Voetbalbond en IOC ruzien over toelating profs

TOKIO, 18 sept. De controverse tussen het Internationaal Olympisch Comite en de de voetbalwereldfederatie FIFA over het toelaten van beroepssporters tot de Olympische Spelen is tijdens de 96ste zitting van het IOC in Tokio niet uit de weg geruimd. De FIFA houdt vast aan een leeftijdsgrens van 23 jaar om daarmee het eigen, lucratieve wereldkampioenschap te beschermen. Maar de voorzitter van het IOC, Juan Antonio Samaranch, weigerde na overleg met de Westduitser Willy Daume in te gaan op die wens. 'De Olympische Spelen staan open voor de beste sporters van de wereld, dus ook voor de beste beroepsvoetballers ongeacht hun leeftijd', gaf Samaranch als reactie. Daume ging een stapje verder. 'Als wij gehoor geven aan de oproep van Havelange, kan dat op den duur de dood van de Spelen betekenen. Bovendien worden er precedenten geschapen.' Voor 'oudere' beroepsvoetballers, die zich vooralsnog moeten houden aan de beperkingen die de eigen organisatie oplegt, blijft de deur naar het mammoet-sportfestijn nog gesloten maar voor de overige professionele sportbeoefenaren zijn er nauwelijks beperkingen meer. Enige voorwaarden zijn dat de nationale olympische comite's hun fiat geven aan de uitzending van desbetreffende prof en dat de Olympische deelnemer zich houdt aan de regels van zijn overkoepelende sportbond. Zo mag de prof bijvoorbeeld geen startgeld ontvangen.

De reglementswijziging was in Tokio een passend afscheid voor Willy Daume. De 77-jarige Daume zag er zijn levenswerk in de Spelen een open karakter te geven, toelaatbaar te maken voor profs en amateurs. In de Japanse hoofdstad werd het voorstel van de scheidende voorzitter van de toelatingscommissie met algemene stemmen, zonder stemming, in het Olympisch charta opgenomen. De bevestiging door de algemene ledenvergadering is woensdag een sinecure. 'Ik heb mijn werk volbracht', merkte Daume na het agendapunt op. 'Het werk zit er op voor de toelatingscommissie. Er valt niet veel meer te doen.' Niet veel, maar toch nog wel iets. Daume kreeg in het midden van de 70-er jaren opdracht van de toenmalige IOC-voorzitter Lord Killanin de beruchte amateurparagraaf 26 aan te passen. 'In principe was Baron de Coubertin er al voorstander van dat de besten zich met elkaar zouden meten op de Olympische Spelen.'

De weg van Daume was lang, het tempo lag laag. Vooral door toedoen van het Oostblok, dat de regels omzeilde door profs als staatsamateurs te betitelen.

In 1988 (Calgary en Seoul) was paragraaf 26 officieel nog van kracht. Al werden de regels opengebroken in het tennis en ijshockey. Steffi Graf won in Seoul het vrouwentoernooi, op het ijs in Calgary stonden dik betaalde profs. Paragraaf 26 werd in Tokyo voltooid verleden tijd. In plaats daarvan komt paragraaf 45 van Daume.