'Betalen in EG moet goedkoper en sneller worden'

BRUSSEL, 27 sept. Het betalingsverkeer tussen de lidstaten van de Europese Gemeenschap moet 'even goedkoop, even snel en even betrouwbaar' worden als in de lidstaten zelf. Dat zegt de Europese Commissaris voor concurrentie, Sir Leon Brittan.

In een discussiestuk stelt Brittan niet te kunnen aanvaarden 'dat het zo moeilijk en duur voor particulieren en het zakenleven moet zijn om betrekkelijk kleine bedragen aan iemand in de gemeenschappelijke markt over te maken terwijl het zo gemakkelijk is in de eigen lidstaat.'

Als voorbeeld van die moeizame praktijk haalt Brittan een rapport van de Europese consumentenorganisatie BEUC aan uit 1988. Dat beschrijft 144 pogingen om een bedrag van 100 ECU (231 gulden) over te maken. De gemiddelde duur van zo'n transactie was vijf dagen. Een kwart van de betalingen van Frankrijk naar Duitsland bleek meer dan tien dagen onderweg te zijn, drie betalingen deden er meer dan zes weken over en twee bleken bijna een jaar later nog niet gearriveerd. Vaak kunnen betrekkelijk kleine bedragen niet worden verwerkt omdat de bankkosten daarbij te hoog zijn.

Bij het wisselen van geld, zo schrijft de Commissaris, is door het Europese wisselkoersmechanisme weliswaar grotere stabiliteit ontstaan, maar koersverliezen zullen pas verdwijnen in het laatste stadium van de Economische en Monetaire Unie, wanneer de waarde van de munteenheden onderling vastligt.

Wat elektronisch geld overmaken betreft, gelooft de Europese Commissie dat een systeem denkbaar is dat efficienter werkt dan het huidige. Ze stelt voor volgend jaar de instelling voor van een coordinatiegroep voor betalingssystemen waarin banken, clearing-agentschappen van de lidstaten en de centrale banken zijn vertegenwoordigd.