Vrees voor tekort brandstof door Golfcrisis; Olievoorraden Verenigde Staten nemen sterk toe

ROTTERDAM, 18 sept. De olievoorraden in de Verenigde Staten nemen toe onder invloed van de aanhoudende oorlogsdreiging in het Midden-Oosten en vrees voor een tekort aan brandstoffen in de komende maanden. De prijs voor ruwe olie steeg gisteren tot het hoogste niveau sinds 1982. De Venezolaanse minister van energiezaken, Celestino Armas, deed gisteren nog een beroep op de olie-importerende landen hun strategische reserves aan te spreken om de oliemarkt te kalmeren. Dat zou de prijzen weer op een redelijk niveau kunnen brengen, aldus Armas. Hij kritiseerde 'veel multinationale oliemaatschappijen en olieconsumerende landen' omdat zij, ondanks aanbevelingen van OPEC (Organisatie van olie-exporterende landen) en het Internationaal Energie Agentschap, het gebruik van de voorraden hebben uitgesteld.

Na de eerste forse prijsstijgingen voor ruwe olie, begin augustus, zei de Amerikaanse president Bush dat hij niet tegen het aanspreken van de strategische reserves was. Nu wordt in Washington echter, als antwoord op de aanhoudende oorlogsdreiging in het Midden-Oosten, wetgeving voorbereid om de strategische voorraad te verhogen tot maximaal een miljard vaten. De voorraad is nu 590 miljoen vaten, het maximum dat kan worden aangehouden is 750 miljoen vaten.

Ook de particuliere oliemaatschappijen in de Verenigde Staten houden, na een aanvankelijke verlaging van voorraden in de eerste weken na het uitbreken van de Golfcrisis, nu weer hogere werkvoorraden voor hun raffinaderijen aan. Volgens het Amerikaanse Petroleum Instituut in New York is de totale vooraad vorige week met tien procent toegenomen.

Het ministerie van buitenlandse zaken in Washington noemde gisteren, in een reactie op de aanhoudende olietransporten van Irak naar Jordanie, dit lek in het embargo tegen Irak niet erg belangrijk. Door verslaggevers is de afgelopen weken dagelijks een rij tankauto's bij de grensovergang op de weg van Bagdad naar Amman gezien, die waarschijnlijk olie en olieprodukten vervoeren. Volgens het departement zoeken de Verenigde Staten en Saoedi-Arabie naar mogelijkheden om de Saoedische olie-export naar Jordanie te verhogen.

Enkele weken geleden besloot de Saoedische regering de eerder gesloten pijpleiding die van de olievelden in het Oosten van het land, evenwijdig aan de Iraakse grens, naar Jordanie loopt te heropenen. Volgens de overeenkomst tussen beide landen zal Saoedi-Arabie 30.000 vaten olie per dag aan Jordanie leveren, ongeveer de helft van de binnenlandse behoefte van dat land.

Volgens een officiele verklaring van de regering in Amman krijgt Jordanie nu nog ongeveer 40 procent van zijn binnenlandse olieverbruik uit Irak. Jordanie verzekert dat het deze Iraakse olie niet verhandelt. Zo lang er geen alternatief is, beschouwt Amman deze import niet als een overtreding van het embargo.

Saoedi-Arabie blijft intussen zijn olieproduktie opvoeren. Tegen het einde van deze maand verwachten de Saoedi's tegen de acht miljoen vaten per dag te produceren, ruim 2,5 miljoen meer dan het OPEC-quotum dat tot voor enkele weken voor dit land gold. Een onderhoudsbeurt aan de grote exportraffinaderij in Jubail, gezamenlijk eigendom van de staatsoliemaatschappij en Shell, is uitgesteld en de produktie is verhoogd met 40.000 vaten per dag tot 300.000 vaten.