Ministerie niet bevoegd tot vaststellen mesthoeveelheid

DEN HAAG, 21 sept. Als boeren onjuiste opgaven doen over de hoeveelheid mest die in de bio-industrie wordt geproduceerd, is het ministerie van landbouw niet bevoegd de omvang daarvan alsnog zelfstandig vast te stellen.

Dat blijkt uit twee, vandaag in Den Haag bekendgemaakte uitspraken van het College van beroep voor het bedrijfsleven. Het gaat daarin om varkens- en kippenhouderijen waar de Algemene inspectiedienst (AID) van het ministerie van landbouw tot de ontdekking kwam dat er sprake was van een onjuiste mestboekhouding.

Bij het ministerie werd aangenomen dat zijn medewerkers in die gevallen tot zelfstandige vaststelling van de mesthoeveelheid mochten komen. Het college van beroep bestrijdt dit. Volgens hem blijkt uit de geschiedenis van de totstandkoming van de Meststoffenwet die in begin 1987 in werking is getreden, dat gekozen is voor een systeem waarin boeren zelf de hoogte van de mestproduktie bepalen.

De uitspraken worden nu zorgvuldig bestudeerd bij het ministerie. Bij het Landbouwschap neemt men vooralsnog aan dat er niets zal veranderen in de werking van de mestwet.