ook na deze ingrijpende verandering moet de definitie in de hele wereld geaccepteerd kunnen blijven. Vroeg te bed, om slaap in te halen.

Vrijdag 5 oktober

Vanochtend meldde de krant dat er in Nederland twee mannen zijn getrouwd. Gefeliciteerd jongens! Op mijn vrije-ochtend-strooptocht naar cultuur heb ik overal naar een theater gezocht: niet te vinden. Uiteindelijk kwam ik in een cultive-parelfabriek terecht. Een video met een Wurger van Bostonstemgeluid liet zien hoe reeds geprepareerde oesters uit het water worden opgehaald, geselecteerd, in machines opengesperd, door middel van pokende ijzerwaren van een stukje dooierzak worden voorzien, dichtgeklapt en weer te water worden gelaten. Ze gaan dan een parel vormen die er bij het latere oogsten met een snel flitsend ander instrument weer wordt uitgewipt. De oester is verder waardeloos en de parel wordt in een sieraad gevat.

De middagvergadering maakte me duidelijk dat er overal op de wereld een tekort aan vroedvrouwen is. Tevens dat in de Derde wereld 99% van de maternale sterfte het gevolg is van een slecht verlopen abortus en van te veel bloedverlies bij de bevalling. Deze vrouwen gaan dood ten gevolge van het uit de hand lopen van het voortplantingsproces, dat redelijk eenvoudig ten goede gekeerd had kunnen worden. Er zijn gebieden, in Afrika, waar een vrouw de kans heeft van een op tien om hieraan dood te gaan.

Ik dacht mijn sombere stemming wat te kunnen opklaren door vanavond naar de buis te staren. Een kostuumstuk over een Shogunfamilie bracht spectaculair sabelwerk, maar ook walgelijke martelscenes. Op een ander net vertoonde men hoe tijdens allerlei sportmanifestaties mensen doodgegaan waren wegens haperende parachutes, moordaanslagen, zelfdoding en brand. Buis uit, dan maar de avondkrant. Bleek er in Liberia toch nog erger gemarteld te wezen. Wat zijn we toch in en in primitief.

Zaterdag 6 oktober

Ik ben net thuis van een korte maar krachtige bonte avond. Weer waren we uitgenodigd voor een lopend buffet, dat ditmaal veel informeler verliep. Nou vind ik de Japanners die ik tot nu toe heb meegemaakt absoluut geen stijve harken; ik mag dat wel, dat in eerste instantie hoffelijk-afstandelijke. Na de maaltijd moesten we allemaal een lied zingen. Toen ving aan een jodelen, klakken en ole-en dat pas besloten werd met het inhaken en meedeinen op de Tulpen uit Amsterdam. Om negen uur stond het hele zooitje buiten.

Overdag had hetzelfde gezelschap zich in twee bussen drie uur lang in een file voort laten zeulen. Bij aankomst moest ieder voor zich kiezen tussen w.c.-bezoek of de bezichtiging van een bladgouden paviljoen. Dit werd door een landgenote die geheel gallisch werd van de drukte en omdat ze spijt had van haar keuze, voor lelijke geelgeverfde schuur uitgemaakt. In de bus naar het volgende evenement te Kyoto kreeg ik een foldertje dat de uitleg bevatte bij wat er zojuist gefotografeerd had behoren te worden. Beter viel ook bij mij het bezoek aan een Shinto-heiligdom. Het door mij getrokken lootje - nummer dertien - bevatte de mededeling dat mijn wens in vervulling zou gaan en dat ik een lang, voorspoedig leven zou hebben. Geeft dat even lucht! De tekst in het Japans was via een Chinese en een Hongkongse in het Engels tot mij gekomen. Iedereen wist aldus van mijn geluk af en ik kreeg vele hartelijke gelukwensen. Zojuist ben ik uit mijn badje verrezen en heb ik mijn persoonlijke gestalte, waar inmiddels vele kilo's spoorloos van verdwenen zijn, in de slaapstand gelegd. Hoe zou het de jonge Eddy P. gaan, die kandidaat is voor de Provinciale Staten van Noord-Holland?

Zondag 7 oktober

Het regende de hele dag en ik ben de deur niet uit geweest. Vandaag kwamen in dit zeer luxueuze hotel ongeveer tien landgenoten aan, die alleen het congres zelf zullen bezoeken. Vroedvrouwen hebben hun hele leven jet-lags, we zijn zo gewend aan onregelmatig leven, dat niemand last van de reis lijkt te hebben. Ik houd het verslag van deze dag kort en ga lekker in de Verzen 1890 van Gorter lezen.

Maandag 8 oktober

Retteketet pats boem. Het congres danst. In de World Hall hebben zojuist zesduizend vroedvrouwen uit de hele wereld, voor het grootste gedeelte in traditionele kostuums gestoken de openingsceremonie meegemaakt. De aanstaande keizerin zat met een schattig vliegdekhoedje op het toneel en de aan weerszijden in een schuine rij opgestelde belangrijke gasten maakten telkens een buiging, eerst voor haar, dan voor de mannenrij met minister, burgemeester en professor en pas dan voor de rij vroedvrouwen. Dat veranderde toen we een vrouw als spreekster kregen; eerst de majesteit en vervolgens een buiging voor de vrouwen. Dat werd door de mannen die nog iets moesten zeggen precies zo overgenomen, doch voor elkaar bogen ze iets dieper. Na de pauze kwamen er de wat je noemt wervelende shows, met aan het eind een jazzband. Een collega in Nederland had er bezwaar tegen gemaakt dat ik me in een speciaal aangeschaft Volendams kostuum zou hullen, omdat ik dan de indruk zou wekken dat de vroedvrouwerij in Nederland een onrealistisch verschijnsel is. Maar gelukkig verscheen iedereen in vermomming, dus de twijfel die ik nog had veranderde in een gevoel van terechte feestvreugde: pas in het buitenland blijkt vaak de echte nationale kwaliteit.

