'Geen overlast bij bouw van ondergrondse tram'

UTRECHT, 11 okt. De aanleg van een ondergronds sneltramtrace onder de Utrechtse binnenstad is mogelijk zonder dat dit veel overlast veroorzaakt voor bewoners en middenstand. Dat blijkt uit onderzoeken die op verzoek van B en W van Utrecht zijn uitgevoerd door Volker Stevin/NBM Amstelland en Ballast Nedam. De twee onderzoeken zijn vanmiddag in Utrecht gepresenteerd.

De wegen- en tunnenlbouwers pleiten voor het ondergronds boren van de tunnelgangen, in plaats van te werken met bouwputten. Van het ondergronds boren merkt de omgeving vrijwel niets. Alleen voor de bouw van in- en uitgangen zijn bovengrondse bouwwerkzaamheden nodig. Een voordeel van het ondergronds boren is bovendien dat de stratenlijn niet gevolgd hoeft te worden, aldus de onderzoekers. De tunnelgangen lopen dwars onder gebouwen, leidingen en grachten door. In totaal zijn drie ondergrondse varianten voor het sneltramtrace uitgewerkt. De goedkoopste route loopt voor een deel boven de grond.

Eerder dit jaar presenteerden B en W al twee bovendgrondse varianten voor de aanleg van een sneltramtrace. Ze werden elk begroot op ongeveer 150 miljoen gulden. De realisering van een ondergronds sneltramtrace is twee a drie keer duurder dan een bovengrondse lijn. Wat de nu gepresenteerde plannen precies gaan kosten wilde een woordvoerster van de gemeente Utrecht nog niet zeggen.

In november overleggen B en W met het ministerie van Verkeer en Waterstaat. De gemeente wil dat het ministerie een groot deel van de kosten betaalt, wanneer de plannen doorgaan.

De nieuwe sneltram moet het centraal station van Utrecht gaan verbinden met de Uithof, waar de universiteit en het academisch ziekenhuis zijn gevestigd. In de route zullen ook voorzieningen als het Vredenburg worden opgenomen om daarmee het vervoersaanbod zo aantrekkelijk mogelijk te maken. De tram zal aansluiten op de sneltram die rijdt van Nieuwegein naar het Centraal Station in Utrecht. Mogelijk wordt het traject later doorgetrokken tot Zeist.