Behandeling van Ira-zaak aangehouden

ROERMOND, 11 okt. De rechtbank in Roermond heeft vanmorgen op verzoek van de officier van justitie mr. J. Laumen de behandeling van de zaak tegen de Ieren Gerard H. en Sean H. tot 27 november aangehouden. Dit gebeurde al eerder met de zaak tegen Paul H..De drie Ieren worden ervan verdacht betrokken te zijn geweest bij de IRA-aanslag op 27 mei in Roermond. Zij waren pro forma gedagvaard omdat de maximale termijn voor hun inbewaringstelling dezer dagen verstrijkt. Alle drie de verdachten worden beschuldigd van moord op twee Australische toeristen en van het lidmaatschap van een organisatie die het plegen van misdrijven tot oogmerk heeft. Het openbaar ministerie had om het uitstel gevraagd omdat het complexe onderzoek nog niet is afgerond.

Of de vierde verdachte, de 23-jarige Donna M., samen met de drie andere verdachten terecht zal staan, is niet waarschijnlijk. De vrouw zit in Belgie gevangen in afwachting van een beslissing van de Belgische regering over haar uitlevering, die pas op 9 november genomen wordt.

De drie mannen weigerden mee te werken aan het onderzoek. Geen van de drie heeft gezegd lid te zijn van de IRA. Officier van justitie Laumen liet vanmorgen echter twee recente IRA-publicaties zien, waarin de aanslag in Roermond werd vermeld en waarin Donna M., Gerard H. en Paul H. als 'krijgsgevangenen' werden bestempeld. Een andere aanwijzing voor hun IRA-lidmaatschap is volgens Laumen dat in het Haagse appartement dat door de Nederlandse vriendin van een van de mannen, Ingrid H. was gehuurd, vingerafdrukken zijn gevonden van D., die dinsdag door de Engelse politie is doodgeschoten. D. is volgens Laumen de man die samen met de eerdere vriend van Ingrid H., C., Sean H. bij haar heeft geintroduceerd.

De drie verdachten zullen volgende week worden onderworpen aan een 'Oslo-confrontatie'. Daarbij wordt iedere verdachte samen met vijf willekeurige personen getoond aan getuigen.