Kritiek op beleid van WVC bij huisvesting van asielzoekers; Tweede Kamer gispt d'Ancona

DEN HAAG, 9 okt. De Tweede Kamer heeft minister d'Ancona (WVC) gisteren bekritiseerd over de wijze waarop haar ministerie medio september negen centra voor asielzoekers heeft verworven. Desondanks toonde de Kamer begrip voor de noodprocedure die was gevolgd om 2.900 asielzoekers te kunnen huisvesten.

D'Ancona liet twee weken geleden in een brief aan de Kamer al weten dat uit een intern onderzoek op WVC niet was gebleken dat een van haar ambtenaren die plotseling ontslag had genomen om te gaan handelen in centra voor asielzoekers, onoirbaar had gehandeld. M. F. van Hurck, werkzaam op de afdeling bijzondere taken bij de directie vluchtelingen, minderheden en asielzoekers van WVC, nam op 13 september ontslag en ging aan de slag bij Commerce BV, een bedrijf dat onroerend goed opkoopt waar asielzoekers kunnen worden ondergebracht. Hij bleek al sinds 1 mei vennoot van Transito Plus, een BV in oprichting die eveneens wilde handelen in asielcentra. Nadat de nevenactiviteiten van Van Hurck en zijn contacten met andere BV's in de publiciteit waren gekomen, wilde de Kamer onder meer weten of Van Hurck misbruik van voorkennis had gemaakt. Daarvan was tijdens het intern onderzoek op het ministerie niets gebleken, onderstreepte de minister gisteren nog eens.

Opmerkelijk is wel, aldus het Tweede-Kamerlid Lankhorst (Groen Links), dat Van Hurck ontslag nam twee dagen nadat binnen het kabinet een ministeriele taakgroep was ingesteld die oplossingen moest bedenken voor de asielproblematiek. 'Van Hurck wist dat er een ministerieel comite was en dat er sneller gehandeld zou gaan worden. Dat cruciale element ontbreekt in de brief van de minister.'

De minister verontschuldigde zich ervoor dat zij de Kamer in haar brief onjuist had geinformeerd over Transito waarvan Van Hurck vennoot is. Zij liet twee weken geleden weten dat het departement pas tijdens het interne onderzoek voor het eerst stuitte op de naam Transito Plus BV i.o..Volgens de burgemeester van Markelo, die op 17 september als een van de zeven burgemeesters op het Binnenhof te horen kreeg dat zonder vooroverleg asielzoekers in hun gemeenten zouden worden ondergebracht, was die naam al bekend bij WVC. De minister erkende dat, maar voegde eraan toe dat haar brief 'gegevens bevatte waarover ik op dat moment beschikte'. Nadrukkelijk zei ze dat nooit zaken zijn gedaan met Van Hurcks Transito Plus.

D'Ancona gaf gisteren een gedetailleerd verslag van de wijze waarop WVC in contact was gekomen met BV's die opvangruimte voor asielzoekers aanboden. Het scheelde weinig of WVC had wel zaken met Transito gedaan. Op 12 september waren er beprekingen tussen WVC en de heren R. Klein en J. Ohlsen. Hoewel zij daar zaten als vertegenwoordigers van Commerce Vastgoed BV zijn ze beiden sinds 1 mei samen met Van Hurck vennoot van Transito Plus BV i.o. 'Ze deelden mee dat waarschijnlijk zaken zouden kunnen worden gedaan met Transito. Het was ons toen onbekend wie daar achter zat, we hebben daar ook niet naar gevraagd omdat een BV in oprichting geen geschikte contractpartner voor WVC is', aldus d'Ancona. Nog diezelfde dag tekende WVC een intentieverklaring met Commerce Vastgoed BV voor de huur van centra waar asielzoekers konden worden ondergebracht. Een dag later, 13 september, kwam op WVC het bericht dat Transito BV wellicht nog tijdelijk kon worden opgericht. Het ministerie ging daar niet op in, waarna de naam voorgoed van het toneel verdween, aldus de minister.

Van Hurck is zich, als vennoot van een BV in oprichting, niet bewust geweest van zijn grote verantwoordelijkheid, aldus de Kamer. Het Tweede-Kamerlid Middel (PvdA) maakte een vergelijking met het bedrijfsleven, waar een werknemer in de schoenen van Van Hurck volgens hem op staande voet ontslagen zou zijn. Hoewel Van Hurck ontslag heeft genomen, is hij nog steeds ambtenaar. Hij had namelijk nog 170 verlofdagen. Dat mag formeel allemaal juist zijn, het wekt op zijn minst bevreemding, aldus Middel.

De Kamer kreeg van de minister de toezegging dat op WVC zal worden bekeken of de uit 1987 daterende circulaire kan worden aangescherpt waarin ambtenaren op hun verantwoordelijkheid wordt gewezen. Van Hurck heeft zich daar niet aan gehouden, stelde de minister met de Kamerleden vast, maar zij verbond daar verder geen conclusies aan. Dat leidde tot verontwaardiging bij Lankhorst: 'De regels hoeven niet te worden veranderd. Deze ambtenaar was fout. Het zal niet zonder reden zijn geweest dat hij zijn nevenactiviteiten niet heeft opgegeven. Er moet een duidelijk signaal uitgaan dat we dit niet pikken.'