'Verplicht aannemen van migranten werkt niet'

BLEISWIJK, 3 okt. De Surinaamse ondernemer Celsius Hendrison (42) uit Bleiswijk meent dat hij recht van spreken heeft omdat hij met zijn bedrijven alleen al in de laatste twaalf maanden 325 migranten aan werk heeft geholpen: 'Ik ben geen voorstander van dwangmaatregelen. Ik ben tegen quotering (de in het Najaarsoverleg besproken plannen om bedrijven te verplichten een bepaald percentage migranten in dienst te nemen red). Laat me een land zien waar quotering heeft gewerkt. In Engeland? In Amerika?'

Hendrison gelooft veel meer in samenwerking tussen migrantenorganisaties en het Nederlandse bedrijfsleven, in onderwijs en scholing, in de versterking van het zelfvertrouwen van de migrant. 'Waarom ben ik de enige zwarte tuinder in Nederland?' vraagt Hendrison rethorisch. 'Je moet bluffen, je moet je waarde kennen, je moet dingen durven doen. Toen ik naar de bank stapte zei iedereen dat lukt je nooit. Toen ik het administratieve trainingscentrum voor migranten startte, zei iedereen dat lukt je nooit. Maar je moet gewoon durven en doen. Lukt het niet, dan is het jammer.'

Hendrison, geschoold in het tuinbouwvak en in 1983 om politieke redenen uit Suriname naar Nederland teruggekeerd, startte drie jaar geleden met zijn Stichting ter Bevordering van Migranten Bedrijven een tuinbouwbedrijf in Bleiswijk, zette korte tijd later een administratief trainingscentrum op voor migranten, startte samen met START een uitzendbureau voor migranten, begon dit jaar een tuinbouw-opleidingscentrum voor migranten, begint binnenkort met een automatiseringsbedrijf voor migranten en heeft plannen voor een adviesbureau voor Nederlandse ondernemingen die met migranten werken.

Hendrison gelooft heilig in de kracht van opleidingen die specifiek op migranten zijn gericht. 'Migranten mogen tegen migranten schelden. Nederlanders niet. Als een Nederlander drie keer tegen een migrant zegt dat de migrant fouten maakt, is de Nederlander al meteen een racist. Bij Nederlandse opleidingscentra is het afvalpercentage heel hoog, bij ons is het te verwaarlozen.'

Grote ondernemingen als Nedlloyd, NMB Bank, Unilever en Shell, en ook de werkgeversorganisatie KNOV, werken inmiddels al samen met Hendrison, stellen stageplaatsen ter beschikking en leveren docenten. Niet quotering maar samenwerking tussen migranten en het Nederlands bedrijfsleven moet soelaas bieden, aldus Hendrison.

Als voorbeeld noemt hij de tuinbouw, 'een van de moeilijkste branches voor migranten om aan de slag te kunnen'. Migranten die de de tuindersopleiding van Hendrison doen, lopen stage bij andere tuinders en kunnen na afloop van de studie meteen aan de slag. 'De tuinders staan nu bij ons in de rij.'

Scholing is daarbij een sleutelwoord. 'Als ik naar mijn omgeving kijk zie ik steeds minder migranten met een opleiding die werkloos zijn (...). Je kunt bedrijven dwingen om migranten op te nemen, maar als je migranten niet schoolt, niet voorbereidt, niet weerbaar en hard maakt voor de bedrijfscultuur waar ze in terechtkomen, gaan ze er onder door. En moet je dan bedrijven verplichten elke maand een andere migrant in dienst te nemen?'

Behalve scholing moeten migranten ook meer zelfvertrouwen krijgen. 'Als wij, migranten, de buitenwereld constant maar vertellen dat we het zo zwaar hebben, dat we zoveel moeilijkheden hebben, als we zelfs zo ver gaan door te zeggen dat de criminaliteit toeneemt als je migranten niet in dienst neemt (...) ja dan worden mensen bang, dan zeggen de de chefs: waarom zou ik het probleem binnenhalen?'

Migranten spelen in de Nederlandse samenleving een steeds belangrijkere rol. Volgens schattingen van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid zou de bevolking in de vier grote steden Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht rond de eeuwwisseling voor niet minder dan 40 procent uit migranten bestaan. Op het ogenblik is zo'n 35 a 40 procent van de migranten werkloos. 'Er valt dus nog heel wat te doen', constateert Hendrison. 'Wij migranten moeten aan de ene kant de buitenwereld aangeven dat we een hele belangrijke bijdrage leveren aan de maatschappij, en we moeten aan de andere kant onze kwaliteit verbeteren. Het probleem voor migranten is dat ze geen voorbeelden hebben, met uitzondering van voetballers.'

Migranten worden volgens Hendrison onderschat en krijgen daardoor niet de ruimte om hun kwaliteiten te exploiteren. 'Ze moeten de ruimte krijgen om fouten te maken, ze moeten serieus worden genomen.'

Al deze mooie woorden van de zwarte tuinder uit Bleiswijk wekken de suggestie als zou Hendrison alleen het lot van migranten voor ogen hebben en verder geen eigen belang nastreven. Met een verwijzing naar Joep van den Nieuwenhuyzen, de succesvolle zakenman uit Brabant, zegt Hendrison. 'Van den Nieuwenhuyzen verdient aan zijn conglomeraat. Ik verdien aan migranten.'