Lubbers vindt uitlating F 16's 'niet gelukkig'

DEN HAAG, 26 sept. Premier Lubbers vindt het 'niet gelukkig' dat hij vrijdag het aanbod van Westduitse F16-vliegtuigen als oorzaak heeft genoemd voor de Turkse weigering om Nederlandse F16-vliegtuigen op zijn grondgebied te stationeren. Dat zei de premier gisteren in het vragenuurtje van de Tweede Kamer.

Lubbers verklaarde dat minister Van den Broek in de Verenigde Naties in New York landen in het Golf-gebied, waaronder Turkije, polst om de achttien Nederlandse jachtvliegtuigen alsnog te ontvangen.

De premier zei dat er wel degelijk overleg met Turkije was geweest. Eerst vorige week maandag op militair niveau tussen de chefs defensiestaf, daarna tussen Buitenlandse zaken en de Turkse ambassadeur in Den Haag. De VVD was van mening dat het antwoord van de regering op pijnlijke wijze de slordigheid demonsteerde waarmee Nederland had gehandeld. De PvdA vroeg met klem niet met de F16's te gaan leuren in het Golf-gebied.

Op het ministerie van defensie was vanochtend nog niet duidelijk of de resolutie over een luchtembargo die de Veiligheidsraad vannacht aannam alleen onderschepping boven of op eigen grondgebied inhoudt of dat VN-landen ook kunnen opereren buiten het eigen land om het handelsembargo tegen Irak effectiever te maken. Slechts Turkije, Egypte en Saoedi-Arabie beschikken over faciliteiten voor operaties met F16-vliegtuigen. Naar andere landen in het Golf-gebied zou een veel groter contingent ondersteuning van de Nederlandse luchtmacht moeten worden gestuurd.

Onze verslaggever in de Verenigde Naties voegt hier aan toe: Gesprekken over stationering van een Nederlands squadron van achttien F-16 jachtvliegtuigen worden 'met kracht voortgezet' met in aanmerking komende landen in het Golf-gebied. Dat zei minister Van den Broek van buitenlandse zaken gisteravond in New York. Met welke landen wordt overlegd wilde de minister niet prijsgeven. 'Wacht maar rustig af', zo zei hij.

Van den Broek, die in New York de Algemene Vergadering van de VN bijwoont, verzette zich tegen de indruk dat de Turkse regering uit de krant moest vernemen dat Nederland F 16's op haar grondgebied wilde stationeren. 'Ze waren op de hoogte', zei hij. Wie dat was binnen de Turkse regering en op welke wijze het contact tot stand was gekomen, wilde Van den Broek evenmin zeggen.