RECLAME EN ROKEN

Roken en drinken zijn een dankbaar onderwerp voor statistisch onderzoek. Voor- en tegenstanders gebruiken en misbruiken de cijfers eensgezind, zodat de werkelijke effectiviteit van het verbod op reclame voor tabak en alcohol in rook en nevelen blijft gehuld. Volgens het Britse weekblad The Economist komt dat doordat je het verbod op reclame in statistisch onderzoek niet kunt scheiden van andere factoren die consumptie van nicotine en alcohol beinvloeden, zoals bij voorbeeld de zwaarte van de straffen voor rijden onder invloed. Merkwaardig genoeg komt het er volgens het blad in de praktijk op neer dat een reclameverbod weinig invloed blijkt te hebben op de hoeveelheden tabak en drank die per land worden geconsumeerd.

Toch schreeuwen de tabaks- en drankindustrie moord en brand omdat reclameverboden het onmogelijk maken een nieuw merk te introduceren. In Europa wordt voor een miljard dollar aan tabaksreclame uitgegeven. Bij elkaar gebruiken consumenten voor 47 miljard dollar aan rookwaren. Tabaksproducent Philip Morris vindt een recente Europese richtlijn tegen tabak de grootste bedreiging voor reclamevrijheid en handelsvrijheid. Of het voor de industrie echt veel uitmaakt, blijft de vraag. Reclameborden van bekende sigarettenmerken hebben al de plaats ingenomen van grimmige politiemannen bij Checkpoint Charlie in Berlijn en de regering van de Sovjet-Unie heeft na de recente 'nicotinerevolutie' in Moskou bij Westerse tabaksondernemingen een order geplaatst van vier miljard sigaretten.

Business Week

Het Amerikaanse weekblad Business Week beschrijft in het omslagverhaal de positie van de 28 grote Japanse ondernemingen die samen de Mitsubishi-groep vormen en jaarlijks een omzet halen van 175 miljard dollar. Het blad schetst onder andere de manoeuvres van Mitsubishi in de VS en vraagt zich af in hoeverre de groep de Amerikaanse anti-trustwetgeving op de proef stelt. De Mitsubishi-groep bestaat in de VS uit zo'n 25 bedrijven waarin Mitsubishi ten minste vier miljard dollar heeft geinvesteerd. De groep viel dit jaar vooral op door de overneming van het Rockefeller Centre voor bijna een miljard dollar. De verkoop van Mitsubishi-auto's groeide in de eerste acht maanden van dit jaar met 48 procent. Mitsubishi domineert al de Amerikaanse markt voor grootbeeld-tv-schermen en is verder met succes actief op de markt voor mobiele telefoons, personal computers en dynamische geheugenchips.

Hoewel de manier waarop het Japanse concern opereert veel kritiek oproept, menen anderen dat de werkwijze van de onderneming, het bouwen van een netwerk, veel efficienter is dan het werken met zelfstandige ondernemingen. Als voorbeeld noemt het blad de overneming van Aristech Chemical Corporation. Om zich te verweren tegen overneming door het Amerikaanse GE Plastics riep deze onderneming Mitsubishi te hulp. De Japanners verweten de Amerikanen overtreding van de anti-trustwetgeving. Mitsubishi zelf viel in dat opzicht niets te verwijten omdat Aristech volgens Amerikaans recht niet gelieerd was aan andere Mitsubishi-ondernemingen. Vier maanden na de overneming, gefinancierd door de Mitsubishi Bank, verkocht Mitsubsihi Corporation aandelenpakketten van Aristech aan Mitsubishi Petrochemical en drie andere Mitsubishi-ondernemingen. Samen hebben zij een omzet van elf miljard dollar, terwijl het van trustvorming beschuldigde GE Plastics een omzet heeft van vier miljard dollar.

Far Eastern Economic Review

Het is geen geheim dat multinationals er in Derde-Wereldlanden personeelspraktijken op nahouden waar ze in het thuisland niet eens aan durven denken. Charles D. Gray, directeur van het Aziatisch-Amerikaanse Vrije Arbeidsinstituut van de vakbond AFL-CIO, schrijft dit als gastauteur in de Far Eastern Economic Review. Voorzichtig geschat zijn er in de Derde Wereld 42 miljoen mensen in dienst van de moderne transnationals. Om regeringen de mogelijkheid te bieden tegen de ergste gevallen van uitbuiting op te treden, bepleit de auteur opname van een sociale clausule in de besluiten van het zogenoemde GATT-overleg. Het moet, schrijft hij, toch mogelijk zijn de zwakste mensen te beschermen in een wereld die de industrie al boycot zodra de olifant, de dolfijn of de gevlekte uil worden bedreigd.

    • Herman Frijlink