Psycholoog Blitz en het bewegen in de kleffe Oranje-zee; 'Sportwereld mist volwassenheid'

Na bijna 25 jaar is de teleurstelling er nog altijd. Toch heeft hij er inmiddels vrede mee, omdat uit ervaring is gebleken dat in dit klimaat nu eenmaal weinig valt uit te richten. Hij kan alleen mensen proberen te helpen die naar hem toekomen, die de stap hebben genomen na door een diep dal van ellende te zijn gegaan. Psycholoog Peter Blitz (54) over mentale training en begeleiding, falende megasterren, nivellering, de fysieke schoonheid van het zingen en de Blitz-therapie.

AMSTERDAM, 6 okt. Van de televisiebeelden die tijdens het wereldkampioenschap voetbal in Italie tot ons kwamen heeft hij eigenlijk nog het meest genoten van het concert van Pavarotti, Domingo en Carreras. In zijn ogen professionals die zich bewegen op de rand van het menselijk kunnen, maar doelgericht en efficient met hun vak bezig zijn.

'Psychologisch gezien moesten zij hetzelfde presteren als de voetballers. Zich presenteren voor een beoordelend miljoenenpubliek. Het eist talent, toewijding en discipline. Je gaat daar staan op een lang tevoren bepaald moment en je doet het. Het was fantastisch, die fysieke schoonheid van het zingen. De sportwereld mist een dergelijke volwassenheid. Vooral voetballers, buitengewoon irritant, nemen hun vak niet serieus. Als Gullit zegt dat zes tot zeven sterren niet in vorm waren op het WK is dat een schande. Een onprofessioneel excuus. Als vaklieden hebben ze daar maar voor te zorgen. Stel je voor dat de drie opera-zangers niet in vorm waren. Daar kan je toch niet meer aankomen.'

Aan strijdbaarheid heeft psycholoog Peter Blitz wellicht ietwat ingeboet, de materie blijft hem onveranderlijk boeien. Bijna 25 jaar is hij actief in de mentale training en begeleiding van sporters die als voornaamste klacht ventileren dat na een succesrijke trainingsperiode toch weer op het beslissende moment wordt gefaald. Blitz noemt dit een fundamentele angst die in veel gevallen kan worden weggenomen door zelfkennis, zelfvertrouwen, mentale energie, fijngevoeligheid en discipline. Met verontschuldigingen als gebrek aan inspiratie weet hij zich geen raad. 'Onzin, het is gewoon werk. Een componist die muziek wil schrijven gaat 's morgens om negen uur gewoon zitten werken. En niet eerst om zogenaamd inspiratie op te doen door het bos wandelen. Of langs de zee met de haren wapperend in de wind.'

Nepotisme

Wat hem steekt is dat de maatschappij de sport nauwelijks serieus neemt en bovendien de sport zichzelf niet. 'De structuur in de conservatieve sportwereld is bepaald door macht. Van de machtsstrijd die vooraf ging aan het WK-voetbal plukken we nu de wrange vruchten. Het is niet toevallig dat PSV wordt uitgeschakeld. De spelers willen allemaal wat te zeggen hebben en de bestuurders staan krom van ontzag voor megasterren als Gullit en Van Basten. Het veroorzaakt ongezonde kliekjes, nepotisme. De aanhoudende competitie-situatie waarin sporters leven vormt een bepaald gedragsdomein. Hun leven verschilt wezenlijk van degene die van negen tot vijf achter het loket zit. In statistische zin vertonen sportlieden abnormaal gedrag. Er is dan ook heel wat voor nodig om kampioen te worden en te blijven, maar ze moeten nog meer een bewust keuze hiervoor maken. Nog te veel personen rollen in de topsport of muziek en schrikken vervolgens wakker met de gedachte: wat doe ik hier eigenlijk?'

