Inflatie eerste zorg Westen

WASHINGTON, 24 sept. De industrielanden hebben gekozen voor inflatiebestrijding als antwoord op de gevolgen van de hogere olieprijzen door de Golfcrisis. De rente zal hoog worden gehouden, ook al komt de economische groei daardoor onder druk te staan. De industrielanden hopen tegelijkertijd de economische groei niet te smoren.

Tot dit gemeenschappelijke beleid is besloten tijdens een serie bijeenkomsten dit weekeinde in Washington.

Een op stabiliteit gericht monetair beleid en een strak begrotingsbeleid vormen het juiste antwoord op de Golfcrisis, aldus een verklaring die zaterdag werd uitgegeven. Uiteindelijk biedt lage inflatie het beste perspectief op groei. Zaterdag kwamen de ministers van financien en de centrale bankpresidenten van de zeven belangrijkste industrielanden (VS, Japan, Bondsrepubliek, Frankrijk, Groot-Brittannie, Italie en Canada) bijeen aan de vooravond van de jaarvergadering van het Internationale Monetaire Fonds (IMF). Minister Kok beklemtoonde gisteren dat de eerste zorg van de industrielanden is om inflatie te bestrijden. 'We moeten een loon- en prijsspiraal voorkomen en zorgen dat het begrotingsbeleid niet verslapt om deze tegenvaller van buitenaf op te vangen.'

Nederland moet volgens hem vasthouden aan de koers van het huidige beleid.

Ook de Westduitse en Britse ministers van financien legden nadruk op inflatiebestrijding. 'Landen moeten wellicht een renteverlaging uitstellen in verband met de gevolgen van de Golfcrisis', zei de Britse minister Major. Groot-Brittannie heeft de hoogste inflatie en rente van de industrielanden. Major zei dat afzwakking van de groei in Groot-Brittannie de enige, noodzakelijke maar pijnlijke weg is naar lagere inflatie.

Karl-Otto Pohl, de president van de Bundesbank, beklemtoonde dat een stabiel geldbeleid het juiste antwoord is op de problemen veroorzaakt door de Golfcrisis en de beste bijdrage aan voortgezette groei. 'Alle landen zullen zich aan een strak geldbeleid houden', aldus Pohl.

Na de recente daling van de dollar ten opzichte van de yen en de D-mark zijn de wisselkoersen meer in overeenstemming met de internationale economische verhoudingen gekomen. 'Per saldo hebben de wisselkoersen zich de afgelopen weken in de juiste richting bewogen', aldus een Duitse bankier. Slechts Frankrijk en de Fed, de Amerikaanse centrale bank, maken zich toenemende zorgen over een ongewenste verdere dollardaling. De industrielanden zijn eensgezind van mening dat hogere olieprijzen direct dienen te worden doorberekend aan de consumenten zonder compensatie in de vorm van loonsverhogingen of extra overheidsuitgaven. Hiermee staat het antwoord van de industrielanden op de 'derde oliecrisis' haaks op de reactie in de jaren zeventig op de eerste twee oliecrises. Toen besloten de industrielanden tot vraagstimulering om te voorkomen dat de groei zou afzwakken. Dit leidde uiteindelijk tot hardnekkige inflatie en stagnatie.