Van snorfiets naar snelheidsmonster; GEMORREL IN DEMARGE

De snorfiets moest de bromfiets redden en het lijkt erop dat het lukt. Maar wat een hulp voor vermoeide moeders moest worden dreigt nu in een kleine catastrofe te ontaarden. Uit cijfers van het Centraal Bureau van de Statistiek blijkt dat het aantal ongevallen met brom- en snorfietsen de afgelopen maanden is toegenomen. Het toenemend gebruik van opgevoerde snorfietsen door jongeren is een oorzaak van de stijging. Opvoersetjes zijn overal te koop en met een beetje vijlen en boren rijdt een snorfiets zeventig.

Snorren is het woord niet. Reutelen is beter, gorgelen desnoods. Mijn splinternieuwe Gilera Citta ploegt over het fietspad. Links en rechts halen grijsaards op zware herenrijwielen me bellend in. De teller wijst 17 kilometer per uur en de gashendel kan niet verder. Voetgangers blijven staan en ik word ongerust. Het wijkblad meldt al weken overvallen op snorfietsen en met deze snelheid is elke vluchtpoging nutteloos. 'De daders verdwenen richting Bijlmermeer', zo eindigt het bericht steevast. Prrrrrt doet een passerende snorfiets. Het is een Spartamet, een feilloos lopend rijwiel met hulpmotor, de snorfiets zoals hij bedoeld was. Thuisgekomen inspecteer ik onmiddellijk het setje dat ik erbij heb gekocht. Een rubber V-snaar, een kleiner snaarwiel, een expansie-uitlaat, en een grotere carburateur.' Wilt u een snorfiets of een bromfiets, ' had de fietsenmaker gevraagd. Hij wees op twee identieke brommers. Allebei Citta's ('Sieta's'), met kleine, witgespoten wielen en de rose en groene stickers waar de jeugd van houdt. De een is een brommer, de andere een snorfiets. De een gaat 40 km per uur, de andere 25. De brommer heeft een geel plaatje, de snorfiets een oranje. Maar de plaatjes liggen nog op de toonbank en ik kan het krijgen zoals ik het hebben wil. ' De jeugd koopt een bromfiets met een oranje plaatje, ' helpt de fietsenmaker. ' Dan hoeven ze geen helm op en ze rijden toch veertig.'

Maar ik wil met een schone lei beginnen en ik kies voor een legale snorfiets met oranje plaatje. Achttienhonderdvijfenveertig gulden.

De snorfiets moest de redding van de bromfiets worden en het lijkt erop dat het lukt. In 1970 werden er nog 320.000 nieuwe bromfietsen verkocht, de helmplicht werd op 1 februari 1975 ingevoerd en de verkoop stortte in. In 1975 verlieten 57.000 brommers de winkel. 1977: minister Westerterp vindt de snorfiets uit. Vooral de lachers had hij daarmee op de hand - en een enkele huisvrouw met moeie benen en een watergolf. De snorfiets pruttelde naar de vergetelheid. Maar in 1985 werden er plotseling 5.000 snorfietsen verkocht, in '86 11.000 en in 1989 20.500. Dit jaar zal een recordjaar worden, voorspelt de handel, ze zijn niet aan te slepen.

De reden: de jeugd snorfietst. De jeugd heeft een hekel aan de helm en toen Gilera zijn snorfietsen in gewaagde kleurencombinatie ging spuiten, trof hij doel. Op vakantie in Spanje en Griekenland had de jeugd al kennisgemaakt met die geinige huurbrommertjes met kleine wieltjes, waar je zonder helm toch met vijftig langs de boulevard kunt rijden. En sinds de zomers ook in Nederland van Zuideuropese kwaliteit zijn kan het hier ook: met de benen op het motortje, de trappers draaiend in de lucht.

Wat de jeugd niet zo zint is die 25 kilometer grens. Een eenvoudige oplossing is de brommer-uitvoering met oranje plaatje, maar dat is nog maar het begin.' Het rare is, ' zegt Ronnie, ' dat ik veel meer ongelukken krijg als hij niet is opgevoerd. Ik ben thuis bezig met een 90 c-blok. Moet 110 gaan lopen. Ik heb dus nu het gewone blokje eronder hangen en ik vergis me steeds. Ik denk: dat kruispunt haal ik wel, maar dan vergeet ik dat ik maar 40 kan. Als ik met een snel blok rijd ben ik veel alerter.'