Uiteindelijk, zo hoor ik hier van alle kanten, is Nederland een uniek voorbeeld in de verloskunde. Wij kennen nog de baring thuis, het verschijnsel kraamverzorgende en de vrijgevestigde vroedvrouw. Bij ons heeft de vroedvrouw een medisch beroep, al moet je daar in het buitenland niet mee aankomen, want overal elders zetten vroedvrouwen zich juist tegen het medicaliseren af en het kost telkens weer een hele discussie om duidelijk te maken dat wij daarmee bedoelen dat wij beslist geen paramedici zijn. Ikzelf ben ervan overtuigd dat het feit dat we bij de medici horen, ertoe bijdraagt dat we in Nederland uberhaupt nog bestaan. Kijk maar naar ons buurland het United Kingdom: nog vijftien jaar geleden bestond daar een bloeiende vroedvrouwerij, met thuisgeboorten in allerlei standen (2x) en nu is daar bijna niets meer van over. Onze collega's daar is de zelfstandigheid bij de wet ontnomen.

Het gevaar van een wereldcongres is dat de aandacht vaak naar de meest noodlijdende gaat, terwijl juist in hooggeindustrialiseerde landen kortgeleden nog perfect werkende systemen van eerstelijns verloskunde ondergesneeuwd dreigen te raken door technologisering. Wat het milieu betreft weten we inmiddels dat te veel interventie niet gezond is, voor het stimuleren van de vroedvrouwerij zijn we zeker nog niet toe opnieuw dat wiel uit te vinden. De titel van dit congres is A midwife's gift - love, skill and knowledge. De volgorde is kenmerkend, want zonder liefdevolle begeleiding een kind krijgen is een kille bedoeling. Waar ik me echter behoorlijk kwaad over kan maken is dat er aan het geven van deze liefde niet een behoorlijk prijskaartje hangt. Heeft u ooit een rijke vroedvrouw gezien? Ik niet. Wel valt me op dat, als een vakgenoot er warmpjes bijzit, of heel verschrikkelijk hard werkt, of aangeleund is bij een geldinbrengende partner. Wist u dat het honorarium voor de gehele begeleiding van eerste zwangerschapscontrole tot en met het nacontrolebezoek zes weken na de bevalling - als dit door een particuliere ziektekostenverzekeraar wordt uitgekeerd - fl.731, -- bedraagt? Een fooi, niet waar. Waarom wordt dit beroep, dat van oudsher voor vrouwen een mogelijkheid is geweest om zelfstandig te werken, zo slecht gehonoreerd, ik leg u de vraag maar voor. Vierentwintighonderd gulden schoon in het handje, meer kan er niet van af, of je nu jong of oud bent. Over oud gesproken: hoeveel collega's van boven de vijftig heb ik die er een bloeiende praktijk op nahouden? Ik vrees zeer weinig. Je kunt er nooit iets mee opbouwen, noch financieel, noch in waardering, door in een of ander adviesorgaan te werken. Juristen bij voorbeeld hebben in allerlei lagen van de maatschappij werk en invloed, wij niet. Zou het leger geen vroedvrouw kunnen gebruiken, een multinational, of de politiek?

Dinsdag 9 oktober

In de ochtendkrant staat het congres op de hele binnenpagina beschreven, met foto's. Elke dag wordt er op radio en tv aandacht aan besteed. Ik kreeg een eerstedag-envelop met een speciaal vervaardigde postzegel erop. Ze maken er hier veel werk van. Wat jammer dat Japan zo weinig aandacht aan de positie van vroedvrouwen in eigen land besteedt. Je kunt hier van het vak niet meer leven, zo zei me een oude Japanse collega aan wie ik mijn uit Nederland meegenomen baarkruk demonstreerde. Met dit ding hebben we ons getweeen tussen de verkopers van medische spullen genesteld, die natuurlijk voor hun plaatsje betaald hadden. Uiterst geinteresseerd bekeken zij het model - en ze lieten zich er rondom fotograferen. Een koddig gezicht, tien keurig in identiek pak gehesen mannen rond een simpel baarkrukje. Tegen de drommen bezoekers die langstrokken zeiden we dat de kracht van de gewone bevalling niet in een hulpstuk zit, maar in de visie erachter, de uitleg over de triomf der techniek maar aan de buren overlatend met hun toestellen, nappen, en steunkousen.

Ongeveer tien dagen ben ik nu in Japan en het enige dat ik gezien heb zijn het hotel, de congrescentra eromheen en het verkeer vanuit de bus. Het geeft me een beperkt en kunstmatig gevoel. Hoe zou het met mijn moeder gaan, mijn dierbaren en heeft vriendin Charlotte al gebaard? Leven de cavia's nog en mijn studiemaatjes (recht, jawel). Ik neem me voor om meer vrije tijd te nemen en in de tuin flink van alles terug te snoeien. Maar voorlopig zit ik nog een week aan de andere kant van de wereld. Het grote voordeel is het heerlijke eten. Gisteren aten we gevieren in een sushi-restaurant, walgelijk lekker. Gauw dit stukje door de fax gejaagd en dan ga ik daar nog maar eens kijken.