Lafontaine: geen regering zonder steun van SPD

BERLIJN, 27 sept. Bij de Duitse parlementsverkiezingen op 2 december hoeft de SPD geen meerderheid te halen. Zij moet wel bereiken dat de huidige Westduitse regeringscoalitie (CDU/CSU en FDP) haar meerderheid verliest en niet meer zonder of 'tegen' de SPD kan regeren. Dit noemde Oskar Lafontaine gisteren op een driedaags SPD-congres in Berlijn als doelstelling van de verkiezingscampagne.

Het congres zal morgen zijn benoeming als kandidaat-kanselier bevestigen. Dat zal op verzoek van Lafontaine gebeuren in een geheime, schriftelijke stemming, opdat goed kan blijken hoeveel vertrouwen men in hem heeft. Lafontaine onderstreepte dat de staatkundige Duitse eenheid, die 3 oktober tot stand komt, voor de SPD niet voldoende mag zijn, en dat de sociale gelijkheid en maatschappelijke eenheid van alle Duitsers belangrijker is. DDR-premier De Maiziere en andere CDU-politici uit zijn kabinet hebben de afgelopen maanden meer gedacht aan hun toekomstige politieke carriere in het verenigde Duitsland dan aan de belangen van hun bevolking, zei Lafontaine. In zijn toespraak, op de laatste bijeenkomst van de Ost-SPD, probeerde Lafontaine de in de DDR levende twijfels over zijn houding jegens de Duitse eenwording weg te nemen. Hij zei dat zijn bezwaren van begin dit jaar tegen voortzetting van Westduitse financiele hulp voor Ubersiedler uit de DDR gericht waren geweest tegen het 'leegbloeden' van dat land. Zijn kritiek van de afgelopen maanden op de verdragen die de Duitse eenheid regelen had hij mede geuit omdat daarin zijns inziens niet genoeg rekening was gehouden met de belangen van de Oostduitse bevolking, aldus Lafontaine.

Hij verweet kanselier Kohl en zijn coalitie in Bonn dat zij werkeloos toezien hoe de werkloosheid in de DDR snel stijgt terwijl er met overheidsgeld zo veel werk zou kunnen worden gedaan, bijvoorbeeld voor de structurele opbouw van wat nu nog de DDR is (telefoonverbindingen, wegenbouw, woningbouw). Vandaag is de Ost-SPD opgegaan in de Westduitse zusterpartij. De voorzitter van de Ost-SPD, Wolfgang Thierse, erkende gisteren dat de Oostduitse SPD in haar korte, eenjarige geschiedenis nogal wat teleurstellingen heeft meegemaakt. Als voorbeelden noemde hij de nederlaag bij de verkiezingen voor de Volkskammer op 18 maart en de nadien gebleken 'bescheiden invloed' op het regeringsbeleid in Oost-Duitsland. 'Maar', aldus Thierse (die plaatsvervangend voorzitter wordt van de gefuseerde SPD), 'de SPD in de DDR was toch altijd nog de grootste sociaal-democratische partij in Oost-Europa.'

    • J. M. Bik