Ruzie over bollenwerk door Polen

HEERHUGOWAARD, 8 okt. Het arbeidsbureau in Schagen hanteert als regel dat buitenlandse seizoenarbeiders in de bollenteelt alleen buiten mogen werken. De bezigheden in de schuren zijn voorbehouden aan de ingezette Nederlandse werklozen en de vaste werkkrachten uit de omgeving. Het bureau volgt hiermee voorschriften van het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid.

'Je reinste discriminatie', reageert J. Vermaire, bollenteler en bestuurslid van de stichting Fleurasyl, een belangenvereniging van 150 bollenboeren in de kop van Noord-Holland. 'Een voorbeeld van onbehoorlijk bestuur.' Een van zijn collega's heeft al verklaard de sorteermachine uit de schuur naar buiten te zullen brengen.

Volgens J. A. Kuyper van het arbeidsbureau in Schagen wordt de regel gehanteerd omdat het werk op de rooimachine in het veld als te zwaar wordt gezien voor een Nederlander die bijvoorbeeld al vier jaar werkloos is. Als de bollenboeren zich als werkgever zouden opstellen en tijd voor begeleiding zouden uittrekken, was er volgens Kuyper sprake van een andere situatie. 'Maar er is een grote groep die blaat en met de benen op tafel zit', aldus Kuyper. 'Maar er zijn ook bedrijven waar men de zaakjes voor elkaar heeft. Die zitten echt niet te springen om bijvoorbeeld Polen.'

'Voor Polen is iedere gulden een tientje waard', zegt J. Vermaire, directeur van een bedrijf in Breezand. 'Over onze ruggen wordt momenteel uitgevochten wat passende arbeid is voor langdurig werklozen. Ik hoef geen Pool als ik een goed gemotiveerde Nederlander kan krijgen. Maar als er geen dwang achterzit doen de meeste werklozen het niet.'

De problemen tussen de boeren en het arbeidsbureau in Schagen zijn een gevolg van een restrictiever beleid van Sociale Zaken bij het afgeven van werkvergunningen aan werknemers die niet uit EG-landen komen. Vorig jaar verleende het ministerie nog 2.500 vergunningen aan voornamelijk Poolse arbeidskrachten, maar dat zegt niet alles omdat ook talloze Polen op een toeristenvisum illegaal in de bollen aan de slag zijn gegaan. Minister De Vries wil dat het officiele aantal werkvergunningen voor Polen dit jaar beperkt blijft tot driehonderd.

De Vries wil langdurig werkloze Nederlanders voor het tijdelijke werk in de bollen inschakelen. Bij de telers ontbreekt het vertrouwen dat die methode voldoende werkkrachten zal opleveren. De bollen moeten voor Kerstmis zijn gerooid, een stevige vorstperiode zou fataal zijn voor dit produkt. Felle kritiek van diverse kanten leidde er onlangs toe dat het arbeidsbureau in Stadskanaal moest afzien van zijn voornemen alleenstaande langdurig werklozen te verplichten tijdelijk te werken in de Noordhollandse bollenteelt.

De Voedingsbond FNV heeft zich 'verbijsterd en uiterst teleurgesteld' getoond over de beslissing van minister De Vries toch Polen in te zetten. Begin dit jaar zijn afspraken gemaakt dat pas in allerlaatste instantie niet EG-onderdanen zouden worden aangetrokken. De voedingsbond vreest dat er vele illegale werknemers zullen komen. Ervaringen in het verleden hebben geleerd dat de overheidscontrole op illegaal werk tekort schiet, aldus de bond, die stelt dat illegaliteit voor werkgevers een beproefde manier is om sociale premies en de collectieve arbeidsovereenkomst voor de bollensector te ontduiken.

Fleurasyl heeft nu op een aantal bedrijven ongeveer honderd Polen aan werk geholpen. De stichting heeft een advocate, mr. P. M. Berkhoff, in dienst om de problematiek rond deze seizoensarbeid het hoofd te bieden. 'De boeren krijgen een papierwinkel over zich heen waarmee ze geen raad weten', aldus Berkhoff. Volgens haar bestaat de groep van honderd Polen uit legale arbeidskrachten 'omdat door de telers aan de voorwaarden is voldaan'. Zo is voor al deze seizoenarbeiders een 'tewerkstellingsvergunning' aangevraagd bij het Gewestelijk Arbeidsbureau.

Directeur Kuyper van het arbeidsbureau in Schagen betwist de rechtmatigheid van het initiatief van Fleurasyl. 'Ze moeten straks niet zeuren als deze Polen worden gepakt', is zijn reactie. Onder de naam 'bollenbemiddelingsproject Bolwerk' is zijn tijdelijke kantoor in Schagen uitsluitend gericht op de seizoensarbeid van het lelies rooien en daarna 'pluizen' of 'schubben', de activiteiten die ten onrechte veelal met pellen worden omschreven.

'Ik heb de indruk dat Bolwerk ons ziet als onruststoker', zegt mr. Berkhoff. 'Op alle manieren worden we tegengewerkt.' De Stichting wordt door het arbeidsbureau niet erkend als gesprekspartner terwijl het bureau de individuele telers die verontrust opbellen hoe het zit met hun aanvraag om seizoenwerkers 'niet echt vriendelijk' worden bejegend. 'Laat die klote bollen maar verrotten in de grond', zou al eens een advies hebben geluid.

Dertien weken voor het begin van het 'lelieseizoen' hebben de bollentelers via een bemiddelingsovereenkomst bij 'Bolwerk' hun personeelswensen kenbaar gemaakt. Volgens mr. Berkhoff bestaat er op dit moment grote onzekerheid of die aanvragen worden ingelost als de grote drukte volgende week begint.

In de kop van Noord-Holland is men al jaren gewend een belangrijk deel van het werk 'in de lelies' te laten doen door Polen. Ook dit jaar zijn honderden Polen op de bonnefooi naar Nederland gekomen. Ze logeren bij kennissen die ze in de loop van de jaren hebben gekregen en gaan 's ochtends de bollenbedrijven af op zoek naar werk. Volgens mr. Berkhoff ligt hun aantal 'vele malen hoger' dan de groep die door Fleurasyl aan tijdelijk werk is geholpen.

Voor een volwassene geldt in dit seizoenswerk een netto uurtarief van f 9,74 op basis van 38 uur per week. Vermaire taxeert dat een illegale Pool soms wordt afgescheept met vijf of zes gulden. Bij Fleurasyl ontvangt iedereen naar zijn zeggen het normale tarief.

Op dit moment kan Vermaire het werk aan met vaste krachten uit de omgeving, plus een enkele langdurig werkloze. Maar als hij straks met het dubbele aantal mensen wil gaan draaien, verwacht hij buitenlanders in te moeten zetten. Met Polen heeft hij in het verleden goede ervaringen opgedaan. 'Het zijn vaak mensen met een goeie kop verstand', kijkt hij weemoedig terug. 'Twee jaar geleden heb ik een chirurg aan de lopende band gehad. Die zou stage gaan lopen in het AMC in Amsterdam, maar wilde eerst wat bijverdienen.'