Ambassadeur verlaat gebouw in Koeweit

DEN HAAG, 8 okt. De Nederlandse ambassadeur in Koeweit, drs. J. F. R. M. Veling, zal in de loop van deze week zijn standplaats verlaten en naar Bagdad afreizen. Buitenlandse Zaken heeft hem daarvoor toestemming verleend. Minister Van den Broek omschreef de situatie in Koeweit gisteren als 'erg moeilijk'. Volgens zijn woordvoerder hebben de Nederlandse, Belgische en Britse ambassadeurs de afgelopen tijd hun voedsel gedeeld. 'Het begint nu op te raken. Het wordt moeilijker om nog langer te blijven', aldus Van den Broek.

Niet bekend

In Koeweit zijn naast ambassadeur Veling op dit moment nog vijf Nederlandse mannen aanwezig, die in tegenstelling tot circa dertig anderen geen gehoor hebben gegeven aan de oproep van minister Van den Broek enkele weken geleden om naar Bagdad te gaan. In Bagdad is de veiligheidssituatie beter en heeft men dagelijk meerdere keren rechtstreeks contact met Den Haag. De vijf mannen zijn om persoonlijke redenen in Koeweit achtergebleven.

De consulaire belangenbehartiging, zo heeft minister Van den Broeks woordvoerder meegedeeld, zal worden overgedragen aan een ambassade van een EG-land in Koeweit waarvan de ambassadeur nog niet is vertrokken. Op dit moment blijven alleen nog de Belgische en de Duitse ambassadeurs in Koeweit achter.

Bij Buitenlandse Zaken wilde men de diplomaten die uit Koeweit naar Bagdad zijn vertrokken niet aanmerken als gijzelaars. Zij hebben de Iraakse autoriteiten gevraagd naar Nederland te mogen terugkeren, maar hun verzoeken zijn tot op dit moment onbeantwoord gebleven. Als gijzelaars kunnen zij worden beschouwd zodra de Iraakse autoriteiten hun verzoek om te mogen vertrekken daadwerkelijk hebben afgewezen. 'Ik kan niet meer van een mens vragen dan wat we al van Veling hebben gevraagd tot nu toe', zei Van den Broek in een tv-gesprek dit weekeinde. 'Hij heeft fantastisch werk gedaan, maar voedsel en andere noodzakelijke levensbehoeften worden elke dag schaarser. Het wordt tijd dat hij weer normaal te eten krijgt.'

In diplomatieke kringen in Den Haag wordt ontkend dat het vertrek van ambassadeur Veling iets te maken zou hebben met de indruk dat het op korte termijn tot een militaire confrontatie zou kunnen komen. Over de mogelijkheid van een militaire confrontatie is men bij Buitenlandse Zaken overigens wel somber gestemd, gezien de blijvend onverzoenlijke houding van Irak.