Ronnie is vaste klant van de Brommerhoek, een van de trefpunten van de Amsterdamse snorfietsscene. In de rekken staan doosjes met veelkleurige Italiaanse opdruk. Gilardoni, Polini, Gianelli, Malossi. Het zijn snelle cilinders en zuigers, vanaf ongeveer honderd gulden. Grillig gevormde, dikbuikige expansieuitlaten. Vanaf fl.50, - voor een Proma tot ruim fl.150, - voor een echte Leo Vinci. In een glazen vitrine glimmen speciale krukassen, snelle carters en grote Dell'Orto carbuarateurs. Mijn aankoop is bescheiden. Ik zoek al een tijdje naar een nog kleinere poelie, en hier hebben ze hem.

De eerste stappen zijn eenvoudig. Met een muntstuk draai je de grote schroeven van de plastic beplating los en de simpelste brommer ooit gemaakt kijkt je aan. Een frame dat uit een geknikte buis bestaat, de buis is tevens benzinetank. Een klein motortje. Geen versnellingen, een automatische koppeling en een rubber V-snaar die de kracht van de motor overbrengt naar een grote poelie (snaarwiel) bij het achterwiel. Vervangen van de poelie door een kleinere, verandert de overbrenging, op dezelfde manier als bij een sportfiets met derailleur. Het karweitje is in vijf minuten gefixt. Als er ook een kortere V-snaar is gemonteerd loopt de Citta meteen al 30. Ook het reutelen (het zogeheten 'viertakten', een aanslag op het milieu) is nu over. De acceleratie is verdwenen. Kosten: drie tientjes. Nu begint het echt. Het carburateurtje met een doorlaat van 7 mm wordt vervangen door een carburateur die er net zo uitziet, maar een doorlaat heeft van 13 mm. Veel meer benzine/luchtmengsel kan zo tot de cilinder doordringen. Het is even prutsen, maar het lukt. Meteen wordt de uitlaat vervangen. Het zwarte kachelpijpje met zijn flinterdunne toevoerpijp geeft wel heel weinig geluid, maar ook veel te veel tegendruk. Hij wordt vervangen door een expansieuitlaat die als een gifslang onder het motorblokje kronkelt, met een fraaie zilveren einddemper. Als de Citta wordt gestart heeft een nieuwe geest van het motortje bezit genomen. Grommend zuigt hij door het luchtfilter de lucht aan en met pittige klapjes verlaten de verbrande gassen het uitlaatje. Een korte proefrit bevestigt de goede vorm: 52!

Kritische grens

De heer Thijssen is directeur van ETS BV. Hij importeert de Citta's in Nederland. ' Het mag niet, ' zegt hij. ' Ik ben er fel tegen. Een kleine groep verpest het voor de overigen. Maar de ontwerpsnelheid van de Citta's is ongeveer 50 km per uur, dus ze kunnen het wel hebben. De echte problemen ontstaan als je meer dan tachtig rijdt. Dan overschrijd je een kritische grens.'

Voor het opvoeren heeft hij een eenvoudige remedie. ' Die opvoersets liggen bij elke bromfietshandelaar in de rekken. Mijn voorstel is: breng brom- en snorfietsonderdelen onder de Warenwet en verbied de verkoop van opvoeronderdelen.'

H. Smeets, van de Hoofdafdeling Verkeersveiligheid van het ministerie van Verkeer en Waterstaat: ' Het probleem is dat je een goede definitie moet hebben. Het begrip opvoerset is volstrekt onbruikbaar. Brommers voer je op met cilinders, zuigers, uitlaten, carburateurs, sproeiers, tandwielen, noem maar op. Dat zijn allemaal onderdelen die ook volstrekt legitiem gebruikt kunnen worden: voor grasmaaiers, scooters, motorfietsen, buitenboordmotoren, enzovoort. Verkoop van onderdelen voor verbrandingsmotoren kun je niet verbieden.'

Gatenkaas

De Malossi cilinder met bijbehorende zuiger zit in een fraaie doos van piepschuim. Honderdachtennegentig gulden kost hij maar wat een prachtig stukje gietwerk is het. Het aluminium van de zuiger is over een groot gedeelte weggelaten, voor een betere poorttiming en gewichtsbesparing. De zuiger is een paar millimeter wijder dan de originele, en dat brengt de cilinderinhoud op een illegale 60c. De cilinder lijkt wel een gatenkaas, op allerlei plaatsen zijn extra spoelpoorten aangebracht. Het benzine-luchtmengsel kan op tien plaatsen de cilinder instromen. De drie boutjes van de cilinderkop zijn er in een paar minuten af. De originele cilinder wordt weggelegd, evenals de zuiger. De nieuwe zuiger en cilinder erop en nu opgepast. Om de zuiger zitten twee ronde veertjes geklemd en die moeten met alle beschikbare vingers worden ingedrukt als de cilinder over de zuiger schuift, want ze breken snel. ' U verkoopt zeker veel zuigerveren, ' had ik nog tegen de fietsenmaker gegrapt. Krak. De zuigerveer breekt niet alleen, hij valt ook nog in het inwendige van de motor. Een uur sleutelen en een vernederend bezoek aan de fietsenmaker later probeer ik het nog eens en deze keer gaat het goed. Alles wordt weer gemonteerd en met kloppend hart fiets ik de Citta aan. Geen sjoege, alleen een ongezond gebonk. Demontage. Het is de cilinderkop. De cilinder was dan wel op maat voor de wijdere zuiger, de originele kop niet en bij elke omwenteling ramt de zuiger tegen de onderkant van de kop. Met vijl en slijpsteen wordt de kop op maat gemaakt. Weer gaat alles in elkaar en deze keer slaat de motor aan. Het klinkt goed, maar als ik de snorfiets op de testbaan de vrije teugel geef, blijft de naald onder de zestig hangen. Vijf kilometer snelheidswinst voor tweehonderd gulden.

