Hockey-arbiters ten strijde tegen schuttingtaal

BILTHOVEN, 24 sept. De rode kaart wordt in het hockey niet veel gebruikt. Afgelopen seizoen werden in 90.000 wedstrijden in Nederland slechts 477 spelers uit het veld gestuurd. Op topniveau, in de hoofdklasse van de mannen, is het aantal uitsluitingen in een hele competitie altijd ruimschoots onder de tien gebleven. Daarom is het zo opmerkelijk dat gisteren op de vierde speeldag al voor de vierde keer rood (aan Joppe Verhoeff van HDM) werd gegeven en dat het bovendien weer gele (tijdstraf) en groene kaarten (waarschuwing) regende in de hoofdklasse.

Het is het gevolg van de mededeling van de technische commissie van de KNHB dat de scheidsrechters hun kaarten in de afgelopen jaren te weinig hebben gebruikt. Bij de laatste briefing werd de arbiters met name opgedragen geen schuttingwoorden en beledigingen van spelers meer te accepteren. Volgens tc-voorzitter Piet Lathouwers is wat dat betreft de grens in voorgaande jaren ver overschreden. Hij zegt dat er nu vooral aan de voorbeeldfunctie naar de jeugd toe is gedacht. 'Er wordt via een uitgebreid jeugdplan jarenlang opgevoed, maar zo'n hockeyertje hoeft maar een middag naar een hoofdklassewedstrijd te komen kijken en hij staat echt met zijn oren te klapperen.' Hockeyers praten altijd veel in het veld. Het is voor de betrokkenen gissen naar de redenen. 'Ik denk dat ze door hun geldingsdrang in combinatie met hun IQ iets krijgen van: ik geef mijn mening ook maar', aldus Marc Delissen, de aanvoerder van landskampioen HGC en het Nederlandse elftal. Volgens Tom van 't Hek van Kampong, een gevat causeur op en buiten het kunstgras, heeft het er mee te maken dat iedereen iedereen kent in de hockeywereld. Dat praat makkelijk. 'En praten in het veld is toch een beetje Nederlands. Duitsers doen het ook. Maar bij bijvoorbeeld ploegen uit Australie en Pakistan hoor je veel minder', aldus Van 't Hek.

Verbolgen

De technische commissie heeft geen lijst opgesteld met opmerkingen en woorden die de betrokken speler wel of geen rode kaart opleveren. De scheidsrechter bepaalt die grens zelf. Doelman Ronald Jansen van Oranje Zwart werd in de wedstrijd tegen HGC uit het veld gestuurd omdat hij de arbiters voor homo's had uitgemaakt en Bloemendaal-middenvelder Cees-Jan Diepeveen zou scheidsrechter Idenburg lul hebben genoemd in het duel tegen Tilburg.

Diepeveen vindt het op zich terecht dat beledigingen aan het adres van de arbitrage worden bestraft. Hij verwacht echter ook dat er veel minder problemen zullen zijn 'als de scheidsrechters gewoon beter gaan fluiten'.

Hij is net zoals Marc Delissen van mening dat een groot aantal arbiters 'de wedstrijden niet aanvoelt'. Delissen kan zich nog een oefenpartij van het Nederlandse team herinneren waarbij een speler, Eelco van der Meulen (HDM), door het ontbreken van een scheidsrechter het duel moest leiden. 'Dat ging uitstekend, gewoon omdat hij het in de geest van de wedstrijd deed.' Van Rob Lathouwers, de meest ervaren internationale arbiter, wordt gezegd dat hij op de juiste momenten tolerant is. Hij heeft ook nog nooit in zijn loopbaan een hockeyer uit het veld gestuurd. Lathouwers die gisteren in Bilthoven SCHC-Bloemendaal (1-2) leidde dient de spelers van repliek. 'Ik probeer', zegt hij, 'me in hun situatie te verplaatsen. Ik kan me best voorstellen dat iemand weleens emotioneel reageert. Ze mogen best wat tegen me zeggen als ze het maar niet over het hele veld laten galmen zodat iedereen kan meegenieten.'

Lathouwers wil geen kritiek hebben op zijn collega's. 'Maar het is wel belangrijk dat we een lijn trekken. Dan weten de spelers waar ze aan toe zijn.' Volgens Delissen en Diepeveen werken de instructies die de scheidsrechters aan het begin van ieder seizoen krijgen voorlopig alleen maar averechts. 'Ze gaan geforceerder fluiten en het lijkt wel of de daadwerkelijke regels worden vergeten.' Diepeveen zegt zeker te weten dat verscheidene arbiters uit de top nog nooit een training bij een hoofdklasse hebben bijgewoond. 'Dan zouden ze een ander idee van ons krijgen.'

Rob Lathouwers, een volle neef van de tc-voorzitter, is best genegen op een donderdagavond langs de lijn te komen staan. Hij vraagt echter van de spelers hetzelfde begrip. 'Vele spelers kennen niet eens alle spelregels', aldus de Brabantse arbiter. 'Ik weet nog dat ik Wim van Heumen (ex-bondscoach) ooit voorstelde om de internationals een C-scheidsrechterscursus te laten doen. Hij gaf als antwoord dat hij niet in regels, maar alleen in doelpunten was geinteresseerd.' Marc Delissen is wel in het bezit van een C-kaart. Hij zegt te beseffen hoe moeilijk het is een hockeywedstrijd te leiden. 'Het spel gaat snel, het balletje is klein en er zijn veel regels.'

'Elke scheidsrechter maakt fouten', aldus tc-voorzitter Piet Lathouwers. 'Dat is niet erg wanneer de spelers dat van hem kunnen accepteren. Daarom vind ik dat het belangrijkste.'

Lathouwers zegt als hij een vergelijk met het buitenland trekt tevreden te zijn met het Nederlandse scheidsrechterskorps. 'Maar ik moet eerlijk zeggen dat ik niet weet of dat de juiste norm is.'

    • Hans Klippus