Als voorbeeld haalt Blitz sport in de inmiddels opgeheven DDR aan, iets waarover in zijn ogen een groot misverstand bestaat. 'Velen dachten dat het om een uiterst bijzonder systeem ging. Dat ze in Oost-Duitsland op alle gebieden een voorsprong hadden. Maar dat is gewoon niet waar. Alles is gejat; alles is overgenomen en er is maar heel weinig zelf ontwikkeld. Hoe ik dat weet? Kijk maar wat er nu gebeurt, niemand wil ze hebben. Het grote verschil is echter dat de sport nergens zo serieus werd genomen als in de DDR, nergens was een land zo consequent bezig. Dat is een keuze. Het systeem was weliswaar corrupt, maar de ideeen waren goed.'

Een dergelijke bevlogenheid in goede zin mist hij in Nederland, waar naar de mening van Blitz niet professioneel genoeg wordt gewerkt met als gevolg dat zich thans een algehele malaise ontwikkelt die zich uitstrekt over verschillende sporten. 'Terwijl wij qua kennis voor niemand onderdoen. In de DDR waren 600 atletiektrainers actief, wordt er dan geroepen. Maar die hebben wij ook, alleen worden ze niet betaald.'

Wat Blitz voorstaat is dat er een zekere aandacht voor talent komt. Naar zijn mening is de onderlaag van de maatschappij redelijk beschermd, maar wordt iemand met een gave daarentegen aan zijn lot overgelaten. 'Of het nu een musicus, een schilder of een sporter betreft; met talent moet je iets doen. Je hoeft er niet trots op te zijn, maar je er zeker niet voor te schamen. Het ontwikkelen ervan is een weldaad voor jezelf en voor anderen. Maar de nivellering slaat nog steeds overal toe en dat werkt ook door in de sport.'

Blitz-training

Dezer dagen is van zijn hand, in samenwerking met Jan Huijbers, Blitz-training voor sportprestaties verschenen, waarin wordt beschreven hoe een sporter moet leren de consequenties van zijn keuze te overzien alsmede het omgaan van de angsten zich op een bepaald moment te kunnen onderscheiden. 'Ik kan niet iedereen helpen, ze moeten mijn training wel snappen. Maar de gemiddelde sporter is niet dom.'

Niettemin kent hij wel treurige voorbeelden. 'Breukink rijdt met een bio-energetisch armbandje de Tour de France. Dat ligt in de sfeer van een kastanje in je zak stoppen en louter hopen op de goede afloop. Of Hans van Breukelen, een fantastische doelman, maar laatst las ik dat hij iets heeft met het cijfer zeven. Als bijgeloof is dat op hem kennelijk van dusdanige invloed dat hij zelfs zijn auto parkeert op plaats nummer zeven. Dat iemand dergelijke kronkels toelaat tot zijn denkpatroon is onbegrijpelijk. Hij schijnt het van een vroedvrouw te hebben en komt er zonder zichzelf te schamen nog voor uit ook. Dat is heel treurig.

'Topsporters moeten professioneler met hun vak omgaan. Als er iets mis gaat hoor je vaak: nog een rondje erbij. Meer van hetzelfde in plaats van eens na te denken. Cruijff is een van de weinige mensen die dit soort zaken wel begrijpen. Kijk naar Bosman, bij wie alles op de PSV-training goed gaat, maar in een wedstrijd begrijpt hij zijn eigen spel niet. Het is gewoon twijfel. Zoals de spits die met twijfel alleen op de keeper afgaat waardoor zijn lichaam tegenstrijdige opdrachten geeft links, rechts en daardoor faalt. Of bovenop de bal gaat staat, zoals die PSV-er tegen Montpellier. Een goede discipline betekent niet alleen maar meer, maar ook rust nemen, een training overslaan en een biografie van bijvoorbeeld Miles Davis of Van Gogh lezen. Daar leert een topsporter van omdat het ook over zijn wereld gaat. En het draagt in elk geval meer ideeen aan dan alleen maar het bewegen in die kleffe, ordinaire Oranje-zee.'

    • Bert Regeer