'Klassen mogen geen tussenuren hebben, dat is regel nummereen'

Meneer Petri (45, groen PET) maakt het rooster van de openbare scholengemeenschap Professor Casimir in Vlaardingen.

'Ik gebruik beslist geen computer, alles gaat met de hand, daar heb ik een reden voor. Ik heb wiskunde gestudeerd in Leiden. Tijdens mijn studietijd heb ik een half jaar met computers gewerkt. Dat heeft me toen zo gegrepen, dat ik er dag en nacht mee bezig was. Ik zat de hele dag op het Centraal Rekeninstituut en 's avonds na het eten ging ik er meteen weer naar toe om programma's in elkaar te zetten. Ik genoot van die spanning: of het programma lukte of dat er iets aan verbeterd moest worden. De computer maakte dat ik niets anders meer deed. Ik had altijd veel hobby's gehad, ik deed veel in het verenigingsleven, maar nergens kwam meer wat van terecht. Daarom heb ik de computer afgezworen.'

Wat staat daar bij het raam?

'Dat is inderdaad een computer. Daar doe ik de cijferadministratie van de school mee, maar verder ook niet. Weet je wat ik heb? Als ik iets met de computer doe, denk ik: dat zou toch handiger moeten kunnen. Op dat moment ben ik verloren en ga ik aan het puzzelen. Daarom wil ik niks meer met de computer te maken hebben. Als ik het weer denk, ga ik naar een collega en vraag aan hem of hij het handiger wil maken.'

Is het nu nog wel leuk om het rooster te maken?

'Zeker wel! Dat roosteren met fiches is zulk leuk werk, dat ik de computer helemaal niet mis. Het is een systeem dat uit twee delen bestaat, een deel is voor de klassen, het andere voor de docenten. De fiches zijn in verschillende kleuren. Tekenen is paars, want dat is typisch een kleur die je alleen gebruikt als je tekent, wiskunde is groen, aardrijkskunde is rose.'

Waarom is aardrijkskunde rose?

'We hadden vroeger een aardrijkskundeleraar die een beetje zijig was. Je moest elk vak een eigen kleur geven en daarom is aardrijkskunde op deze school rose. Nederlands is wit. Dat is omdat daar de meeste docenten en de meeste uren voor zijn. Ik had ook de grootste stapel witte fiches, dus werd Nederlands wit. Frans is geel en Engels okerkleurig. Er was al een bestaand kleurensysteem op school, maar toen kwamen er kleurtjes bij. Er zijn vijftien verschillende vakken en er waren maar acht kleuren, dus heb ik er een paar bijbesteld. Die donkergele fiches waren er al en er kwamen lichtgele bij, die heb ik aan Frans gegeven. Ik moest de namen van de docenten nog op de fiches schrijven en die van Engels waren al geschreven. De Franse docenten erbij schrijven was minder werk. Op de fiches wordt de afkorting van de naam van de docent geschreven. Soms heb je rare afkortingen. Voor gymnastiek hebben we een mevrouw Wellema voor de meisjes en een meneer Engelsman voor de jongens, dus op het fiche van gym staat Wel-Eng.'

Zijn er roosterprincipes op de Professor Casimir?

'Klassen mogen geen tussenuren hebben, dat is regel nummer een. Dan komt regel nummer twee: eerste klassen mogen alleen de eerste zes uur les hebben, zodat ze om tien over twee klaar zijn. Dat is om ze 's middags de gelegenheid te geven om te spelen. Die eerste klassertjes komen net van de basisschool, die hebben nog behoefte aan rennen en tikkertje doen, aan cowboytje spelen of sporten. Daarbij moeten ze een heel standvastig rooster hebben. Ze beginnen elke dag om kwart over acht en elke dag zijn ze om dezelfde tijd vrij. In de tweede klas hebben ze nog steeds een standvastig rooster, maar dan zijn ze om kwart voor drie uit. Voor de ouders is dat ook belangrijk. Als hun kind de ene dag om kwart over twaalf thuis is en de volgende dag om kwart voor drie, kunnen ze geen vast patroon maken en daar is op die leeftijd nog behoefte aan. In hogere klassen zijn de kinders zelfstandiger, kunnen ze zelf ook thee zetten en aan hun huiswerk gaan.'

Krijgen de docenten ook zo'n zorgzaam rooster?

'In zekere zin wel. Ik hou rekening met de persoonlijke omstandigheden. Als een docent in het verleden overspannen is geweest, zorg ik dat zijn rooster als het enigszins kan een vrije middag heeft.'

Van wie hebt u het roostermaken geleerd?

'Toen ik op deze school les kwam geven, was er een conrector die mij geweldig aansprak. Hij heeft deze school grootgemaakt. Ik heb hier vroeger ook op school gezeten en ik heb les van hem gehad. Hij was een fantastische leraar. Die man maakte het rooster en ik heb hem op een dag gevraagd of ik hem mocht helpen. Dat vond hij goed en zo is het begonnen. Ik vond het meteen leuk en ik vind het nog steeds enig. Roosteren is puzzelen en ik ben gek op puzzelen, speciaal op wiskunde puzzels. Ik heb er thuis ook boekjes van, de Wiskunde Olympiade, dat soort dingen. Ik ben gek op getallen. Ik sta hier wel bekend als de getallenmaniak. Maar een rooster hoeft niet speciaal door een wiskundige gemaakt te worden. Die man waar ik het net over had was neerlandicus en hij vond het ook prachtig.'

Yvonne Kroonenberg wil graag spreekbeurten bijwonen. Schrijf naar Yvonne Kroonenberg, NRC Handelsblad, Paleisstraat 1, 1012 RB, Amsterdam.