SAOEDI-ARABIE

Betsy Udink, getrouwd met een Nederlands diplomaat die enige jaren verbonden is geweest aan de Nederlandse ambassade in Saoedi-Arabie, heeft haar stukken in Vrij Nederland over de Saoedische samenleving en over het diplomatieke leven in Riad gebundeld onder de titel Achter Mekka. Het waren steeds interessante opstellen, vooral die welke de positie van de vrouw in dit meest conservatieve islamitische land betroffen. Maar nu is de lectuur van de bundel nog fascinerender, omdat de lezer gaat beseffen hoe het land reilt en zeilt dat nu beschermd moet worden door een indrukwekkende internationale legermacht, die met instemming van de Verenigde Naties aan de grenzen van het door Irak overmeesterde Koeweit is samengetrokken.

Een diplomaat heeft lang niet altijd de drang zich echt te verdiepen in het land waar hij benoemd is; als hij het al probeert dan blijft toch veel voor hem afgesloten; en als hij door de barrieres heen dringt, durft hij meestal lang niet alles te publiceren wat hij te weten is gekomen. Als journaliste heeft Betsy Udink die nieuwsgierigheid wel gehad.

Als vrouw had ze betrekkelijk gemakkelijk toegang tot de wereld van de vrouw in Saoedi-Arabie. En het is waarschijnlijk door haar karakter dat zij wat zij heeft gehoord en gezien, heeft beschreven op een manier die in de diplomatieke wereld hoogst ongebruikelijk is, namelijk zonder ook maar een blad voor de mond te nemen.

Wat zij ons in deze stukken vertelt liegt er niet om. Saoedi-Arabie is namelijk niet alleen geen fatsoenlijke parlementaire democratie, het is ook een land waar weliswaar geen op ras en huidskleur gebaseerde apartheid bestaat (al staan de donker gekleurde Saoedische mannen en vrouwen er wel op de laagste treden van de maatschappelijke ladder), maar waar wel op consequente en onbeschaamde wijze wordt gediscrimineerd tegen vrouwen, Aziaten en in het algemeen tegen buitenlandse gastarbeiders en gastemployes. De criminaliteit mag er laag zijn, het straffenstelsel is er barbaars. Er worden nog steeds handen afgekapt en Betsy Udink beschrijft een onthoofding op het plein voor de moskee van Riad, ten aanschouwen van een huiverende menigte, die zij zelf heeft bijgewoond. De willekeur vooral tegen de Aziatische werknemers en werkneemsters schreit er ten hemel.

Het interessantst zijn de stukken over het leven van de vrouw in het Saoedische koninkrijk: een vrouwenfeest bij het huwelijk van een prins, een bezoek aan de vrouwenuniversiteit, een gesprek met een Saoedische dichteres, maar ook kleine details zoals de ontdekking dat mannen haar nooit een hand geven, dat ze haar echtgenoot bij aankomst op het vliegveld niet mag omhelzen, de vele winkels die voor vrouwen ontoegankelijk blijken. Amusant zijn de schetsen van het diplomatieke leven in de Saoedische hoofdstad, waarin van de diplomatieke glamour weinig overblijft. De Europese 'expats' die enige jaren op het schiereiland doorbrengen blijken veel geld te verdienen maar de tijd te moeten doorbrengen in een ijzingwekkende leegte, die door de meesten trouwens niet eens als zo onaangenaam wordt ervaren. En de strikte, om niet te zeggen bigotte Saoedi's blijken als de deur eenmaal dicht is, vaak rijkelijk van de drank en de drugs te genieten, die daarbuiten zo consequent worden bestreden.

Saoedi-Arabie is wel streng Islamitisch maar als zodanig toch niet typisch. Het is niet zoals de meeste andere Islamitische landen tolerant tegenover andere godsdiensten, zoals het Christendom. Dat hangt samen met het feit dat volgens de leer de heilige plaatsen, namelijk Mekka en Medina ontoegankelijk moeten blijven voor niet-Moslims, en dat die laatsten op de rest van het schiereiland niet permanent mogen wonen.

Vandaar misschien die afschuw van alle Christelijke symbolen. Kruisen worden niet geduld en bijbels, zelfs kunstboeken met afbeeldingen van Jezus, komen er niet in. De Zwitsers schijnen er voortdurend problemen te hebben met hun vlag. Natuurlijk is het Saoedische regime niet te vergelijken met de terreur die in Irak heerst, maar het kan niet anders dan nuttig zijn te bedenken wat daar met inzet van veel energie en veel geld, en straks misschien van veel mensenlevens onder de vlag van de VN wordt verdedigd.

En misschien leidt de aanwezigheid van het internationale beschermingsleger tot een zekere mate van liberalisme dat het land alleen maar goed zal doen.

Achter Mekka door Betsy Udink 218 blz., Meulenhoff 1990, f34,50 ISBN 902902792

    • J. Brugman