DES-dochters eisen aansprakelijkheid van tienfarmacie-bedrijven

AMSTERDAM, 26 sept. Tien farmaceutische bedrijven die het DES-medicijn op de markt hebben gebracht moeten aansprakelijk worden gesteld voor de gevolgen van het gebruik van het middel. Dit hebben zes slachtoffers van het DES-medicijn gisteren in hoger beroep bij het Amsterdamse gerechtshof geeist tegen de tien bedrijven.

De vraag was gisteren of de aansprakelijkheid zich beperkt tot deze tien of geldt voor alle bedrijven die DES op de markt brachten. Worden de tien bedrijven aansprakelijk gesteld, dan is dat van groot belang voor de toekomst van het aansprakelijkheidsrecht in het algemeen, vond de raadsman van de bedrijven, mr. J. Ekering.

Een van de advocaten van de eisers, mr. H. A. Bouwman, voerde in zijn pleidooi het juridische begrip 'alternatieve causaliteit' aan: vaststaat dat de oorzaak van de schade binnen een bepaalde groep ligt dat zijn de farmaceutische bedrijven die DES op de markt brachten , maar het is niet te bewijzen welk bedrijf dit was. Volgens Bouman biedt het recht in dit geval de mogelijkheid om de hele groep hoofdelijk aansprakelijk te stellen. Tevens voerde hij aan dat alle bedrijven die DES op de markt brachten vooraf onvoldoende de werking en gevaren van het geneesmiddel hebben onderzocht. Volgens de advocaat van eisers valt hen onzorgvuldigheid te verwijten. 'Alle bedrijven gingen af op publikaties die maar gebrekkig wetenschappelijk waren onderlegd. Als je die riscio's neemt, moet je de gevolgen ervan onder ogen zien', aldus de raadsman.

Het middel werd tussen 1947 en 1975 aan ongeveer 200.000 zwangere vrouwen voorgeschreven ter voorkoming van een miskraam. Maar de bijwerkingen van het middel waren zeer ernstig. De dochters van veel van deze vrouwen kregen op jonge leeftijd kanker aan de baarmoeder of vagina. In 1986 eisten de dochters van vrouwen die DES gebruikten bij de Amsterdamse rechtbank een schadevergoeding van tien farmaceutische fabrikanten. De eis werd in 1988 door de rechter afgewezen, omdat de vrouwen niet konden bewijzen van welk bedrijf precies het kankerverwekkende DES afkomstig was. Mr. L. Eykman, een andere raadsman van de zogenoemde DES-dochters, wees deze redenering van de hand. Volgens hem geldt de voorwaarde van het 'allemaal dagvaarden niet'. 'Het staat vast dat ten minste een van de fabrikanten het middel op de markt heeft gebracht dat de feitelijke oorzaak van de schade heeft veroorzaakt, ' aldus de raadsman. Het is bovendien onmogelijk alle namen van Nederlandse leveranciers boven water te krijgen. Uitspraak op 22 november.