De Vries laat bollenpellers toe uit landen buiten de EG

ROTTERDAM, 3 okt. Minister De Vries (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) stemt in met de komst naar Nederland van een beperkt aantal werkkrachten van buiten de EG die de komende weken tijdelijk bloembollen gaan pellen. De minister geeft deze toestemming omdat het aanbod via de arbeidsbureau's onvoldoende is om aan het nijpende tekort aan bollenpellers te voldoen.

De minister verwacht dat er nog twee- tot driehonderd 'vergunningsplichtige vreemdelingen' toegelaten moeten worden, zo schrijft hij vandaag aan de Tweede Kamer. Vooral Polen, Spanjaarden, Portugezen en Ieren willen graag werken in de Nederlandse bollenteelt. Vorig jaar verleende het ministerie van sociale zaken nog 2.500 vergunningen aan voornamelijk Poolse bollenpellers.

Felle kritiek van diverse zijden leidde er onlangs toe dat het arbeidsbureau in Stadskanaal afzag van zijn voornemen langdurig werklozen te verplichten tijdelijk in de Noordhollandse bollenteelt te werken.

Volgens H. Groenewegen, secretaris tuinbouw van de Hollandsche Maatschappij van Landbouw, is het door De Vries genoemde aantal van twee- tot driehonderd werkvergunningen veel te laag. Groenewegen meent dat 'minimaal' duizend bollenpellers van buiten de EG nodig zijn. In hulp van de arbeidsbureau's heeft de bollensector volgens hem 'geen enkel vertrouwen meer'.

De Vries hield de bollensector begin dit jaar nog voor dat het afgelopen moest zijn met het aantrekken van Polen voor de oogst. Dat werk zou in principe door Nederlandse werklozen gedaan moeten worden. Indien nodig zoudenwerkkrachten uit andere EG-landen worden geworven.