Bridge

Het daverende succes van Enri Leufkens en Berry Westra die het EOE Optiebeurs Toernooi in grote stijl wonnen met een voor dit soort toernooien ongewoon grote voorsprong, doet de actualiteit van het Geneefse wereldkampioenschapstoernooi wel al heel snel verbleken. Graag laat ik zien wat het Nederlandse toppaar heeft gepresteerd in het Zandvoortse Elysee Beach Hotel dat drie dagen lang de scene is geweest van een van de opwindendste gebeurtenissen uit de 60-jarige geschiedenis van de Nederlandse Bridge Bond. Een fraaier jubileumgeschenk hadden de oud-juniorwereldkampioenen de bond niet kunnen geven.

Leufkens en Westra zijn opgewekte bieders die als fundament voor de soms nogal optimistische contracten die zij bereiken, over een zeer solide techniek beschikken. Zo'n optimistisch contract was dit: (Schoppen) A H 8 7(Harten) 10(Ruiten) B 9 8(Klaver) A V 10 8 2(Schoppen) 6 3 2(Harten) H 9 2(Ruiten) H V 10 5 3(Klaver) B 9(Schoppen) B 9(Harten) V B 8 4 3(Ruiten) 7 4 2(Klaver) 6 5 3(Schoppen) V 10 5 4(Harten) A 7 6 5(Ruiten) A 6(Klaver) H 7 4De NZ-handen vormen een mooi voorbeeld van een twee-kleurenfit. In (Schoppen) en (Klaver) bestaat er een goede aansluiting, terwijl de twee overige kleuren door eerste controles zijn gedekt. Het bieden met Westra op de Z-plaats en Leufkens op de N-plaats verliep aldus: Z: --1 (Harten)4 (Klaver)4 SA6 (Harten)W: pas2 (Ruiten)4 (Harten)paspasN: 1 (Klaver)3 (Schoppen)pas4 (Schoppen)7 (Schoppen)O: 1 (Harten)paspaspasa.

p. Om te beginnen zien we de tegenstanders van Leufkens-Westra, de Brabanders Bertens-Kolen (WO), zich tot het 4-niveau krachtig verweren op subminimale waarden. Ja, in modern topbridge zitten de spelers bepaald niet op hun kaarten. Maar zoals vaker gebeurt, werkt ook hier het tegenbieden als een boemerang: het verhinderen dat de tegenpartij in een maakbaar contract terecht komt lukt niet, en dan helpt de door dit tegenbieden vrijgekomen informatie de tegenpartij juist bij het zoeken naar het beste contract.

Welke informatie gaf hier het bieden van OW prijs? Allereerst dat de (Harten)-kleur 5-3 verdeeld zat en de (Ruiten)-kleur vermoedelijk ook 5-3 of 6-2. W's 2(Ruiten) blijkt door het latere 4-(Harten)-bod te zijn geboden om voor een eventuele uitkomst van partner aan te geven waar de honneurkracht van de hand ligt, of anders om te onderzoeken of er in de OW-handen een dubbele fit aanwezig is. Maar een gevolg van dit bieden is dat NZ weten dat de kans groot is dat W over ten minste 4 zwarte kaarten zal beschikken en dat dus de kans ook toeneemt dat de zwarte kleuren evenwichtig tussen OW verdeeld zitten. Maar voor dit gegeven een rol gaat spelen, moeten er eerst andere beslissingen zijn genomen.

De belangrijkste is dat N zijn hand juist taxeert als hij moet herbieden. Met honneurpunten tellen kom je er niet. Weliswaar heeft N slechts 14 punten, maar veel belangrijker is dat er na de gevonden (Schoppen)-fit een verliezer minder is dan in een minimum openingsbod: 1 in (Schoppen), 1 in (Harten), 3 in (Ruiten) en 1 (Klaver). Met 6 verliezers (Losing Trick Count) is een verhoging tot 2(Schoppen) onvoldoende en is inderdaad de sprong naar 3(Schoppen) aangewezen. Met 4(Klaver) toont Z zijn (Schoppen)-aansluiting en tevens sleminteresse. N's pas over 4(Harten) is een forcing-pas die Z uitnodigt met overwaarde op weg naar slem te gaan. Het 5-(Schoppen)-antwoord op 4SA toont 2 azen met de troefvrouw. Hierna stond Westra op de tweesprong: afzwaaien naar 6(Schoppen) of nog een poging wagen in de richting van groot slem. Hiervoor is het van groot belang dat N over (Klaver)V beschikt. Met 6(Harten) besloot Westra aan zijn partner te vragen of hij nog een nuttige niet-geboden kaart bezat. Leufkens zag dankzij Westra's eerdere 4-(Klaver)-bod natuurlijk dat dit (Klaver)V was en nam daarom de uitnodiging aan. Zowel N als Z wisten dat voor de slaagkans van dit contract de zwarte kleuren niet ongunstig bij OW verdeeld mochten zitten en konden dus bij hun beslissing het 6-niveau te overschrijden gebruik maken van de informatie die het tegenbieden hun had verschaft. Maar hoewel de zwarte kleuren zich inderdaad keurig gedroegen, was het parcours voor Westra nog niet gelopen.

Hij heeft 4 potentiele verliesslagen in de hand, waarvan er twee weg kunnen op N's (Klaver)-kleur (dat is ook de reden dat er beter in de 4-4-fit dan in de 5-3-fit kan worden gespeeld; 7(Klaver) is onwinbaar). De twee andere verliesslagen moeten in N worden getroefd en hiervoor zijn twee entrees in de hand nodig. Die zijn er ook: (Klaver)H en (Ruiten)A. Maar doordat Bertens met (Ruiten)H uitkwam, moest (Ruiten)A voortijdig worden gebruikt. Er zat voor Westra niets anders op dan het entree naar zijn hand in de (Schoppen)-kleur zelf te creeren: na (Ruiten)A incasseerde hij (Harten)A, troefde een (Harten), keerde met (Klaver)A naar de hand terug en troefde een tweede (Harten) met (Schoppen)A!Door deze deblokkade kon hij na (Schoppen)H te hebben geincasseerd een kleine (Schoppen) naar (Schoppen)V 10 spelen om, als (Schoppen)B niet verscheen, over O met (Schoppen)10 te snijden. Tot zijn ongetwijfeld grote opluchting verscheen (Schoppen)B in de 2e (Schoppen)-ronde en was de snit niet nodig. Zijn koorddansen werd beloond met 111 imps omdat hij als enige speler in groot slem zat, en sterker nog, de helft van het veld niet verder was gekomen dan 4(Schoppen)! Kennisname van de werking en toepassing van de Losing Trick Count ik zal dit stokpaard nog lang blijven berijden, denk ik zou zelfs de biedresultaten van sommige spelers die tot de wereldtop behoren nog aardig kunnen verbeteren. Eerlijkheidshalve moet ik erbij zeggen dat aan de andere tafels drie maal met een kunstmatig 1-(Klaver)-bod werd geopend, en twee maal met een zogenaamde 'vuilnisbak'-1(Ruiten) (omdat 1(Klaver) een conventionele sterke opening zou zijn geweest en 1(Schoppen) alleen met een 5-kaart of langer had mogen worden geopend). Het is dan moeilijk om de dubbele fit te ontdekken. In dit opzicht is het biedresultaat van Leufkens-Westra dus een triomf voor het natuurlijke bieden.

    • Bob van de Velde