'Westen moet klaar zijn om olievoorraden aan te spreken'

PARIJS, 28 sept. De Westerse olie-importerende landen moeten snel alle nodige voorbereidingen treffen om hun strategische olievoorraden aan te spreken zodra dat nodig is. Dit heeft het bestuur van het Internationale Energie Agentschap (IEA) vanochtend besloten.

'Alle landen willen klaar zijn om direct te handelen als het nodig is', zei een woordvoerder van het IEA vanochtend. In een aantal landen moeten technische maatregelen worden getroffen om de strategische oliereserves, die op last van het IEA en de regeringen permanent worden opgeslagen, snel op de markt te brengen.

Wanneer er een oorlog in het Midden-Oosten uitbreekt waardoor de olie-aanvoer wordt verstoord, zullen de strategische voorraden worden ingezet. Het IEA acht dat nu nog niet nodig, omdat er nog geen tekort is in de olietoevoer en de voorraden van regeringen en oliemaatschappijen groot zijn.

Het bestuur van het agentschap (vertegenwoordigers van alle lidstaten) vergadert vandaag voor der derde maal na het uitbreken van de Golfcrisis. Het IEA, opgericht na de eerste oliecrisis in 1973, kan noodmaatregelen treffen in het geval van een ernstig olietekort, die bindend zijn voor alle lidstaten. Dat zijn Japan en alle Westerse landen, behalve Frankrijk, Finland en IJsland.

De nieuwste ramingen van het IEA voor de totale olieproduktie van OPEC voor deze maand wijzen op een verhoging: 22 miljoen vaten (van 159 liter) per dag in september. Vorige maand was de raming 19,9 miljoen vaten per dag. In juli voor het uitbreken van de Golfcrisis was de totale OPEC-produktie nog 23,2 miljoen vaten per dag.

Saoedi-Arabie levert de grootste bijdrage in compensatie van de vervallen export uit Irak en Koeweit: een stijging van 5,38 miljoen vaten produktie per dag in juli tot 7,2 miljoen vaten per dag in september.

Volgens het IEA zullen de totale olievoorraden in de Westerse landen in het derde kwartaal van dit jaar iets lager worden omdat de oliemaatschappijen geen voorraden hebben aangevuld, wat zij onder normale omstandigheden in dit kwartaal wel doen, en door de lichte vermindering van de strategische voorraad in de Verenigde Staten.

De Japanse vertegenwoordiger in het IEA-bestuur heeft vanochtend voorgesteld dat het agentschap moet onderhandelen met de OPEC (Organisatie van olie-exporterende landen) om de olietoevoer en het verbruik in de Westerse landen op elkaar af te stemmen, teneinde prijsspeculaties op de internationale oliemarkten te verminderen. Vorige maand werd zo'n overleg ook voorgesteld door Iran, maar direct afgewezen door het IEA. Volgens IEA-directeur dr. Helga Steeg is zo'n overleg niet vruchtbaar omdat de belangen tegengesteld zijn. Zij vreest vooral dat OPEC de prijs zal opdrijven.