ENGELAND

De volgende tien boeken stonden op 30 september op de non-fictie bestsellerlijst in de Sunday Times:

1. Peter Ackroyd: Dickens (Sinclair-Stevenson). De nieuwste biografie van de Victoriaanse schrijver waarin feiten en fictie verwerkt zijn.

2. George Michael and Tony Parsons: George Michael: Bare (Michael Joseph). Een via ghostwriter Parsons tot stand gekomen autobiografie van de popster.

3. Stephen Hawking: A Brief History of Time (Bantam Press). Nu al 110 weken op de bestsellerlijst, een prestatie tot dusver slechts door twee andere titels geevenaard.

4. Geoffrey Boycott: Boycott on Cricket (Partridge Press). Een persoonlijke visie op het spel en de spelers.

5. M. M. Kaye: The Sun in the Morning (Viking). Het eerste deel van de autobiografie van de auteur van The Far Pavillions, over haar jeugd in India.

6. Michael Palin: Around the World in 80 Days (BBC). Het boek van de televisieserie.

7. Frank Muir: The Oxford Book of Humorous Prose (OUP). Werk van tweehonderd schrijvers, van Caxton tot Woodhouse.

8. Lord Hailsham: A Sparrow's Flight (Collins). De autobiografie van de voormalige Lord Chancellor.

9. Lord Young: The Enterprise Years (Headline). Omstreden memoires van een zakenman in het kabinet van Mrs. Thatcher.

10. Barbara Windsor: Barbara (Century). Autobiografie van de vrouwelijke ster uit de 'Carry On' films.

De verkoopcijfers van een boek hoeven niet hoog te zijn om op de fictie of non-fictie bestsellerlijst te belanden. In sommige maanden van het jaar, zoals maart bij voorbeeld, is het zelfs vrij makkelijk om nummer een te worden. Sebastian Faulks, de hoofdredacteur van de nieuwste 'serieuze' zondagskrant, The Independent on Sunday, refereerde onlangs aan dit feit in zijn wekelijkse kolom. Hij herinnerde zich een week waarin van niet een van de boeken van de fictie-toptien meer dan vijftig exemplaren verkocht waren.

Volgens Faulks neemt het aantal feitelijke lezers van boeken steeds af, terwijl de belangstelling voor het lezen over boeken, en de boekenwereld van schrijvers en uitgevers, voortdurend toe lijkt te nemen. In de roddelrubriek van kranten zoals de Evening Standard staat vrijwel dagelijks een stukje over de een of andere uitgever of uitgeverspartij. In dit verband haalt Faulks de schrijver Peter Ackroyd aan, wiens biografie van Dickens deze week op de eerste plaats van de toptien staat. Ackroyd zei in een interview in The Independent on Sunday: ' Of course I admire all my contemporaries tremendously, but I just haven't got time to

read them.'

Die uitspraak wordt begrijpelijker bij het zien van het formaat van zijn nieuwste werk dat alleen als een bijbel opengeslagen op tafel te lezen valt. De 35 hoofdstukken zijn niet alleen gevuld met alle feiten die er over Dickens te weten zijn, maar bovendien met een aantal door Ackroyd verzonnen samenspraken tussen Dickens en karakters uit zijn eigen boeken of andere auteurs. Het effect hiervan zal ongetwijfeld bij gelegenheid door een recensent van NRCHandelsblad zorgvuldig geanalyseerd worden. Ackroyds motivatie voor deze aanpak blijft ondoorgrondelijk.

Een gezicht dat een ondoorgrondelijke uitdrukking draagt, wordt vaak aangeduid met de uitdrukking 'pokerface'. Pokerfaces staren de lezer aan vanaf de illustraties van Big Deal, One Year as a Professional Poker Player (Bantam Press, 1990), een boek van de aan het spel verslaafde journalist en biograaf Anthony Holden. Holden werd van amateur beroeps toen hij onverwacht als enige Brit werd toegelaten tot de wereldserie poker in Las Vegas. Het is een leuk boek.

Een pokerspeler, 'Titanic' Thompson was deze week Holdens held in de rubriek 'Heroes en Villains' in het zaterdagse kleurenkatern van het dagblad The Independent.

In deze rubriek beredeneren bekende persoonlijkheden, waaronder geregeld schrijvers, hun sympathie of antipathie voor andere bekende persoonlijkheden, waaronder soms schrijvers.

Het was voorspelbaar dat de villains in deze rubriek vaak beter tot hun recht komen dan de heroes. Germaine Greer ontleedde op 23 september met bijtende precisie de voor haar onacceptabele kanten van de volksheldin Moeder Theresa. De ultra conservatieve politicus Norman Tebbit ging hier twee weken geleden de schrijver Salman Rushdie met de botte bijl te lijf. Tebbit concludeerde dat er op deze wereld gelukkig weinig even grote schurken als Rushdie rondlopen en dat ' Britain's moral ascendancy is enhanced by our commitment to the right of free speech even when it is misused by foreigners and endangers British

people.'

De schrijver Melvyn Bragg wees erop, in de verontwaardigde correspondentie die The Independent naar aanleiding van Tebbits stuk afdrukte, dat Rushdie geen 'foreigner' maar een Brits staatsburger is. Die nauwe interpretatie van het woord had Tebbit echter niet op het oog. Een 'foreigner' blijf je in dit land al gauw, ongeacht het soort paspoort waar je recht op hebt.

Tebbit behoort tot de 'Thatcherite' Conservatieven waarop de Labour politicus Denis Healey doelde met zijn opmerking dat ' the Conservative Party has been handed over from estate owners to estate agents.' Een machtsovername door makelaars in onroerend goed die in vele kringen nog steeds als het summum van vulgariteit gelden. Deze opmerking van Healey is te vinden in het goed ontvangen boek van televisie-journalist Jeremy Paxman Friends in High Places: Who Runs Britain (Michael Joseph, 1990) waarmee Paxman in de voetsporen treedt van Anthony Sampson met zijn Anatomy of Britain.