Ambassadeur in Koeweit naar Bagdad

DEN HAAG, 12 okt. De Nederlandse ambassadeur in Koeweit, drs. J. F. R. M. Veling, is gisteravond per auto in Bagdad aangekomen. De regering heeft hem uit Koeweit laten vertrekken 'omdat de fysieke omstandigheden hem een verder functioneren onmogelijk maakten', zo staat in een verklaring van Buitenlandse Zaken.

Veling was de laatste Nederlandse diplomaat in Koeweit. Eerste secretaris Damoiseaux en kanselier Van Hese zijn eerder naar Bagdad gereisd. Evenals Veling kunnen ze het land niet verlaten, omdat ze niet aan de opdracht van de autoriteiten in de Iraakse hoofdstad hebben voldaan om voor 24 augustus de ambassade in Koeweit te sluiten. Bagdad beschouwt hen niet meer als diplomaten.

Welke status Nederland nu aan de ambassadeur en zijn beide medewerkers verleent, is nog onduidelijk. Vanmorgen is op het ministerie van buitenlandse zaken besloten daarover eerst in contact te treden met de andere EG-landen, van wie een aantal diplomaten in soortgelijke omstandigheden verkeert. Ook is nog geen besluit genomen over de vraag of Veling binnen de Nederlandse ambassade in Bagdad een formele diplomatieke functie krijgt.

De ambassade in Koeweit blijft formeel geopend, aangezien de Nederlandse regering de annexatie van Koeweit door Irak niet erkent. De belangen van de vijf Nederlandse mannen, die om persoonlijke redenen in Koeweit wilden achterblijven, worden nu behartigd door de Britse ambassadeur. De Nederlandse ambassadeur in Bagdad, dr. N. van Dam, heeft opdracht gekregen nogmaals bij de Iraakse autoriteiten te protesteren tegen de wijze waarop het functioneren van de ambassade in Koeweit onmogelijk is gemaakt. Het optreden tegen de ambassade wordt gezien als 'een flagrante schending van het internationale recht, met name de Conventie van Wenen', zo staat in een verklaring van het ministerie.