Twee jaren schorsing van Johnson

1988: Op 24 september wint Ben Johnson op de Olympische Spelen in Seoul de gouden medaille op de 100 meter in een nieuwe wereldrecordtijd van 9,79. Twee dagen later stelt de medische commissie van het Internationaal Olympisch Comite de Canadese ploegleiding op de hoogte van het feit dat bij het dopingonderzoek van Johnson sporen van anobole steroiden zijn aangetroffen. De internationale atletiekfederatie IAAF schorst de atleet voor twee jaar. De Canadese regering laat weten dat Johnson nooit meer voor dat land mag uitkomen en gelast op 5 oktober een onderzoek naar het gebruik van doping in de sport. Dat onderzoek wordt geleid door rechter Charles Dubin.

1989: Johnsons trainer Charly Francis onthult op 28 februari dat de atleet al vanaf 1981 verboden stimulerende middelen gebruikt, de persoonlijke arts van de sprinter, Jamie Astaphan, verklaart in mei van dat jaar dat hij de injecties met een middel dat bij renpaarden wordt ingespoten (stanozolol) aan atleten heeft toegediend. Johnson legt 13 juni een volledige bekentenis af. De IAAF besluit op 5 september atleten een wereldrecord te ontnemen wanneer ze verklaren dat te hebben gevestigd terwijl ze verboden middelen gebruikten. De tijd van 9,83 seconden die Johnson op de wereldkampioenschappoen van 1987 in Rome liep wordt uit de boeken geschrapt. Een jaar en twee dagen na de 100 meter race in Seoul wordt het onderzoek van de commissie Dubin afgesloten.

1990: In het eindrapport, dat 26 juni verschijnt, adviseert de onderzoeksrechter de beslissing of Johnson weer aan wedstrijden mag deelnemen aan de sportorganisaties over te laten. De Canadese regering heft op 9 augustus de levenslange schorsing op. De uitsluiting van Johnson eindigde afgelopen maandag en gelet op de opstelling van de voorzitter van het Canadese Olympische Comite kan hij deelnemen aan de Spelen van 1992.