De PvdA-achterban mort over Kok, al is het zachtjes

DEN HAAG, 24 sept. De commotie in Den Haag rondom het aftreden van minister Braks van landbouw, natuurbeheer en visserij doet bijna vergeten dat vorige week ook een Miljoenennota is gepresenteerd. De eerste sinds dertien jaar waar ook de PvdA regeringsverantwoordelijkheid voor draagt. De begroting '91 had moeten bewijzen dat minister van financien Kok een solide financier is. Aan dat beeld van minister en partijleider Kok werd de afgelopen elf maanden zorgvuldig gewerkt. Maar de reacties op de begroting waren vernietigend. 'Het beeld van de solide financier is aan diggelen', verzuchtte afgelopen week menig PvdA-Kamerlid.

Coalitiegenoot CDA begreep niet hoe de PvdA met een eerste oordeel op de Miljoenennota kon komen dat zo totaal afwijkt van de rest. Terwijl CDA-fractievoorzitter Brinkman sombere woorden in de mond nam als 'ruwer weer' en 'alle zeilen bijzetten', had PvdA-collega Woltgens het over een 'verademing'. De Rotterdamse hoogleraar E. M. Bomhof, lid van een 'PvdA-economenclubje', beschuldigde in deze krant de regering van 'intelectuele en bestuurlijke lafheid', terwijl PvdA-partijvoorzitter Sint juichend was over 'het gezicht van de PvdA' dat volgens haar uit deze begroting opdoemt.

De eigen achterban mort, al is het zachtjes. Dat van die 'verademing' ging wel erg ver. Het jonge PvdA-kamerlid J. van der Vaart weet niet wie dat woord heeft verzonnen. Hij niet in ieder geval. Op een bijeenkomst van zijn partijgewest in Rotterdam klaagt hij zaterdagmorgen tegen een partijgenoot over de 'ondemocratische manier' waarop zijn fractie werkt. 'Onze reactie is al bij de pers voordat wij er ook maar een keer plenair over hebben gesproken.' Gedeputeerde in Zuid-Holland, J. van der Vlist merkt op dat het vermaledijde woord 'in ieder geval' niet voorkomt in de reactie van het voltallige partijbestuur, waar de partijraad komend weekeinde over vergadert. 'Kok doet alsof het een begroting is die precies hetzelfde zou zijn als wij alleen zouden regeren', vindt de gedeputeerde. 'Waarom geven we niet gewoon toe: dit is het ideaal, maar omdat we compromissen moeten sluiten zijn we maar tot zover gekomen.'

Het is de klacht, die ook opdook na de voor de PvdA zo slecht verlopen gemeenteraadsverkiezingen.

Het PvdA-gewest Zuid-Holland mocht afgelopen zaterdag op- en aanmerkingen maken over de Miljoenennota. Een enkele spreker moppert over een concreet punt uit de begroting: de tariefsverhoging bij de spoorwegen of de bezuiniging op de stadsvernieuwing. Maar het merendeel klaagt eigenlijk over de beeldvorming: de PvdA mag de knieen hebben stijf gehouden in de affaire-Braks, het zijn nog steeds de knietjes van Calimero.

Wethouder Ketting uit Spijkenisse heeft geen goed woord over voor de manier waarop de PvdA zichzelf op de borst klopt voor de 'kerstgratificatie' aan de minima van vijftig gulden. Hij vindt het maar ' een geforceerd ding'. 'We kunnen niet zeggen dat we het slecht doen, dus zeggen we dat we het goed doen. Maar welk beleid stellen we nu eigenlijk voorop?' Ook gedeputeerde Van der Vlist wil 'lijnen naar de toekomst' zien. 'We worden door het CDA in het defensief gedrukt. We moeten etaleren voor welke dilemma's we staan. Die vijftig gulden waar we zo voor hebben gevochten, komt toch niet over als een succes. Zeker niet nu de olieprijs zo stijgt.'

'Waarom maken wij er geen gebruik van dat we een failliete boedel hebben moeten overnemen?', oppert iemand. In de zaal mompelt senator J. Borgman instemmend: 'Als je inderdaad ziet wat het vorige kabinet heeft achtergelaten. En dan Ruding die met zijn grote bek meteen commentaar had op zijn opvolger. Gewoon onfatsoenlijk.' Het PvdA-kamerlid W. Vermeend moet de kritiek pareren. De zaal wordt teruggepakt. 'De tendens in de pers is maatgevend voor jullie reacties', opent hij zijn verhaal. 'Laten we nu eens objectief naar de zaak kijken', nodigt hij zijn gehoor uit.

Hij neemt zijn gewestgenoten mee langs de schamele erfenis van het vorige kabinet, de onverwachte en onverklaarbaar tegenvallende belastinginkomsten en de Golfcrisis. Onze schuld niet, is de boodschap. Vervolgens pareert hij de kritiek van de financieel deskundigen dat Kok de gaten in zijn begroting heeft gedicht met 'trucs'. 'We hadden ook de belastingen kunnen verhogen', spiegelt Vermeend voor, 'maar dat zou buitengewoon onverstandig zijn geweest in een tijd dat een economische recessie dreigt. Bovendien had ik dan de krantekoppen wel eens willen zien: Kok zit er nog niet of de belastingen gaan omhoog.'

Een ander alternatief zouden echte bezuinigingen zijn geweest. Maar dat het kabinet daartoe niet besloot, is niet alleen de schuld van de PvdA, gaat het kamerlid verder. 'Het CDA heeft de mond vol van het verminderen van subsidies, maar ik heb nog geen enkel goed uitgewerkt idee gehoord.'

Tenslotte reageert hij op het grootste ongenoegen van zijn achterban. 'We stralen geen vrolijk gezicht uit. Dat klopt. We moeten veel meer de positieve punten benadrukken, zoals bijvoorbeeld de koppeling tussen lonen en uitkeringen. Als wij niet in de regering hadden gezeten, dan had het CDA de koppeling echt niet hersteld. We moeten rechtop lopen.'

Maar ook hij komt er niet uit: het woord verademing had toch juist blijk moeten geven van dat herwonnen zelfvertrouwen? PvdA'ers hebben blijkbaar geen behoefte aan opgeklopt optimisme. Ze willen gewoon horen dat regeren moeizaam gaat. Als die eerlijke boodschap maar opgewekt wordt gebracht, want - zoals een vrouw in de zaal roept - 'Als je een PvdA'er op de televisie ziet, heeft hij al een somber gezicht voordat hij iets heeft gezegd.'