Opnieuw aandacht voor armoede

WASHINGTON, 27 sept. Armoedebestrijding in ontwikkelingslanden staat weer op de agenda. Het is een ondertoon op de jaarvergadering van het Internationale Monetaire Fonds en de Wereldbank, waar de overweldigende aandacht uitgaat naar de dingen van de dag, de gevolgen van de Golfcrisis en de problemen bij de hervorming van de markt in Oost-Europa.

Vorig jaar bracht Wereldbank-president Conable het thema armoedebestrijding ook al ter sprake, maar toen was hij nagenoeg de enige. Dit jaar wordt het besef dat urgent actie moet worden ondernomen voor de armste miljard mensen in de wereld, veel breder gesteund.

Anders dan in de jaren zeventig toen de Wereldbank dacht met verdeling het armoedeprobleem te kunnen oplossen, wordt nu tegelijkertijd nadruk gelegd op een gezond macro-economisch beleid. Armoede neemt af door meer groei en daarvoor zijn markt-georienteerde economische aanpassingen nodig, is het nieuwe credo.

'In Afrika zijn we keihard bezig om de armoede te verminderen', zei Edward Jaycox, de vice-president voor Afrika van de Wereldbank gisteren. 'Maar daarbij moeten we niet uit het oog verliezen dat armoedebestrijding onmogelijk is zonder een behoorlijk beleid.'

Binnenlands bestuur moet functioneren, particulier ondernemerschap moet een stimulans krijgen. Bestuurders moeten aangesproken kunnen worden op wanbeheer. 'Hoe kun je rechtvaardigen dat een economie 25 jaar lang achteruitgaat?', zei Jaycox. In Afrika was in 1989, voor het eerst sinds jaren, sprake van een minimale economische groei per hoofd van de bevolking. Maar in grote delen van Afrika zijn de levensstandaard en de sociale infrastructuur letterlijk ingestort.

Jaycox zei dat in Afrika driekwart van de Wereldbankleningen een armoedecomponent heeft met de nadruk op programma's voor vrouwen, verbetering van de voedselsituatie, onderwijs en primaire gezondheidszorg.

De komende tien jaar zal de bevolking van de Derde wereld toenemen met ten minste 850 miljoen mensen, waarvan het overgrote deel in absolute armoede zal leven. Die bevolkingsexplosie vormt een directe bedreiging voor de economie, het ecologisch evenwicht en de sociale cohesie in die landen. Bovendien dreigt massale migratie uit arme naar rijke landen.

In Afrika is de bevolking sinds 1950 vervijfvoudigd, terwijl de groei van de produktie daarbij dramatisch is achtergebleven. Jaycox zei te vrezen voor een 'malthusiaanse oplossing' in Afrika als de bevolkingsgroei niet wordt gestopt. 'Mensen zullen domweg sterven als de bevolking blijft doorgroeien en alle beschikbare middelen zijn opgebruikt.' Bovendien, zei hij, dreigt door de bevolkingsgroei de natuurlijke omgeving te worden verwoest. 'De bevolkingsgroei moet omlaag, de landbouwproduktiviteit omhoog. Anders gaat het milieu eraan', waarschuwde hij.

De Wereldbank heeft een strategie opgesteld voor vermindering van de armoede met als doel het aantal arme mensen tegen het einde van deze eeuw met 300 miljoen te verminderen, een derde van het huidige aantal. Barber Conable, de president van de Wereldbank, zette de strategie deze week nog eens uiteen in zijn toespraak tot de jaarvergadering van de Wereldbank.

Uitgangspunt is dat de arbeidskracht van arme mensen beter tot zijn recht moet kunnen komen. Daarvoor moet economische groei worden gestimuleerd door barrieres weg te nemen die verhinderen dat arme mensen hun ondernemingszin kunnen ontplooien. Ten tweede moeten meer en betere onderwijs- en gezondheidsvoorzieningen voor de armen beschikbaar komen, in het bijzonder voor vrouwen.

Ten slotte streeft de Wereldbank naar gerichte overdrachtsuitgaven of voedselprogramma's voor specifieke groepen die het meest kwetsbaar zijn, zoals kinderen, bejaarden en gehandicapten in de Derde wereld.

Het zijn elementen die nagenoeg letterijk terug te vinden waren in de toespraak van minister Kok (financien) gisteren tot de jaarvergadering van het IMF en de Wereldbank. Nederland is een groot voorstander van de armoedestrategie.

In het beleid van de Wereldbank krijgen twee aspecten in samenhang met armoedebestrijding bijzondere aandacht: de zorg voor het milieu en de positie van vrouwen. 'Een strategie gericht op vermindering van de armoede kan slechts worden volgehouden als de natuurlijke omgeving wordt gerespecteerd', zei Conable deze week. 'Een gezonde economie kan niet overleven in een ongezond milieu, zoals blijkt in de Sahel en in het hoogland van de Andes.'

Vorige week heeft de Wereldbank voor het eerst een ecologisch jaarverslag uitgebracht en de oprichting van een Wereld-milieufonds nadert zijn voltooiing.

Nederland steunt dit nieuwe fonds, dat onder bepaalde voorwaarden leningen zal verstrekken voor milieuprojecten, ook in landen die anders niet voor dergelijke hulp van de Wereldbank in aanmerking komen.

Bij de positie van vrouwen in het ontwikkelingsproces legt de Wereldbank de nadruk op het scheppen van meer economische, inkomensverwervende activiteiten voor vrouwen. Nederland neemt daarvan enige afstand en vindt dat meer aandacht moet worden geschonken aan de dubbele rol van vrouwen als kostwinners en als moeders of partners.

Volgens de Wereldbank kunnen ontwikkelingslanden zelf direct bijdragen aan armoedeprojecten door hun militaire uitgaven te verminderen. Conable zei dat ontwikkelingslanden per jaar 200 miljard dollar uitgeven aan wapens. In veel landen wordt meer uitgegeven aan wapens dan aan gezondheidszorg en onderwijs samen. Dat heet, in het jargon van de Wereldbank, een verkeerd gebruik van schaarse middelen.

    • Roel Janssen