Kabinet roept 5 mei uit tot een nationale feestdag

DEN HAAG, 22 sept. Het kabinet heeft 5 mei uitgeroepen tot nationale feestdag. Dat wil niet zeggen dat iedereen voortaan op Bevrijdingsdag vrij heeft. Een besluit daarover wordt overgelaten aan werkgevers en werknemers.

Volgens premier Lubbers moet de aanwijzing van 5 mei tot nationale feestdag worden gezien als een oproep aan burgers en sociale partners er zoveel mogelijk een vrije dag van te maken. De regering gaat ervan uit, schrijft Lubbers in een brief aan de Tweede Kamer, dat werkgevers en werknemers zullen overleggen hoe ze binnen de CAO's de vijfde mei tot vrije dag zullen verklaren en wie de kosten daarvan moet dragen. Het is niet aan de wetgever, zei Lubbers na afloop van de vergadering van de ministerraad, dit voor te schrijven.

Voor sommige werknemers betekent het kabinetsbesluit automatisch een vrije vijfde mei, omdat in hun CAO alle nationale feestdagen als vrije dag zijn aangemerkt. Bij de overheid geldt 5 mei sinds 1982 als vrije dag. In de Stichting van de Arbeid is tot op heden geen overeenstemming bereikt over het uitroepen van 5 mei tot vrije dag. De FNV noemde het gisteren in een reactie daarom teleurstellend dat het kabinet niet bereid is tot een wettelijke regeling om op die manier de werkgevers te dwingen.

In zijn brief aan de Kamer schrijft Lubbers dat bij de lustrumviering van dit jaar wederom een toegenomen aandacht voor de herdenking van de Tweede Wereldoorlog heeft laten zien. 'De herdenking en overdenking van datgene wat in de Tweede Wereldoorlog is gebeurd, heeft een blijvende waarde in zichzelf. Dat geldt ook of misschien wel juist voor toekomstige generaties.'

Hij noemde het gisteren essentieel dat de viering van 5 mei in het perspectief blijft staan van de dodenherdenking op 4 mei.