Oostduits parlement zuivert op valreep eigen gelederen; Stasi-verklikkers weten van niets

BERLIJN, 29 sept. De DDR-minister van bouwzaken, Axel Viehweger erkent dat hij jarenlang als wethouder voor energie in Dresden 'routinematig' informaties heeft verstrekt aan de vorig jaar ontbonden Stasi, de machtige politieke politie van de DDR. Daarom treedt hij af, als deze vrijdag de Oostduitse Volkskammer (parlement), op zijn laatste reguliere zitting het onderwerp Stasi bij de kop neemt. Na alle tumultueuze debatten in dit eerste en laatste democratisch gekozen DDR-parlement, blijkt dit de spectaculairste. Het gaat om de vraag wie in de eigen gelederen een halfjaar lang als democratisch volksvertegenwoordiger heeft geposeerd, terwijl hij vroeger zijn medeburgers heeft bespied en verraden door over hen stiekum inlichtingen te verstrekken aan de Stasi.

Viehweger krijgt een hand van premier Lothar de Maiziere, en een bewonderend applaus van de volksvertegenwoordigers. Hij is de enige van 59 beschuldigden, die niet in de verdediging gaat. Voor en na de voorlezing van de lijst van 56 afgevaardigden en drie ministers voeren vijftien parlementsleden het woord. Zonder uitzondering beschrijven zij zichzelf als slachtoffer in plaats van dader, beschuldigen onbekenden van manipulatie of vervalsing van gegevens.

Zeker, als wetenschappers, studentenleiders of politici van de vroegere, met de SED samenwerkende blokpartij CDU of een liberale groepering hebben ze allemaal van de Stasi uitnodigingen tot samenwerking ontvangen, meestal gekoppeld aan dreigementen. Maar ze hebben die ferm van de hand gewezen, en overwegen nu gerechterlijke stappen tegen de Volkskammer-commissie die geheel onverwachts hun goede naam en huiselijk geluk in gevaar brengt. De voorzitter van de parlementscommissie, Joachim Gauck, hoort het zo neutraal mogelijk kijkend aan en vraagt alleen en met succes om een correctie, als Bernard Opitz (FDP) de commissie van 'samenwerking met criminelen' beticht.

Publiek geheim

Dat het debat pas aan het eind van het bestaan van deze Volkskammer plaatsheeft, tekent de moeite die de afgevaardigden met het onderwerp hebben. Het is een publiek geheim dat de commissie van Gauck op allerlei manieren is tegengewerkt: door de fracties, en door minister van binnenlandse zaken Peter-Michael Diestel, die schermde met mogelijk gewapend verzet van ex-Stasipersoneel.

Maar omdat de Volkskammer 144 van zijn 400 leden moet afvaardigen naar de Westduitse bondsdag, die je moeilijk met Stasi-verklikkers kunt opschepen, en omdat veel van de 256 achterblijvers met schone handen ervoor passen straks weer naar huis te gaan onder de verdenking dat er iets met hen is mis is, haalt een motie van de linkse Bundnis'90 in de ochtendzitting een meerderheid: de lijst van 56 afgevaardigden en drie ministers, onder wie vijftien die naar het oordeel van de commissie zozeer zijn belast dat ze onmiddellijk hun mandaat ter beschikking moeten stellen, zal worden voorgelezen.

Parlementsvoorzitster Sabine Bergman-Pohl weigert de lijst voor te lezen, een der vice-voorzitters verklaart zich bereid. De afgevaardigden van Bundnis'90 beginnen een zitstaking, als een groep afgevaardigden vergeefs probeert het voorlezen 'ongrondwettig' te laten verklaren. Na uren wordt de lijst dan voorgelezen, achter gesloten deuren. Zij wordt ook niet gepubliceerd. In de wandelgangen circuleert een lijst met de vijftien zware gevallen, in omloop gebracht door de betrouwbare Oostberlijnse krant Der Morgen. Op deze lijst komen, behalve drie ministers, vijf leden van de CDU voor, drie van de ex-communistische PDS, twee van de SPD en twee van de FDP.

Sinister

Onder de afgevaardigden die, als journalisten en televisie weer tot de zitting worden toegelaten, het woord voeren, zijn er twee van de 'zware' lijst. Onbedoeld laten zij goed zien, hoe sinister de atmosfeer was die de Stasi in de DDR teweeg bracht. Jochen Steinecke (FDP) schildert zijn angst, nadat een collega in de chemische fabriek tot twaalf jaar veroordeeld was 'alleen omdat hij zich tegen de leiding verzette'. Zelf zou hij met de Stasi contact hebben gehad 'in een poging een miljardeninvestering tegen te houden, die ons bedrijf te gronde zou hebben gericht'.

Dieter Fronicke (CDU) heeft 'alleen maar de mensen in ons land voor onheil willen bewaren, ik heb velen geholpen'. De parlementariers horen het allemaal met zwijgende skepsis aan. Een lid van de onderzoekscommissie kan zich niet inhouden en zegt sarcastisch: 'Ik vraag vergeving voor het feit dat ik nooit heb begrepen wat een humane organisatie de Stasi was'.

Later tijdens de zeventien uur durende zitting bevestigt de Volkskammer dat de 56 niet naar Bonn mogen worden uitgezonden. Het onderwerp Stasi, meent commissievoorzitter Gauck na afloop, 'zal ons in Duitsland nog wel langer bezig houden'.

    • Raymond van den Boogaard