Alders meent dat de Randstad in de verste verte nog niet volis

DELFT, 10 okt. In tegenstelling tot de vaak gehoorde stelling dat de Randstad vol is, meent minister Alders (ruimtelijke ordening) dat dat 'in de verste verte' niet het geval is. Stopzetten van de groei van de Randstad is naar zijn mening onrealistisch. Er zou in ieder geval minder slordig met de ruimte moeten worden omgesprongen. Alders zei dit vanmorgen op een studiedag in Delft overde inrichting van de Randstad en keerde zich daar tegen opvattingen van planologen als ir. Martin Bierman, die vinden dat er in de Randstad plaats noch behoefte is aan de 700.000 nieuwe woningen die daar de komende 20 jaar nog moeten worden gebouwd.

Het gevoel van 'volte' in de Randstad komt volgens de minister door de spreiding van wonen en werken en het massale autogebruik dat dit meebrengt, en door de versnippering van de open ruimte. Ook het feit dat de randstedelingen door hun individualistische opstelling elkaar steeds meer hinderen, speelt naar zijn mening een rol. 'Puur fysiek gesproken' is er in de Randstad echter nog ruimte genoeg. Om dat te bewijzen wees Alders op vergelijkbare stedelijke gebieden in het buitenland, zoals Londen, Parijs of het Ruhrgebied waar de dichtheid hoger ligt.

Vanuit milieu-oogpunt ziet Alders evenmin belemmeringen voor verdere groei van de Randstad. Wel waarschuwde hij dat het voor de kwaliteit van de lucht nodig is dat het autogebruik wordt beperkt. Gebeurt dit niet, dan moet stopzetten van de verstedelijkingsgroei alsnog als 'stok achter de deur' gaan dienen. Zou de overheid daar inderdaad toe overgaan, dan zou dat volgens Alders betekenen dat er geen buitenlanders en asielzoekers meer kunnen worden toegelaten, dat gezinshereniging voor immigranten onmogelijk wordt, dat starters op de woningmarkt zelfstandige woonruimte wordt ontzegd en dat de werkgelegenheid in de Randstad niet zou mogen toenemen.

Hoogstens zou het volgens de minister mogelijk zijn die groei naar elders (bijvoorbeeld Noord-Brabant of het zuiden van Gelderland) te verschuiven. Dat zijn echter gebieden waar werkgelegenheid en woningbehoefte op zichzelf al sterk groeien, waar minder openbaar vervoer is, en waar de draagkracht van natuur en landschap geringer is, onder andere door de intensieve veehouderij.

Groei buiten de Randstad heeft dus meer schadelijke gevolgen dan groei binnen dit gebied, zo meent minister Alders. In de in november te verschijnen Vierde nota extra een bijgewerkte versie van de Vierde nota ruimtelijke ordening (1988) zal hij aangeven hoe hij de groei wil realiseren.

De Delftse hoogleraar volkshuisvesting prof. dr. H. Priemus betoogde tijdens de studiedag dat in de Randstad bepaalde bestemmingen zullen moeten wijken om verdere groei mogelijk te maken. Volgens hem komen hiervoor alleerst landbouw en veeteelt in aanmerking, 'met het oog op de boterberg, de melkplas, het mestoverschot en het perspectief van dalende EG-landbouwsubsidies. Als de werklozen in Stadskanaal niet naar de bollenvelden willen reizen om daar bollen te pellen, zullen we de bollenvelden naar Oost-Groningen moeten verhuizen'.