Rekenmeesters hebben geen kind aan politiek

DEN HAAG, 10 okt. De ambtenaren van minister Kok (financien) zaten gisteren tijdens de algemene beschouwingen onderuitgezakt in de ambtenarenloge. Geen der politieke partijen had dure wensen of onverwachte plannen die gaten in de begroting zouden slaan. Het gebruikelijke schadelijstje bleef blanco. Tot hun verbazing was er zelfs een partij (D66) die de inkomsten wilden verhogen. Het zou 'de financiele jongens' geen moeite kosten om de repliek van Lubbers en Kok voor te bereiden.

Dat zal over een paar maanden anders zijn het kabinet heeft veel zware financiele beslissingen vooruitgeschoven. Het politieke debat schuift er achteraan. De regeringspartijen voelden zich gisteren ontslagen van de verplichting hun meningsverschillen uit te vechten. Maar deze liggen wel op de loer. Brinkman wil eind dit jaar een verdere koppeling tussen lonen en uitkeringen ter discussie stellen. En Woltgens maakte duidelijk dat wie aan de koppeling komt, het hart van de PvdA zal raken.

Vandaag en morgen was er alleen werk voor de raadadviseurs van de minister-president. Lubbers is uitgenodigd om te reageren op filosofische beschouwingen van de vier grote partijen over de normloosheid in de samenleving en falende politiek. Deze zomer waren de instrumenten voor dit debat al gestemd: Brinkman was begonnen met een radicaal artikel, Woltgens antwoordde per speech, Lubbers verklaarde tussendoor dat 'Nederland ziek' was. Gistermiddag was daarvan in de Kamer een canon te horen.

Zo hield Woltgens een verhaal over 'verslonzing' en het noodzakelijk herstel van de 'burgerzin'. Tegelijkertijd pleitte hij voor 'gelijkberechtiging en zelfstandigheid'. 'Als mensen iets merken van de rechten die zij hebben, zijn zij eerder aan te spreken op de plichten', zo bracht Woltgens een eigen accent aan. Maar daarna hakte hij in op de 'permissieve' overheid die het handhaven van normen lijkt op te geven, het zwartrijden niet aan kan en bij fraudebestrijding klassejustitie bedrijft. 'Wie de belastingen tilt heeft goede kans daar lichter vanaf te komen dan wie zwart werkt en een uitkering heeft'. Het moet maar eens afgelopen zijn, was zijn teneur.

De nieuwe flinkheid van de Amsterdamse PvdA heeft snel school gemaakt bij de partijgenoten aan het Binnenhof, zo lijkt het. Maar vergeleken bij Brinkman stak Woltgens' verhaal nog flauw af. De CDA-fractieleider legde veel minder nadruk op het tekortschieten van de overheid. Hij zei ronduit dat er kwaadwillende en goedwillende burgers zijn. 'De een betaalt toch wel, een ander maakt daar te listig gebruik van.'

Waar Woltgens zich voorzichtig voorstander toonde van een beperkte legitimatieplicht bij zwartrijders, was Brinkman radicaal. Alle verhalen over de inbreuk op de privacy veegde hij met een grote zwaai van tafel.

Burgers die rechten bij de overheid claimen mogen zich niet verschuilen. Legitimatieplicht is volgens hem 'een dringende sociale noodzaak'. Het wordt tijd voor 'minder maatschappelijke vrijblijvendheid'. De gemeenschap die wordt benadeeld heeft 'net zoveel rechten' als de anonieme verdachte.

Bij de VVD was men na jaren hameren op dit aambeeld kennelijk vermoeid fractieleider Bolkestein zei er geen woord over. De liberalen probeerden de politieke agenda te bepalen door het begrip 'het democratisch tekort' in het leven te roepen. Daarmee doelde Bolkestein op 'het ontglippen van bevoegdheden aan de volksvertegenwoordiging naar Brussel, het maatschappelijk middenveld en de rechterlijke macht'. Maar die analyse was al gemaakt, door Woltgens in zijn Eindhovense rede toen hij het falen van de politiek besprak, het tweede thema tijdens de algemene beschouwingen van gisteren.

Het was uiteraard fractievoorzitter Van Mierlo (D66) die zich een debat, waarin de boekhouders zich relatief koest hielden, niet kon laten ontglippen. Hij bracht het geweeklaag over normvervaging rechtstreeks in verband met de onmacht van Den Haag. Volgens Van Mierlo heeft normloosheid, de 'individualisering van de ethiek', alles te maken met het wegvallen van traditionele verbanden. Dat raakt volgens hem het hart van de Nederlands politiek 'die unieke overleg- en pacificatiedemocratie, die een typisch produkt was van die unieke, maar inmiddels overleden zuilenmaatschappij'. Door die ontzuiling is volgens hem 'de legitimatie van het gezag verdwenen'.

Van Mierlo vroeg zich af 'wanneer we eindelijk de moed opbrengen onder ogen te zien hoe verstrekkend de consequenties zijn voor onze politieke cultuur en onze democratie'. Hij voorspelde dat het nog wel geruime tijd zal duren voordat de crisis in de politiek is opgelost, omdat de regeringspartijen op dat punt lijnrecht tegenover elkaar staan. De PvdA wil een restauratie van de macht van de centrale overheid. Het CDA wil juist decentraliseren en ontkent daarmee volgens hem dat Nederland ontzuild is.

Volgens Van Mierlo is het een fictie van het CDA om te denken dat particuliere instellingen als ziekenhuizen en scholen dichter bij de burger staan. 'De koepels, de overlegorganen, de adviesorganen, de ziekenhuizen, de schoolbesturen, zijn niet 'bottom-up', maar 'top-down'. De scholen zijn niet van de ouders, de ouders zijn van de scholen'. Ook Bolkestein keerde zich tegen het middenveld zoals het CDA dat voor ogen heeft. 'Indien overheidstaken worden overgelaten aan organisaties van het maatschappelijk middenveld dreigt het gevaar van machtsposities jegens anderen, die niet tot de kring der initiatiefnemers behoren maar wel op de diensten zijn aangewezen.' Volgens De VVD-fractievoorzitter kan voor de verzuiling 'tegen het einde van de twintigste eeuw toch geen rechtvaardiging meer worden aangevoerd'.

Van Mierlo schetste een beeld van de Nederlandse democratie waar alles in orde was toen iedere groep met eigen leiders in een eigen zuil woonde. Maar nu staat er in Nederland nog slechts 'een ingestort zuilenveld waarboven op mysterieuze wijze een dak zweeft, dat op niets meer rust'. Het CDA stond alleen in zijn oplossing voor het 'democratisch tekort', maar deed de aanmerkingen van de anderen af als 'architectonische kritiek op de samenleving'. Brinkman ontkende uit te zijn op een herzuiling. Volgens hem wordt 'al te gemakkelijk een karikatuur van de hedendaagse open samenleving gemaakt', terwijl de christendemocraten daar allang geen aanleiding meer toe geven. In het middenveld is de inspraak allang doorgedrongen: geen school- of ziekenhuisbestuurders is volgens hem meer 'anoniem achter loket of enveloppe'. Van Mierlo was nog niet onder de indruk: hij wil meer directe democratie 'meer verbindingspunten tussen kiezers en overheid'. Die weg 'is nog lang', aldus Van Mierlo.