ALETTA JACOBS

Vraag iemand een Nederlandse feministe te noemen en tien tegen een dat de naam Aletta Jacobs valt. Vraag dezelfde persoon of hij de biografie van Aletta Jacobs heeft gelezen en dikke kans dat hij beschaamd zegt: wel van gehoord ja, prachtig boek, maar helaas, nooit aan toegekomen.

Er is alle reden om die biografie wel te lezen. Aletta Jacobs (1854-1929) verdiende het predikaat ' de belangrijkste Nederlandse feministe tot nu toe' niet zomaar. Deze dochter van een vrijzinnig joodse arts uit Sappemeer was in talloze opzichten een pionier: zij was het eerste Nederlandse meisje dat een middelbare school bezocht, de eerste studente en de eerste promovenda. Als eerste vrouwelijke arts was zij op een indrukwekkend aantal terreinen actief. Zij richtte de Neo-Mathusiaansche Bond op, introduceerde het pessarium in Nederland, streed zo'n vijftien jaar lang voor zitgelegenheid voor winkelmeisjes, zette zich onvermoeibaar in voor prostituees, verpleegkundigen, de wereldvrede, vrouwenkiesrecht, richtte een politieke partij op en schreef een kolossaal aantal artikelen. Ook in het buitenland was zij een beroemdheid. Zij bereisde de hele wereld en correspondeerde met de voornaamste feministen uit haar tijd. Haar priveleven was minstens even boeiend en zelfs haar echtgenoot, Carel Victor Gerritsen, zou zonder meer een aparte biografie verdienen.

Voor diegenen die zich door dit korte resume ervan hebben laten overtuigen dat ze dit boek nu eindelijk eens ter hand moeten nemen, is er slechts een probleem: de biografie van Aletta Jacobs bestaat niet. Sterker nog: er is zelfs nog nooit een televisiedocumentaire over haar gemaakt. Twee Groningse vrouwen zijn dit al een paar jaar van plan, maar hebben het benodigde geld nog niet bij elkaar kunnen krijgen.

Dit is er wel: een flink aantal gepopulariseerde artikelen, enkele deelstudies, brievenbundels en een autobiografie. Die autobiografie, getiteld Herinneringen, verscheen in 1924 en werd in 1978 herdrukt. Volgens Inge de Wilde (50) is het bestaan van deze autobiografie een van de redenen waarom het nooit tot een wetenschappelijke studie is gekomen. ' Men denkt: 'Ach, ze heeft het zelf al gedaan.' Natuurlijk zijn haar autobiografische geschriften een zeer waardevolle bron, maar het spreekt voor zich dat ze ook onderwerpen heeft verzwegen. Zoals haar zorgelijke financiele situatie op het eind van haar leven en enkele conflicten, waaronder die met haar pleegkind. Bovendien: na het verschijnen van haar autobiografie heeft ze nog vijf jaar geleefd.'

Inge de Wilde houdt zich sinds elf jaar met Aletta Jacobs bezig. Ze is werkzaam aan de Rijksuniversiteit Groningen, en toen dit instituut in 1979 het honderdjarig jubileum vierde van de promotie van Aletta Jacobs, schreef De Wilde het boekje Aletta Jacobs in Groningen , een studie over Jacobs' jeugd en studiejaren, herdrukt in 1985. Recentelijk schreef zij de levensbeschrijving van Jacobs in het Biografisch woordenboek van het socialisme en de arbeidersbeweging in Nederland , een uitgave van het IISG.

Volgens De Wilde zijn er nog drie andere redenen, naast de autobiografie, waarom er nog steeds geen wetenschappelijke biografie over Aletta Jacobs bestaat. In de eerste plaats komt dat omdat Jacobs zich met zo ontzettend veel zaken heeft beziggehouden. Bovendien was de hele wereld haar werkterrein. ' In archieven over de hele wereld zijn, denk ik, stukken van haar te vinden - als je het goed wilt doen moet je die plaatsen bijna allemaal afreizen. En natuurlijk moeten haar ideeen tegen een historische achtergrond worden geplaatst. Kortom: het is gewoon een gigantische klus.'

Toch zou die klus volgens de Wilde in vijf tot zeven jaar kunnen worden geklaard , mits iemand er fulltime aan kan werken. Dat er in het afgelopen decennium, waarin vrouwenstudies zich ontwikkelde tot een belangrijke studierichting aan de Nederlandse universiteiten, nooit iemand is opgestaan om dit project te ondernemen, is volgens De Wilde gemakkelijk te verklaren. ' Feministische historici hebben zich in het verleden juist afgezet tegen de geschiedenis van de Grote Mannen. Men wilde niet in dezelfde fout vervallen en een geschiedenis van Grote Vrouwen schrijven. De nadruk is dus meer komen te liggen op bewegingen in plaats van op individuen.'

Maar waarom schrijft De Wilde die biografie niet zelf? ' Ik moet eerlijk zeggen: ik zie op tegen de enorme hoeveelheid werk. Bovendien moet een biografie volgens mij tussen kunst en wetenschap inzitten - het moet heel goed geschreven zijn en ik twijfel of ik dat kan. Maar ik heb het nog niet helemaal uit mijn hoofd gezet en ga door met mijn onderzoek.'

Er is zeker een markt voor een biografie van Aletta Jacobs. Toegegeven, het boek Lieve Dr. Jacobs. Brieven uit de Wereldbond voor Vrouwenkiesrecht, 1902-1942 (Amsterdam 1985), geschreven door Mineke Bosch en Annemarie Kloosterman, ligt al geruime tijd bij Van Gennep in de ramsj. Maar tegelijkertijd bestaat er voor dit boek internationale belangstelling: het wordt vertaald en binnenkort in Amerika op de markt gebracht. Hetzelfde geldt voor de Herinneringen van Jacobs, die in 1992 in de Verenigde Staten worden gepubliceerd. Op dit ogenblik is men hard bezig met de vertaling. ' Jacobs is in Amerika nog steeds een bekende persoonlijkheid, ' verklaart De Wilde deze transatlantische belangstelling. ' Bovendien beschrijft ze in haar autobiografie uitvoerig haar reizen door Amerika.'

Nederlandse lezers zullen voorlopig echter geduld moeten hebben. Inge de Wilde is nu bezig met de samenstelling van een brievenbundel - vijftig ongepubliceerde brieven uit de laatste twintig jaar van het leven van Aletta Jacobs. Ook dit boek zal in 1992 verschijnen. Datzelfde jaar zal de Rijksuniversiteit Groningen voor de tweede maal de Aletta Jacobsprijs uitreiken aan iemand die zich verdienstelijk heeft gemaakt op het gebied van het feminisme. Dat die prijs pas sinds een jaar bestaat is niet zo gek. Op de biografie van Aletta Jacobs wordt immers al ruim zestig jaar gewacht.