Herdruk

Nigel Lewis: Channel Firing. The Tragedy of Exercise Tiger308 blz., Penguin Books 1990 (Viking '89), f27, --De Brits/Amerikaanse landingsoefening Tiger vond plaats in de nacht van 26 op 27 april 1944 en kostte het leven aan enkele honderden Amerikaanse soldaten. Als het aan de Britse en Amerikaanse autoriteiten had gelegen, zou aan deze hele tragedie nooit ruchtbaarheid zijn gegeven. Pas 40 jaar na dato verschenen de eerste berichten in de pers. (Kees M. Paling, Nrc Hdb 18-11-89)Howard M. Sachar: The Course of Modern Jewish History891 blz., Vintage Books 90 (The World Publishing Company '58), f48,15In 1958 verscheen Sachars joodse geschiedenis na de Franse revolutie. Het werd een standaardwerk. Op het einde van de achttiende eeuw leefde een groot deel van de joodse gemeenschap nog op vrijwel dezelfde wijze als in de middeleeuwen. De tweehonderd jaar die volgden, zouden ingrijpende veranderingen brengen: emancipatie en assimilatie, zionisme, vernietiging en de vestiging van de joodse staat Israel. Sachar heeft zijn moderne joodse geschiedenis geheel herzien, uitgebreid en van een omvangrijke en actuele bibliografie voorzien. (A. G.)

Richard Holt: Sport and the British, a modern history396 blz., Oxford Paperbacks '90 (Clarendon '90), f30,65Richard Holt, lector geschiedenis aan de universiteit van Stirling, richt zich vooral op de periode 1860-1914, waarin de basis werd gelegd voor de hedendaagse Engelse sport. Geweld tussen supporters bij sportwedstrijden is niet nieuw. Holt wijst erop dat al in de achttiende eeuw regelmatig bijna rituele vechtpartijen bij voetbalwedstrijden voorkwamen. Hij laat zien dat sport meer van doen heeft met het maken van vrienden, het opbouwen van gemeenschappen en het delen van ervaringen dan met louter fit blijven. Op aangename wijze combineert Holt geschiedschrijving met amusante anekdotes. (Theo Bijvoet, Nrc Hdb 26-5-90)Jonathan I. Israel: Dutch Primacy in World Trade 1585-1740462 blz., Clarendon Paperbacks 1990 (Clarendon Press 89), f62,55Dit boek waarin Israel hij zich nog eens laat zien als uitstekend kenner van de economische en politieke geschiedenis van de Republiek der Zeven Provincien, getuigt andermaal van zijn meesterschap. Het is alleen daarom al een verademing omdat het dwars ingaat tegen de huidige stroom publikaties over de Nederlandse economische geschiedenis uit de zeventiende en achttiende eeuw. Die richt zich vooral op de vroeger nogal verwaarloosde, dikwijls plaatselijke of regionale agrarische geschiedenis. Maar Israel grijpt onbekommerd naar het aloude thema van de Hollandse handel die de wereld beheerste. En eerlijk is eerlijk: is dat niet gewoon veel leuker? (Prof. P. W. Klein, Nrc Hdb 26-8-89)Roger Penrose: The emperor's New Mind. Concerning computers, minds, and the laws of physics602 blz., geill., Vintage '90 (Oxford UP '89), f25,15Tien jaar na Godel, Escher, Bach is er opnieuw een opwindend boek verschenen dat de niet ingewijde lezer op een fundamenteel niveau wil laten nadenken over de verhouding tussen computers en de menselijke geest, aldus Dirk Bergvelt in Nrc Hdb 17-3-90. In zijn voorwoord noemt Martin Gardner Penrose's boek de krachtigste aanval tot nu toe op sterke Kunstmatige Intelligentie. Heeft er het afgelopen decennium een revolutie in de fysica plaatsgevonden? De strijd om KI lijkt allerminst beslist. (D. B.)

Roger Faligot en Remi Kauffer: The Chinese Secret Service524 blz., Headline Book Publ. 1990 (Robert Laffont '87), f29,30Het boek leest als een trein, zo fascinerend slecht is het geschreven. Ongetwijfeld is de volledige waarheid over Kang Sheng (de Beria van het verre Oosten) en zijn relaties met de vorige en huidige machthebbers over China even bizar als de geschiedenissen die in dit boek worden opgedist. Maar van de volledige waarheid weten we nu nog weinig af. (Michel Korzec, Nrc Hdb 19-12-87)Fred Waitzkin: Searching for Bobby Fischer226 blz., Penguin Books '90 (Random House '88), f25, --Over het Amerikaanse schaakleven na Fischer. Searching for Bobby Fischer is het relaas van een man die zijn leven in dienst heeft gesteld van zijn begaafde zoon, die op zijn zevende als een behoorlijk niveau als schaker heeft. De manier waarop Waitzkin over zijn zoon schrijft is ontroerend en hij geeft treffend het onbegrip van zijn niet schakende omgeving weer. (Jan Timman, Nrc Hdb 27-5-89)