Koppeling Golfcrisis en Palestijnen bijna onafwendbaar; PLO opent in Jeruzalem een tweede front voor Saddam

AMSTERDAM, 10 okt. De PLO en Saddam Hussein hebben een meesterzet gedaan en een grote overwinning op hun vijanden behaald. Dat was gisteren de unanieme overtuiging van zowel Israel als de anti-Saddam-Arabieren. De dood van zeker 21 moslims op de Tempelberg in Jeruzalem na Mekka en Medina de derde heilige plaats van de islam heeft waarschijnlijk volbracht wat de anti-Saddam-coalitie zo graag had willen vermijden: een koppeling tussen de Golfcrisis en de Palestijnse crisis.

Weliswaar houden de Westerse mogendheden officieel vol dat er geen sprake is van zo'n koppeling. Maar de politieke werkelijkheid is dat het Westen de grootste moeite zal hebben om zijn Arabische bondgenoten binnen boord te houden in de anti-Saddam-coalitie zonder zeer scherp uit te halen tegen Israel.

De Koeweitse ambassadeur in Washington is zich bewust van dit vooral voor president Bush zo grote dilemma. Hij zei gisteren verontwaardigd voor de Amerikaanse tv dat de door de PLO geinstigeerde actie op de Tempelberg in Jeruzalem bedoeld was geweest om de aandacht van de Golfcrisis af te leiden.

Leila Shaheed, de nieuwe PLO-vertegenwoordigster in Den Haag, spreekt naar aanleiding van de bloedige rellen in Jeruzalem over 'de tweede ronde van de intifadah'. Inderdaad was de Palestijnse volksopstand sinds ongeveer twee weken weer ontwaakt na een sluimer van enkele maanden, waarin de Palestijnen vrijwel alleen elkaar vermoordden. Maar het karakter van de opstand is duidelijk veranderd: niet langer gewelddadige massademonstraties, doch aanvallen van kaders van de door de intifadah gevormde 'Volkscomite's' en 'het Volksleger', alsmede bliksemsnelle aanvallen van kleine, individueel opererende strijdgroepjes, conform het principe van de klassieke guerrilla. Daarbij werd het gebruik van vuurwapens niet langer geschuwd.

Zo werd bij voorbeeld eind september een uitkijkpost van het Israelische leger aan de ingang van het dorp Halhoel, vlakbij Hebron, door drie gemaskerde mannen met vuurwapens bestookt. Aangezien er geen slachtoffers vielen en de Israelische militairen niet terugschoten, was het een van die talloze incidenten die zeker in een tijd dat de Golfcrisis alle aandacht opeiste de media niet haalden.

Intifadah

Maar het opmerkelijkste was dat de leiding van de intifadah kennelijk haar uiterste best deed om Jeruzalem in het brandpunt van de opstand te brengen. Die beslissing werd voor een deel genomen wegens de gebrekkige aandacht van de kant van de Westerse media en politici voor de intifadah.

Bovendien was men binnen Palestijnse kring al geruime tijd ontevreden over het gebrek aan strijdlust van de Jeruzalemse Palestijnen, die zich in een gepriviligeerde positie bevinden. Zij hebben het over het algemeen beter dan hun volksgenoten in de Westelijke Jordaanoever, die het op hun beurt weer beter hebben dan de op elkaar gepakte inwoners van de Gazastrook.

Aangezien de Israeliers er alles aan is gelegen om Jeruzalem rustig te houden, richtte de strategie van de leiding van de intifadah zich erop om de Palestijnen in Jeruzalem tot grotere opstandigheid te bewegen. Daarmee konden dan meteen de Israelische mededelingen worden gelogenstraft dat Israel ter plaatse alles onder controle had.

De afgelopen weken nam dan ook in Jeruzalem het aantal aanvallen van individuele, gemaskerde Palestijnen beduidend toe. Zij vielen politie-patrouilles aan en staken alleen lopende joden een mes in de rug. Bovendien werden elke dag auto's van Israeliers, die aan hun gele nummerbord herkenbaar zijn, in brand gestoken gemiddeld drie per dag.