Bewondering' Soms heb ik er best bewondering voor, als ik zie wat ze uit die kleine motortjes halen.'

Hoofdtechnicus D. Bierenbroodspot van de Amsterdamse verkeerspolitie valt even uit zijn rol. Voor hem op de werkbank staat een Citta. ' Maar dit is een geval apart. Moet je kijken.'

Geroutineerd sleutelt hij het hele blokje los en legt het op de werkbank. Hij pakt een doek en veegt het motortje schoon. Hij wijst op de letters die in het carter zijn meegegoten. ' Speed engine', het staat er gewoon op!' Dit is geen opgevoerde motor, maar een compleet nieuw motorblok, van Polini. Bierenbroodspot schroeft de moeren van de kop los, trekt de cilinder eraf en legt de schuifmaat om de zuiger. ' Zesenveertig millimeter. Het mag officieel 38,3 zijn.'

Hij rekent wat en concludeert: 'Zeventig c'. Om ons heen staan een stuk of twintig brommers en snorfietsen. Allemaal 'onder ons' genomen, zoals dat heet. Als een agent een snorfiets of brommer niet vertrouwt gaat die voor onderzoek naar de Technische Dienst op de Plantage Kerklaan. Daar wordt het verdachte apparaat op de rollenbank gezet. Bierenbroodspot geeft een demonstratie. Een in beslag genomen snorfiets wordt gestart en op de rollen geduwd. Vol gas geeft de politieman en de naald van de vermogensmeter op de bank kruipt omhoog. Een halve kilowatt, een kilowatt. ' Officieel moeten we dit een minuut volhouden, ' roept Bierenbroodspot boven het geloei uit. Dan stopt hij. De naald was bij 1,1 kilowatt niet verder opgelopen.

Als de rook is opgetrokken legt de technicus het uit. ' Een snorfiets mag volgens de wet niet meer dan 0,15 kilowatt aan het achterwiel leveren, een brommer 0,44. Als een snorfiets boven de halve kilowatt komt en een brommer boven de 1,4 gaan we de zaak demonteren en worden alle niet-originele onderdelen in beslag genomen. Die worden vernietigd. De eigenaar krijgt de rest terug, plus een proces-verbaal. Boven de twee kilowatt wordt het hele ding in beslag genomen.' Met de wetswijziging van '85, die de wielmaat vrij liet, is hij niet zo gelukkig. ' Je kunt nu nergens meer aan zien of het een snor- of een bromfiets is. Die oranje en gele plaatjes zeggen weinig. Er is een ding: het goedkeuringsnummer. Dat is een letter met vier cijfers. Als die letter een S of een R is, is het een snorfiets, elke andere letter is een brommer.'

Hij wijst het goedkeuringsnummer aan. Het is slecht zichtbaar, zwakjes ingeslagen bij het balhoofd. Motortjes die met de hand zijn opgevoerd, met vijl, polijstpapier en veel geduld, komt Bierenbroodspot die nog wel eens tegen? ' Welnee, ' zegt hij. ' Dat is voorbij. De spullen zijn toch allemaal zo te koop? En het kost haast niks meer. Ik heb vroeger nog wel geraced, bromfietsraces en dergelijke, en ik kon goed opvoeren, al zeg ik het zelf. Heb nog wel een Kreidlercilinder voor een Puch motortje pas gemaakt. Dat wilde wel lopen.'

Kende hij ook die Royal Nords, die fragiele machientjes die met negentig door de polder huilden? ' Ach ja, die dingen met dat voorspatbordje dat zo ver doorliep over het voorwiel, ' zegt Bierenbroodspot enthousiast. ' Prachtige machientjes.'

Arie van Zandbergen, voorlichter van de gemeentepolitie, begint zenuwachtig heen en weer te wippen.

