Wiebengahal ongeschikt als museum

MAASTRICHT, 28 sept. De Wiebengahal op het Ceramiqueterrein in Maastricht is niet geschikt om deel uit maken van het nieuwe Bonnefantenmuseum. Dat blijkt volgens architect Umberto Barbieri uit het technisch onderzoek dat door TNO is uitgevoerd.

De fabriekshal voor het bakken van aardewerkproducten, die in 1912 naar een ontwerp van ir. J. G. Wiebenga werd gebouwd, staat op het Sphinx-Ceramiqueterrein langs de Maas, waar de nieuwe 'rive droite' van Maastricht moet verrijzen. Vooral het stadsbestuur maakt zich sterk voor gedeeltelijk behoud van het gebouw, dat karakteristiek is voor het industriele verleden van de stad. De provincie Limburg, die voor het nieuwe museum een bedrag van 40 miljoen heeft uitgetrokken, vroeg de Milanese architect Aldo Rossi twee varianten te ontwerpen: een voor complete nieuwbouw en een combinatie van oud- en nieuwbouw in de verhouding van een op twee.

Volgens Umberto Barbieri, die Rossi assisteert bij het ontwerp is de laatste variant onhaalbaar. 'Ook al zouden we voor veel meer geld dan beschikbaar is het dak en de gevels vervangen en het betonskelet repareren, dan houden we nog een ruimte over die niet geschikt is voor een museum. Je hebt bijvoorbeeld een vrije ruimte nodig van vier meter, maar hier haal je hoogstens drie meter twintig. Bovendien passen wij ervoor een gebouw zo te renoveren, dat je eigenlijk met een nieuw zit.' Barbieri trekt bovendien de waarde van de hal als industrieel monument in twijfel: 'De Wiebengahal mag dan wel een van de eerste betonnen gebouwen in Nederland zijn geweest en een voorloper van 'Het Nieuwe Bouwen', maar ik kan me niet voorstellen dat iemand uit Maastricht er van houdt. Als dat wel zo is, gaat het om de nostalgische en niet om de culturele waarde.'

De provincie Limburg heeft nog geen besluit genomen over het lot van de hal. Volgens het contract met Rossi moeten de ontwerpen voor de twee varianten binnen zijn voor 23 oktober.