PRINS FILIP

Wie is Filip? Hij is dertig jaar, kreeg een opleiding tot luchtmachtpiloot, parachutist en commando en vertoont zich nauwelijks in het openbaar. Wat dat laatste betreft lijkt deze in Nederland vrijwel onbekende vrijgezel op zijn oom Boudewijn, 'le roi triste' van Belgie, die ooit door genoemde Filip moet worden opgevolgd

Het protocol gebiedt de Belgische koninklijke familie zwijgzaamheid en afzondering. Contact met de media is een uiterst beperkt eenrichtingsverkeer. Soms mogen er foto's worden gemaakt en mag men luisteren naar wat koning, koningin of prins te melden heeft. Men stelt daar geen vragen aan leden van het koninklijk huis. Het beeld dat de Belgen van hun souverein hebben is schetsmatig. Daar zullen de in september losgebarsten feesten ter gelegenheid van Boudewijns veertigjarig koningschap, zestigste verjaardag en dertigjarig huwelijk met Dona Fabiola de Mora y Aragon weinig aan veranderen.

De vergeefsheid van door scribenten en televisiemakers ondernomen pogingen hun staatshoofd via interviews dichter bij het volk te brengen, kunnen in Belgie leiden tot een machteloze open brief in boekvorm, zoals de in 1980 bij Manteau verschenen Brief aan Boudewijn van Walter van den Broeck. Vorig jaar vroeg de Vlaamse ambtenaar en publicist Manu Adriaens een gesprek aan met zijn leeftijdgenoot kroonprins Filip. De afwijzing, schriftelijk overgebracht door de grootmaarschalk van het hof, kon niet korter. Waarop ook Adriaens zijn toevlucht nam tot een open brief, gericht 'aan Filip'.

' Waarom zit er niet meer Schwung in de Belgische dynastie, Hoogheid?' Adriaens vergelijkt Filip met enkelen van diens collega's: ' Prins Charles durft zijn bek open te doen en er desnoods op te vallen, zoveel is zeker.' En Willem-Alexander durfde op zijn elfde jaar al tegen een horde fotografen te roepen: ' Nederlandse pers, oprotten!'

Zoiets zal men Filip van Saksen-Coburg nooit horen zeggen, al was het alleen al omdat zijn beheersing van het Nederlands dergelijke soepele tournures nog niet mogelijk maakt. Adriaens vermeldt dat de kroonprins bij de jezuieten op school ging die hem de bijnaam Belgique gaven. De kroonprins bleek geen licht. De studie in Oxford en vervolgens in Stanford, Californie, waar hij de titel Master of Arts binnensleepte dreef op ascese en grote ijver. De militaire opleidingen daarentegen leek hij als entertainment te ondergaan.

Dat het de Belgische kroonprins lukt zijn privebestaan buiten de publiciteit te houden, bewijst Adriaens' Van u, prins, geen kwaad. Want wie denkt over Filip iets wijzer te worden dan dat hij ' een innemende jongeman is, onder andere omdat hij niet hautain overkomt, maar integendeel, eerder bescheiden en een haartje timide', maakt zich onnodige illusies. Bij zo weinig informatie over de kroonprins zelf, neemt Adriaens zijn toevlucht tot een reeks nationale uitstapjes: naar de koningskwestie, de taalstrijd, de spanningen in het huwelijk van Filips ouderpaar, naar Jose ('Koning van Voeren') Happart, de bende van Nijvel, de Rijkswacht en dreigende staatsgrepen. Amusant en soms wat melig schetst Adriaens zodoende het wat moedeloos stemmende kader waarbinnen Filip mag gaan functioneren als staatshoofd van het 'gebarsten' Belgie. Zijn open brief is een aardige bijdrage aan de 'koningsfeesten'.

Er is druk gespeculeerd over het moment van opvolging. Als Filip de leeftijd van dertig jaar zou hebben bereikt zou de zestigjarige Boudewijn na veertig jaar koningschap wel afstand doen. Geen sprake van, Filips tijd is nog niet gekomen in de ogen van zijn oom mist hij vooralsnog de benodigde rijpheid voor het koningschap. En zo snelt de prins, niet gehinderd door tv-camera's, roddelbladen of snelheidslimieten, met zijn Porsche over het Belgische wegennet.