Uitwisseling gevangenen Iran en Irak is opgeschort

GENEVE, 20 sept. Met de uitwisseling van 78.000 krijgsgevangenen, 39.000 uit Irak en de andere helft uit Iran, is voorlopig een einde gekomen aan de repatriering aan de Iraaks-Iraanse grens onder auspicien van het Internationale Comite van het Rode Kruis (ICRC). Volgende week zetten ICRC-gedelegeerden het overleg voort met beide regeringen om de resterende (naar schatting) 20.000 Iraakse krijgsgevangenen in Iran vrij te krijgen. Zowel Teheran als Bagdad heeft beloofd alle krijgsgevangenen te zullen bevrijden.

Naar de reden van de plotselinge stopzetting, afgelopen zaterdag, kan het ICRC alleen maar gissen. De uitwisseling zou plaatshebben op basis van wederkerigheid. Nu aan die voorwaarde is voldaan eist Teheran wellicht voor de overige Irakezen extra concessies van Bagdad, zo wordt verondersteld in het hoofdkwartier van het ICRC in Geneve. De gedelegeerden van het Rode Kruis blijven zolang op hun post in de grensplaatsjes Khaniqin en Qasr-e-Shirine, waar provisorisch doorgangskampen zijn ingericht.

Zodra de repatriering helemaal is voltooid, vermoedelijk een kwestie van nog tien dagen, zal het ICRC de achtergebleven krijgsgevangenen die uit vrees voor represailles in hun land van herkomst asiel willen aanvragen in een derde land, overdragen aan UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN. Hun aantal wordt geschat op 3 tot 5 procent van alle krijgsgevangenen.