Beurs Tokio schiet na ingrijpen omhoog

ROTTERDAM, 2 okt. De beurs van Tokio is vandaag als een trampolinespringer omhoog geschoten nadat het ministerie van financien gisteren een vangnet op de magische 20.000-grens had gespannen. Aanvankelijk daalde de beursbarometer gisteren tot onder de 20.000 yen, maar herstelde zich in reactie op de aankondiging van steunmaatregelen door minister van financien Hashimoto en sloot op 20.221,86.

Geholpen door een scherp lagere olieprijs en positief nieuws uit het Golfgebied stegen de Japanse aandelen vandaag liefst 13,4 procent naar 22.989,41 in yen en procenten een absolute recordstijging. Maar trampolinespringers komen ook weer omlaag en handelaren zijn niet gerust op de kracht van het vangnet dat is gespannen, bestaande uit maatregelen die het beleggen in aandelen aantrekkeljker moeten maken.

De Japanse overheid greep eerder in na de beurscrisis van oktober 1987 toen in een gecoordineerde actie met de grote beleggers steunaankopen werden georganiseerd. Er volgde een gouden tijd met aanhoudende koerswinsten. Het Nikkei-gemiddelde van 225 geselecteerde aandelen bereikte eind vorig jaar een absoluut record van 38.915 yen, maar kwam daarna in een vrije val toen de Japanse rente ging stijgen.

Toen begin april de beursbarometer door de magische grens van 28.000 yen dreigde te zakken, grepen de financiele instellingen wederom in. Berekeningen leerden namelijk dat bij een verdere daling het aandelenbezit van de Japanse banken zodanig zou worden aangetast dat een groot aantal banken niet meer aan de internationale dekkingsvereisten zou kunnen voldoen.

Na een aanvankelijk herstel begonnen de aandelen in juli weer te dalen en raakten na het uitbreken van de Golfcrisis in een duikvlucht. De magische grens werd moeiteloos genomen. Mogelijk bleef steun op dit niveau uit omdat de neerwaartse kracht nu te groot was.

Japan-deskundige W. P. Hartenberg van Pierson, Heldring en Pierson, die in maart met succes steun op de 28.000-grens voorspelde, denkt eerder aan een soort strafexpeditie tegen de Japanse beleggers die na de steun in april de koersen weer snel opjoegen naar in de ogen van het ministerie onrealistische hoogten. Hartenberg: 'Laat ze maar eens kronkelen. Dat was de gedachte bij het ministerie. Ze gaan pas sturen als het echt gevaarlijk wordt'.

De beursbarometer bleef zonder weerstand dalen waardoor steeds meer banken met hun dekkingsvereisten in de gevarenzone kwamen. Toen de aandelenkoersen sinds begin dit jaar nagenoeg waren gehalveerd werd het minister van financien, Ryutaro Hashimoto, te heet onder de voeten. Gisteren trok hij abrupt aan de rem. Alleen na de Koreaanse oorlog begin jaren vijftig was de Japanse beurs met 52 procent nog iets meer gekelderd.

Gisteren is niet gestuurd met steunaankopen maar met handel bevorderende maatregelen. Hashimoto kondigde verlichting aan voor de zogeheten 'margin'-handelaren die de gekochte aandelen direkt in onderpand geven en daarmee voortaan geen zeventig maar maximaal tachtig procent van de transactie met geleend geld kunnen financieren.

Een andere maatregel is een verhoging van de grens voor de meldingsplicht van grote aandelenpakketen. Voorheen moest een aandelenbelang worden gemeld als het vijf procent of meer bedroeg, nu ligt die grens bij zeven procent. Dat stimuleert grote institutionele beleggers meer aandelen te kopen. (Na de oktobercrisis van 1987 was de grens ook verhoogd).

Bovendien heeft het ministerie de handel in futures en opties met twintig minuten verkort. In de ogen van het ministerie is die handel verantwoordelijk voor de steeds groter wordende koersschommelingen op de beurs van Tokio.

Minister Hashimoto wees gisteren op het gevaar dat de beursval de economische groei zal afremmen. Hij suggereerde daarom dat een renteverlaging mogelijk nodig zou zijn om de economie op snelheid te houden. Dat staat averechts op het beleid van de centrale bank die met een hoge rente de inflatie wil beteugelen. In augustus verhoogde de Bank of Japan nog het disconto, de rente die de centrale bank over zijn leningen berekent, van 5,75 naar 6,00 procent. De vrees voor een stijgende inflatie werd afgelopen maand aangewakkerd toen de inflatie op jaarbasis opliep van 2,4 naar 2,9 procent.

Een renteverlaging zal moeilijk zijn in een periode dat er internationaal in toenemende mate een tekort aan geld is. In Japan zelf remmen de banken de expansie van hun kredietverlening af om aan de internationale dekkingsvereisten te kunnen voldoen. Omdat het aantrekken van geld via de aandelenbeurs voorlopig nog moeilijk is, zullen de bedrijven naar verwachting juist een toenemend beroep op de banken moeten doen.

    • Tom Buijtendorp