Het was voor de ingewijden al enige tijd duidelijk dat de aanvallen te systematisch waren om nog te kunnen spreken van individueel geweld. Alles wees op een politieke beslissing die zeer waarschijnlijk door Yasser Arafat zelf werd genomen. Feit is dat een van de intifadah-leiders eind september reeds aankondigde dat 'wij in Palestina een tweede front zullen openen. Dat is het beste wat we kunnen doen om zowel Saddam Hussein als het Palestijnse volk te helpen.'

Heilige Oorlog

Volgens diverse, zeer goed ingewijde Israelische bronnen was de verzamelde menigte jongeren op de Tempelberg bijeengebracht door een coalitie van Al Fatah (de Palestijnse groepering onder leiding van Yasser Arafat), Hamas (een los verband van diverse fundamentalistische Moslim Broedergroepen) en pro-Jordaanse Palestijnen. Zij beeindigden onlangs hun dodelijke rivaliteit en sloten een wapenstilstand.

Zo is het te verklaren dat de gebedsleider van de Aqsa-moskee, die een volgeling is van koning Hussein van Jordanie, afgelopen vrijdag de gelovigen opriep tot de jihad, de heilige oorlog om het islamitische land te verdedigen tegen een dreigende overval van de joden. Hij refereerde aan de plannen van een groepje godsdienstfanaten, de 'Getrouwen van de Tempelberg' onder leiding van Gershom Solomon, die al sinds jaren ijvert voor de herbouw van de Tweede Tempel, die door de Romeinen in het jaar 70 met de grond gelijk werd gemaakt. Dat op diezelfde plaats inmiddels twee moskeeen zijn gebouwd, deert hem en zijn aanhangers niet. Zij stellen dat de moslims joodse heilige grond hebben 'bezet' en dat ze die willen bevrijden. Zij trekken zich dan ook niets aan van het uitdrukkelijke verbod van de rabbijnen om zelfs maar die zeer, zeer heilige plek te betreden.

Heilige plaatsen zijn per definitie voer voor onheilige daden en boeiende leerstof voor psychiaters. Ze worden dat des te meer als hun religieuze heiligheid direct in verband komt met modern nationalisme. Dat geldt in gelijke mate voor de joden als voor de Palestijnen. Zelfs Palestijnse christenen ervaren de Aqsa-moskee als een zeer belangrijk centrum voor hun nationalisme, op precies dezelfde wijze waarop niet-orthodoxe joden de Klaagmuur, die op slechts enkele meters afstand staat, als hun nationale symbool zien. Wie op zo'n plek onlusten uitlokt, is of gek of een politiek genie.

Gershom Salomon en zijn aanhang zijn een totaal onbelangrijk randverschijnsel; zij worden in Israel door vrijwel niemand au serieux genomen.

Jaar in jaar uit proberen zij op de Tempelberg van hun ideaal te getuigen en altijd opnieuw wijst de politie hun verzoeken van de hand. Zo ook drie weken geleden. Het Israelische Hooggerechtshof bevestigde nog eens deze uitspraak. De groep was dan ook niet op de Tempelberg toen de onlusten uitbraken, zoals de Palestijnen hebben gemeld.

Maar de oproep tot de jihad en het gerucht van hun aanwezigheid waren in het klimaat van opwinding en politieke gefrustreerdheid al voldoende. Meer dan drieduizend Palestijnen hadden zich bij de moskee verzameld. Zij gingen volgens ooggetuigen op drie plaatsen tegelijk in de aanval om de heilige plaatsen te verdedigen. Beneden bij de Klaagmuur werden ongeveer 20.000 biddende joden op een hagel van stenen getracteerd en op de Tempelberg zelf werd het politiebureau aangevallen en in brand gestoken.

Volgens een woordvoerder van de grenspolitie was de aanval 'klaarblijkelijk minutieus voorbereid'. Hij zei dat de deuren die uitkomen op het plein tussen de twee moskeeen van binnen waren afgesloten met vaten vol stenen. Er was zo'n overvloed aan projektielen om de joodse gelovigen te bestoken dat toeval welhaast uitgesloten is.

Blijft de vraag waarom er zo weinig politiemensen in en rond de Tempelberg waren, terwijl men op onlusten had kunnen rekenen. Maar zelfs als die vraag na een onderzoek is beantwoord en de zondebok is gevonden, blijft de schade voor Israel onherstelbaar.

    • Michael Stein