Forse stijging kosten AOW voorzien door vergrijzingbevolking

DEN HAAG, 9 okt. Door de vergrijzing van de bevolking zullen de uitgaven voor de AOW in de periode 1990-2035 met bijna 140 procent stijgen. Dit heeft dr. E. van Imhoff van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) berekend in opdracht van het ministerie van sociale zaken.

Het NIDI heeft een model gemaakt waarmee de effecten worden berekend van veranderingen in gezinsvorming en- samenstelling. Het instituut verwacht dat het aantal alleenstaanden stijgt van 27 procent van de totale bevolking in 1985 tot 51 procent in 2050. In 1985 was eenderde van de alleenstaanden ouder dan 65 jaar. In 2050 zal ruim de helft uit 65-plussers bestaan.

In 2035 wordt het hoogste aantal 65-plussers verwacht. Ruim 16 procent van het nationaal inkomen wordt dan besteed aan de AOW, tegen 6 procent op moment. Inabsolute bedragen stijgen de kosten van 26,1 miljard gulden dit jaar tot 61,8 in 2035 om daarna geleidelijk te dalen naar 57,3 miljard in 2050. Daarbij moet wel de kanttekening worden geplaatst dat de onderzoekers ervan uit zijn gegaan dat het beleid niet wordt gewijzigd en het niveau van nationaal inkomen niet veranderd.

In 1987 concludeerde een commissie onder voorzitterschap van dr. W. Drees dat de stijging van de AOW-uitgaven beperkt zou blijven, mits de economie gestaag zou groeien. Door de economische groei stijgen de lonen en daardoor ook de permie-opbrengsten voor de AOW. Volgens de commissie-Drees wordt in 2030 bij een hoge economische groei 6,3 procent van het nationaal inkomen besteed aan AOW. Bij een lage economische groei ligt dit percentage op 8,1. Het NIDI gaat uit van een gelijkblijvend nationaal inkomen en komt tot de conclusie dat in 2035 ruim 16 procent van het nationaal inkomen aan AOW wordt besteed.