Jeugdbende

Mijn Citta rijdt intussen de meeste snorfietsen voorbij en ook in Amsterdam Zuid-Oost voel ik me nu veilig. Daar komt bij dat de politie net een jeugdbende heeft aangehouden die met geweld de snorfietsers van hun vervoermiddel sleurde. Het waren vier jongens van 15 tot 19 jaar en de snorfietsen waren meestal gauw verkocht. In een kwartier sloegen ze zo eens drie keer hun slag. Maar die dure Malossi cilinder zit me dwars. Als ik door twee jongens in snorfietszit wordt voorbijgereden, besluit ik tot het bittere eind te gaan. De Citta heeft een roterende inlaat en bij mijn bezoeken aan de Brommerhoek is me duidelijk geworden dat daar de bottleneck zit. Op een mooie avond verzamel ik mijn moed en sleutel het motortje geheel los van het frame. Zo snel als Bierenbroodspot het deed lukt het me niet, maar ik heb goed onthouden hoe hij met een beweging het motortje vanuit het frame wegdraaide. Als de motor op de werkbank ligt, kan de operatie beginnen. Cilinder, kop en zuiger gaan er weer af en nu trek ik ook het carter uit elkaar. Naarmate de demontage vordert worden de opmerkingen van huisgenoten sceptischer. ' Krijg je dat ook weer in elkaar?' Als het carter in twee helften uiteen ligt en de krukas is losgetrokken is er geen weg meer terug. Met trillende vingers zet ik een 12 millimeter-boor in het inlaatkanaal. Hij maakt van het zielige gaatje een snelweg voor de instromende gassen. Nu kan er gevijld worden. Met kleine sleutelvijltjes wordt aan de binnenkant van het carter de inlaatsleuf opgeruimd. Na vier uur vijlen heb ik de sleuf van 5 millimeter op 20 millimeter gebracht. De volgende dag komt de krukas aan de beurt. Een van de wangen van de krukas dicht bij elke slag de inlaatsleuf af en met de slijpsteen wordt dat moment fors ingekort.

Beheersen

Het ging ook vroeger wel eens fout. We hadden alle aanwijzingen uit Ulrich Pohl's geheime bestseller Het opvoeren van kleine tweetactmotoren opgevolgd, behalve die ene, en we hadden hem nog wel onderstreept: 'De enigste moeilijkheid is zich te beheersen en niet te ver te gaan'. De Berini liep als een trein, maar er was een Sparta die harder ging. Zou de zuiger nog wat verder kunnen worden afgevijld en zo de inlaatpoort nog eerder vrijmaken? Dat kon, maar nooit is die Berini meer boven de 35 gekomen.

Dat de Citta niet meteen start is verklaarbaar, want de benzine moet weer helemaal opnieuw door de slang en de carburateur. Maar na drie minuten trappen dringt het tot me door dat er iets ernstig mis is. Zwetend van angst en inspanning leun ik tegen de werkbank. Ik draai de bougie eruit en trap nog een keer. De bougie vonkt. Ik ben te ver gegaan, weet ik nu, de sleuf is te ver uitgevijld, die lompe ingreep heeft het gecompliceerde spoelproces reddeloos in de war gestuurd.

Nog een keer haal ik het motortje uit het frame. Als ik het vliegwiel er af til zie ik het: een klein rood draadje van de ontsteking is kapot geschuurd en maakt sluiting. Zou het kunnen dat de bougie wel vonkt buiten de cilinder, maar in de cilinder geschroefd niet meer? Het zou kunnen, het milieu in de cilinder is veel minder vonkvriendelijk dan de buitenlucht.

Het is diep in de nacht als de Citta al bij de eerste trap start. Na een rondje keer ik terug om mijn helm op te halen. Tot 35 kilometer per uur is er niets aan de hand, maar dan komt het motortje in zijn favoriete toerengebied. Alsof een reuzenhand een duw geeft, zo schiet de snorfiets er vandoor. Vijftig, zestig, zie ik in het licht van de lantaarnpalen. Dan is het naaldje aan het einde van de schaal en ik durf niet meer.

De volgende dag knettert een snorfiets rustig richting Weesper-trekvaart. Op de weg naar Driemond draait de gehelmde man die erop zit het gas open. De snorfiets begint te snerpen. De bestuurder, al een huisvader zo te zien, buigt zich licht voorover. De snorfiets huilt, de veren slaan door op de hobbels van het fietspad. Fietsers staan stil, voetgangers blijven staan. Bij kilometerpaaltje 4 drukt de man een stopwatch in, bij 5 drukt hij weer. Als hij uitrijdt is er een glimlach onder zijn vizier zichtbaar. 51 seconden. Ruim zeventig. Dan rijdt hij naar huis en voor de laatste keer pakt hij de sleutels. Voordat dit racemonster wordt verkocht wordt er weer een legale Citta van gemaakt.