'Ik ben geen speelbal van de PvdA'

DEN HAAG, 27 sept. Het CDA-Kamerlid Van der Linden geeft de PvdA er de schuld van dat hij zich gedwongen voelde af te zien van een staatssecretariaat op het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij. Van der Linden maakte gistermiddag bekend te bedanken voor de hem aangeboden functie, omdat de coalitiepartner hem 'reeds op voorhand' geen vertrouwen gaf.

Aan het begin van de avond reageerde de PvdA op de beschuldiging van Van der Linden. In een schriftelijke verklaring deelde fractievoorzitter Woltgens mee dat zijn fractie nog steeds eerst over de noodzaak van een nieuwe staatssecretaris wil praten met het CDA en daarom 'in dit stadium geen behoefte had te praten over personen'. De tekst van Woltgens eindigde met de woorden: 'Zij (de PvdA-fractie-red.) was en is bereid om in overleg met de CDA-fractie en de beoogd minister te bezien of een staatssecretariaat op het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij wenselijk is.' Het was het signaal dat na dagen van voelbaar oplopende spanning de stemming deed omslaan. Bij het CDA werd nog wel kribbig opgemerkt dat uit de cooperatieve houding van de PvdA bleek dat het wel degelijk om de persoon was gegaan. 'Let maar eens op. Je zult zien dat het staatssecretariaat er nu komt', werd er gezegd.

Bij de PvdA was de reactie daarop weer geprikkeld, maar geluiden als 'een staatssecretariaat is onzin' werden minder en minder gehoord. Ineens gingen beide coalitiepartners ervan uit dat de opvolging van de vorige week afgetreden minister Braks vandaag kan worden geregeld. De man wiens naam de ruzie tussen CDA en PvdA had doen aanwakkeren, liep intussen in de Kamer aan iedereen die het maar horen wilde te vertellen dat hij 'sterker' uit deze affaire was gekomen. 'Ik heb deze eervolle functie tenslotte niet gezocht, ik ben ervoor gevraagd', zei Van der Linden. 'Maar ik laat me niet tot speelbal van de PvdA maken. Ik heb de eer aan mezelf gehouden.' Dat het de PvdA wel degelijk om zijn persoon te doen zou zijn, al wordt dat ten stelligste ontkend, had Van der Linden vernomen van zijn fractievoorzitter Brinkman. Die zou daarover signalen hebben gekregen. Zelf had Van der Linden geen bewijzen. Hij zei de aangeboden functie aanvankelijk in overweging te hebben genomen, omdat hij meende te mogen aannemen dat de PvdA ermee akkoord zou gaan. Op de vraag of Lubbers hem had gezegd dat Kok zijn kandidatuur steunde, antwoordde hij glimlachend: 'Ik kan u niet meedelen wat er in het torentje met mij is besproken.' Van der Linden ontkende dat hij zich uiteindelijk onder druk van minister-president Lubbers of fractievoorzitter Brinkman had teruggetrokken. Aanvankelijk hield hij ook vol dat de voltallige CDA-fractie instemde met zijn kandidatuur. Na een CDA-fractievergadering was dinsdagavond echter duidelijk geworden dat veel CDA'ers zich verbijsterd afvroegen waarom Lubbers juist de over het paspoort gestruikelde oud-staatssecretaris Van der Linden naar voren had geschoven. Van der Linden gaf gisteren uiteindelijk toe dat zijn collega's verdeeld waren: 'Maar er zijn altijd wel een aantal mensen tegen een benoeming. Vanwege hun eigen carriere-belangen.'

    • Aukje van Roessel