Onderzoek naar positie verpleging

DEN HAAG, 25 sept. Een vanmiddag door staatssecretaris Simons (volksgezondheid) geinstalleerde commissie van 'onafhankelijke deskundigen' gaat onderzoeken hoe de positie van verpleegkundigen en verzorgenden kan worden verbeterd. Binnen een half jaar moet de commissie voorstellen doen over maatregelen die deze beroepen aantrekkelijker kunnen maken.

Voorzitter van de commissie is J. F. M. Werner, directeur van het Academisch Medisch Centrum (AMC) in Amsterdam. Alle aspecten van het beroep komen in het onderzoek aan bod, varierend van de functiewaardering tot en met de vooruitzichten binnen het vak. Het advies van de commissie, met daaraan gekoppeld de financiele consequenties, zal volgens Simons een 'zwaarwegend karakter' hebben.

Met het instellen van de commissie voert de staatssecretaris een motie uit die in juni in de Eerste Kamer werd aangenomen. Volgens het Eerste-Kamerlid mr. E. Veder-Smit (VVD), oud-staatssecretaris van volksgezondheid en milieuhygiene en initiatiefnemer van de motie, is een structurele aanpak van de problemen waarin de 'ondergewaardeerde beroepsgroep' verkeert noodzakelijk. Deze aanpak moet volgens haar verder gaan dan de maatregelen die tot nu toe zijn genomen, bijvoorbeeld op het gebied van het verlichten van de werkdruk. 'Als wij dat niet doen, mogen wij verwachten dat de spanning op de arbeidsmarkt nog toeneemt, dat de conflicten terugkeren en dat de motivatie blijvend wordt beschadigd', waarschuwde Veder-Smit in juni.

De Vereniging Verplegenden Verzorgenden in Opstand (VVIO) is blij met het onderzoek. 'Dit is een goeie zet van Simons', zegt een woordvoerster. Geld in instellingen stoppen heeft volgens haar weinig zin zolang er geen mensen zijn om de vacatures op te vullen. 'Dat is water naar de zee dragen. Er zal eerst iets moeten veranderen aan de positie van de mensen die er al werken.'

De vereniging liet de bewindsman vorige week weten dat het geld dat is bestemd voor verlichting van de werkdruk in de gezondheidszorg niet terechtkomt waar dat nodig is. De VVIO baseert zich op eigen onderzoek in enkele tientallen instellingen.