Leve het koperen paar

Afgelopen donderdag bestond de Optiebeurs twaalf en een half jaar. De beurs wordt vaak in een adem genoemd met haar algemeen directeur Tjerk Westerterp, de optievos die steeds weer op allerlei slimme manieren de optiehandel onder de aandacht van een groot publiek weet te brengen. Beurs en directeur zijn in de loop van de jaren vergroeid tot een hecht paar, dat kan terugzien op een stormachtig huwelijk waar de hele buurt, met de oren tegen de muur, van geniet en over roddelt. Maar ze zijn nog steeds bij elkaar.

Uit de talloze (on)ware verhalen over Westerterp duikt het beeld op van een straatjongensachtige, hondsbrutale, vrolijke, bijzonder geestige, niets en niemand (ook niet zichzelf) ontziende ruwe bolster met veel te veel pit. Een reispaus van de Amsterdamse opties die overal op de wereld voordringt om zijn boodschap uit te dragen, een harmonie-orkest van een man, de aanvoerder van een voetbalteam met een ster en tien waterdragers. De voorzitter van V. W. V., de Vereniging Westerterp Vooruit.

Eigenlijk is dat het stereotiepe beeld van de handelaar, de koopman, het beroep waar de hele beurshandel uit voort is gekomen. Maar die mannen zijn een beetje op de achtergrond geraakt, want naar buiten toe wordt het beeld van de beurs bepaald door deftigachtige hele en halve afgestudeerde heren, kenners van reglementen en managementtechnieken, die het beursvak een beetje uit de boeken kennen, maar nog nooit met samengeknepen billen en kromme tenen van angst op de vloer hebben gestaan. Net de voetbalwereld: bobo's voorop.

De beursbobo's vinden het getamtam van de Optiebeurs en haar voorman niet passend. Zoiets doe je niet. Daarbij wordt over het hoofd gezien dat de handel in opties de omzet op de Effectenbeurs stimuleert. Er is ook wel eens gezegd dat de Optiebeurs, na de wilde Westerterp-jaren, de pioniersjaren, toe is aan een consolidatiefase. De opbouwer moet plaats maken voor een manager, een diplomaat, een bruggebouwer. Een soort winkelbediende dus.

Dat idee gaat uit van de veronderstelling dat een beurs een organisatie is die je kan leiden als een bedrijf. Als je een marketingplan hebt, verkopers, een productie-apparaat en je trekt goede managers aan, komt alles wel in orde en kan je rustig de vruchten van alle inspanningen plukken. Dat is onjuist, want de gang van zaken op een beurs wordt vooral bepaald door het beursklimaat. Daar heeft de leiding van een beurs geen enkele invloed op. Een actieve dictator in het Midden-Oosten en alle mooie beleidsplannen kunnen in de prullenbak.

Beursbestuurders moeten de instelling van de exploitant van een strandpaviljoen hebben: dankbaar voor iedere straal zon en een multifunctioneel gebruik van de ruimte voor ieder weertype. Niks beleid. Pluk de dag.

Kunnen Effecten- en Optiebeurs van elkaars verschil in mentaliteit en aanpak profiteren? Ja, dat kan. Waarom ruilen de heren Westerterp en van Ittersum, van de Effectenbeurs, niet gewoon van plaats? Zo'n opzienbarende en gedurfde partnerruil kan heel wat voordelen opleveren. Maar hoe leg je dat uit aan de buurt?

Op maandag 22 oktober komt de Optiebeurs voor de vijfde achtereenvolgende keer sinds oktober 1986 met opties, die een looptijd hebben van vijf jaar, op aandelen Akzo, KLM, Koninklijke Olie, Philips en Unilever. De uitoefenprijs per fonds wordt een paar dagen voor de introductie vastgesteld en ligt dicht bij de beurskoers van dat moment. Als de beurs gisteren die uitoefenprijzen had vastgesteld, waren die als volgt: Akzo 85, KLM 25, Olie 140, Philips 25 en Unilever 145 gulden.

Veel beleggers en handelaren gebruiken deze opties om koerswinst en extra rendement te behalen of om aandelen jarenlang te beschermen tegen koersdaling. De Optiebeurs is de enige beurs ter wereld waar opties met zo'n lange looptijd verhandeld worden. Daarmee heeft de beurs geschiedenis geschreven.

Wanneer de koersen op het huidige niveau blijven en de nieuwe opties hebben de voornoemde uitoefenpijzen, ontstaan er tal van nieuwe mogelijkheden om lange opties met elkaar, met kortlopende opties en met aandelen te combineren. Het beursklimaat is dan niet eens zo belangrijk.