J. TEENGS GERRITSEN 1907-1990 ; Verzetswoordvoerder

DEN HAAG, 8 okt. Vooral in de publiciteitsmedia trad Hans Teengs Gerritsen, die gisteren op 82-jarige leeftijd is overleden, op als de, zij het in eigen kring niet onomstreden woordvoerder van 'het voormalig verzet' en organisaties van oorlogsvervolgden. Gerritsen had, zo heet het, overal, tot in 'de hoogste kringen', uitstekende relaties. Hij kon overal zo maar binnenlopen ook bij de minister-president en was voor niets of niemand bang waar het ging om de belangenbehartiging van zijn mensen, de 'goede Nederlanders', de oorlogsgetroffenen.

Voor Teengs Gerritsen kwam nooit een eind aan de strijd tussen Nederland en Duitsland. Vorige week, op drie oktober (de dag van de Duitse vereniging), zei hij nog dat dat feit wel een feest voor de Duitsers was, maar zeker niet voor hem. Ruim tachtig jaar eerder was hij in Amersfoort geboren als zoon van een vermogende graanhandelaar. Voor de oorlog was hij als waterpolo- en ijshockeyspeler een bekend sportsman en had daardoor, naar hij in een van de vele interviews met hem vertelde, een ijzersterke conditie die hem goed van pas kwam bij zijn verzetswerk in de eerste twee oorlogsjaren. Via zijn werk als ambtenaar verzamelde hij toen informatie voor de verzetsgroep van Lodo van Hamel, de oprichter van de latere inlichtingendienst.

In 1942 werd hij door de Gestapo op beschuldiging van sabotage- en spionageactiviteiten gearresteerd, ter dood veroordeeld, maar niet ter dood gebracht. Hoe groot Gerritsens aandeel aan het verzet is geweest is niet helemaal duidelijk; bij het Rijksinstituut voor oorlogsdocumentatie in Amsterdam is daarover geen enkel archiefstuk aanwezig. Vrienden van hem vertelden onlangs in Vrij Nederland nog dat hij de neiging had zijn verzetsdaden 'enorm op te kloppen' waarna Gerritsen onmiddellijk in de tegenaanval ging en de kritiek afdeed 'als een hetze van een in onze verzetskringen nog niet eerder vertoond gehalte, waarvan wij hopen dat dit nooit meer zal voorkomen'. Na de oorlogontwikkelde Gerritsen zich als directeur van een handelszaak tot een succesvol zakenman. Hij werd onder meer Nederlands vertegenwoordiger van de Amerikaanse vliegtuigfabriek Lockheed en was zeer bevriend met zowel prins Bernhard als koningin Beatrix en haar gezin. Bij zijn 80ste verjaardag in maart 1988 werd hijin aanwezigheid van de prins, premier Lubbers en de chefs-van-staven uitvoerig gehuldigd voor alles wat hij voor de vroegere verzetsdeelnemers en hun nabestaanden alsook voor de oorlogsvervolgden had gedaan. Teengs Gerritsen was zo actief omdat hij meende dat de naoorlogse kabinetten zich niet om de oorlogsslachtoffers hadden bekommerd. In datzelfde jaar ontwikkelde zich bij hem het idee dathet uit moest zijn met het voortdurende probleem van de gevangenschap van de 'twee van Breda', dat in Nederland steeds weer opnieuw tot zulke pijnlijke, wonden openrijtende discussies leidde. Terwijl de organisaties van oud-verzetsdeelnemers en -vervolgden daar niets van wisten nam Gerritsen met anderen het initiatief de gevangenschap van de twee te doen beeindigen en hen geruisloos over de grens te laten zetten. Door zijn achterban werd hel en verdoemenis over hem afgeroepen, maar Gerritsen, die er immer prat op ging dat hij geen politiek etiket droeg, wist als altijd alle kritiek te doorstaan. Opnieuw had hij zich voor niets of niemand bang getoond en was hij zijn eigen, autoritaire weg gegaan.