CDA boekt succes met devies meedoen of weggaan

Slechts 'een klein beetje verdrietig' was premier Van Agt in 1980 op de dag dat 'zijn' KVP een week voor de officiele oprichting van het CDA werd opgeheven 'Twee traantjes wegpinken, uit elk oog een. Maar wij zijn een blijmoedig volkje, dus treuren wij niet lang. Wij gaan nu met frisse moed het CDA in, want dat is toch een prima zaak.' Op 11 oktober 1980 kon hij in het Haagse Congresgebouw als eerste CDA-leider de nieuwe partij toespreken: 'Vandaag zijn wij als een partij begonnen aan een nieuwe inspanning ter vervulling van de taak het evangelie gestalte te geven in ons antwoord op de maatschappelijke vragen van nu.'

Negen maanden later kon de kiezer voor het eerst zijn stem uitbrengen op die ene christelijke partij. Het CDA verloor een zetel. Ruim een jaar later mocht Nedeland weer naar de stembus en het CDA verloor opnieuw, nu drie zetels. De christen-democraten leken hun vertrouwde plaats op de glijbaan weer te hebben ingenomen.

Hoe anders is de situatie anno 1990. Het gaat goed met het CDA, zeer goed. De partij staat nu al jaren op winst. De twijfel is volledig weg. Christen-democratische jongeren dragen zonder enige gene 'sportieve' sweaters met het opschrift 'We are the champions'. De uitspraak van het Kamerlid Van Iersel 'We run this country', is onder CDA-ers inmiddels een gevleugelde uitdrukking geworden. Natuurlijk had 'Joost' het nooit zo hardop mogen zeggen vindt iedereen, maar gelijk had hij wel.

Blakend van zelfvertrouwen zal de CDA-top vanavond in Noordwijkerhout dan ook een toast uitbrengen op het tienjarig bestaan van de partij. Daar wordt ter gelegenheid van het eerste decennium van het CDA een driedaags symposium gehouden over 'de betekenis van de christen-democratische politieke overtuiging voor de komende tien jaar in Europese context'. Na Nederland is de rest van de wereld te winnen.

CDA'ers raken er dezer dagen niet over uitgepraat: Wat waren de reserves bij de buitenwacht groot en wat een succes is de definitieve samensmelting van Katholieke Volkspartij, Anti Revolutionaire Partij en Christelijk Historische Unie geworden. De christelijke partijpolitiek zou uitsterven zeiden de critici, de praktijk is dat het CDA onder jongeren populairder is dan de PvdA, VVD of D66. Het CDA zou als regeringspartij vermalen worden door de niet confessionele coalitiepartners die immers de het tij meehadden. In de praktijk is het tegendeel gebleken: wie met het CDA meeregeert wordt vermorzeld. Eerst de VVD, en nu lijkt de PvdA hetzelfde te overkomen. Kok en Lubbers gingen als vrijwel gelijkwaardige partners het kabinet in, maar volgens de laatste opiniepeilingen verliest de PvdA aanzienlijk en wint het CDA.

Het gaat goed met het CDA. Maar waarom toch? In het jongste nummer van Christen Demcratische Verkenningen, het wetenschappelijk bureau van het CDA, zegt professor Zijderveld, hoogleraar algemene sociologie aan de Erasmus Universiteit: 'Ondanks de ontkerkelijking en dankzij de levensbeschouwelijke ontzuiling wordt ons land cultureel niet gekenmerkt door ontkerstening en paganisering: we zijn nog steeds voor het merendeel een christelijke natie.'

Dat is de wetenschappelijke invalshoek. Voor de nuchtere benadering is er niemand geschikter dan oud minister en oud ARP-voorzitter De Koning. In het dagblad Trouw van afgelopen zaterdag vatte hij op de hem zo kenmerkende wijze het succes van het CDA samen: 'Kijk, het is in wezen eenvoudig. Ik denk dat we met het CDA gewone mensen zo kunnen aanspreken dat ze bereid zijn om een meter verder te gaan dan waartoe ze van nature zijn geneigd. De mens moge geneigd zijn tot alle kwaad, zelfzuchtig. Maar met een beroep op het beginsel prikkelt het CDA hem zich iets royaler iets minder zelfzuchtig op te stellen. Met dat beroep heeft het CDA het gered en daarmee ook onderscheiden we ons van zowel de PvdA als de VVD.'

Rustig aan, dan breekt het lijntje niet, dat is de afgelopen jaren de gouden formule van het CDA. Het betekende dat allereerst de discipline in de partij zelf moest worden hersteld. Geen ruzies dus en al helemeel geen 'dissidenten'. Meedoen of de partij verlaten, was in 1980 het dringende advies van (toen nog gewoon Kamerlid) Van den Broek aan zijn partijgenoten nadat een deel van de fractie opnieuw afwijkend stemgedrag had vertoond. En zo gebeurde. De interne critici vertrokken uit zichzelf (Goudzwaard), werden weggepromoveerd (Van Houwelingen), of werden hardhandig verwijderd (Scholten en Dijkman). Eenheid was het leidende beginsel. Het eerste bewijs werd geleverd tijdens de kruisrakettendiscussie, waar de fractie, althans naar buiten toe, een lijn trok. In 1982 werd ook vrijwel geruisloos de financieel-economische paragraaf uit het VVD verkiezingsprogramma door het CDA overgenomen en tot regeringsbeleid opgewaardeerd. Lubbers won er vier jaar later glansrijk negen zetels mee, terwijl de VVD het nakijken had en hetzelfde aantal zetels verloor.

Op dezelfde geruisloze wijze kon in 1989 weer de draai naar de inmiddels veranderde PvdA worden gemaakt. Het kon, omdat het CDA zich in de lijn van De Koning, niet verder dan een meter verwijderde dan waartoe de burgers van nature geneigd zijn. Succes kan echter ook verblinden en bij enkelen binnen het CDA nemen zorgen toe. De partij staat electoraal enorm sterk, maar er is veel schijn bij. Van de 163.000 leden die er ten tijde van de fusie waren, zijn er nog maar 125.000 over. In feite heeft het CDA alleen maar gewonnen onder Lubbers. Met andere woorden: Lubbers wil na deze kabinetsperiode weg. Maar kan hij eigenlijk wel weg?