Managers van de 64 velden

'Schakers zijn niet echt zakelijk, anders hadden ze wel een ander beroep gekozen', poneerde Jan Timman afgelopen zaterdag in deze krant. Hij voegde daar aan toe dat de commerciele weg die deze sport is ingeslagen tot betere voorwaarden heeft geleid, maar dat er tot het bord geen sfeer van 'nieuwe zakelijkheid' is doorgedrongen.

Timman is thans voorzitter van de Grand Masters Association, de vakbond van grootmeesters die in het leven is geroepen om de macht van de wereldschaakbond (lees: president Campomanes) tot het uiterste te beperken. Aanleiding tot het oprichten van de GMA vormde het ingrijpen door Campomanes in de WK-tweekamp tussen Karpov en Kasparov in 1985. Na 48 partijen was Karpov de uitputting nabij, waarna de FIDE-president het gevecht eigenhandig staakte.

De schaakwereld reageerde verbolgen. Nooit zou het meer zover mogen komen dat de leken hun macht zouden aanwenden om de clericalen hun wil op te leggen. Kasparov krijste dat niemand het recht had het natuurlijke verloop van de tweekamp te verstoren. Nu, vijf jaar later, is onder supervisie van de GMA een regel doorgevoerd, of liever gezegd afgeschaft, die eveneens ingrijpend is voor het verloop van de WK-tweekamp tussen Kasparov en Karpov, een match die uit financiele overwegingen is verdeeld over New York en Lyon. De regel dat degene die zes partijen wint zich automatisch wereldkampioen mag noemen, is geschrapt. Die beslissing werd louter genomen om te voorkomen dat reeds in New York de nieuwe titelhouder bekend is, waardoor de tweede helft in Lyon overbodig zou worden. Het duel gaat over maximaal 24 partijen. Wie 121/2 punt scoort mag de belangrijkste schaaktitel voeren. Maar dat kan pas in Lyon worden bereikt.

Om deze wijziging hangt een zweem van opportunisme. Een Wimbledon-finale over vijf sets is vaak aardig voor het publiek, maar het wordt bedenkelijk wanneer de regels dusdanig worden aangepast dat een zege in drie sets tot de onmogelijkheden behoort. De betrokkenen in de schaakwereld gaan een dergelijke discussie uit de weg of wijzen erop dat de schaaksport hier publicitair bij gebaat is. Feit is evenwel dat de grootmeesters, die aanwijsbaar financieel voordeel hebben bij een dergelijke opzet, thans zelf in het verloop van de tweekamp om de wereldtitel hebben ingegrepen en derhalve in plaats van de denkers steeds meer door het leven gaan als de managers van de 64 velden.

BR