Rendement van een jaar kabinet Lubbers/Kok: 9,9 miljard voornieuw beleid

Het politieke rendement van een jaar Lubbers/Kok bedraagt ruim 9,9 miljard gulden. Dat bedrag wordt besteed om de beloften uit de verkiezingstijd waar te maken. Het is iets minder dan vijf procent van het totaal aan uitgaven door het rijk van 197,1 miljard. Den Uyl vergeleek de rijksoverheid ooit met een supertanker en sprak van de smalle marges van de Nederlandse politiek. De koerswijziging na een jaar Lubbers/Kok bedraagt dus ongeveer vijf procent: 9,9 miljard wordt besteed aan extra uitgaven voor inkomens, milieu, verkeer en vervoer, werkgelegenheid en milieu. Het is de eerste begroting die het nieuwe kabinet indient en meteen de belangrijkste.

De begroting voor 1990 was een erfenis van het vorige kabinet. Van de beloften uit het regeerakkoord en de regeringsverklaring kon nog weinig in cijfers worden vertaald. Wel kwam er eind vorig jaar een zogenoemde Startbrief, waarin minister Kok (financien) al wat aan het roer draaide. Maar nu is dan toch de richting bepaald. De vandaag ingediende begroting is daarnaast plaatsbepalend, omdat die geschreven wordt vanuit een positie van maximale politieke veiligheid. De coalitieverhoudingen zijn nog weinig aangetast. De verkiezingen zijn op geen moment zo ver weg als nu. Een goed moment om de regeringsverklaring van 27 november 1989 in herinnering te roepen. Lubbers en Kok wilden samen de kwaliteit van de samenleving bevorderen en tegelijk het financieringstekort terugdringen, zo heette het toen. De 'maatschappelijke cohesie' moest hersteld worden. Deze benadering betekende voor de PvdA een gelijkwaardiger inkomensbeleid en bij het milieu de terugkeer van de overheid in een sturende rol. Het CDA kon met weinig moeite de nadruk op de eigen groep en organisatie (het middenveld) in dit concept onderbrengen en voegde aan de nieuwe overheidsrol een ethisch element toe. Brinkman zei het destijds aldus: 'Het is onze gezamenlijke taak om in consensus de richting te duiden, op weg naar een vernieuwde, meer op altruisme jegens mens en milieu gebaseerde levensstijl die duurzamer is dan het laatste modesnufje.'

De PvdA wilde vooral weer eens regeren. De partners in dit verstandshuwelijk legden in het regeerakkoord het accent op decentralisatie van Haagse bevoegdheden naar gemeenten, op het optuigen van het nationaal milieuplan (NMP 'plus'), op het bestrijden van werkloosheid en investeren in openbaar vervoer. Maar ook moest het financieringstekort worden ingetoomd. De PvdA wilde af van het imago van potverteerders, de eerste serieuze regeringsdeelname sinds 1977 moest een succes worden. De politiek leider W. Kok zou het als minister van financien gaan bewijzen. Hij beheert niet alleen het kapitaal van de BV Nederland maar ook dat van de PvdA. Bijna een jaar later kan de rekening worden opgemaakt. Verreweg het grootste deel van de 9,9 miljard (5,2 miljard) is bestemd voor inkomensbeleid. Er is voor de arbeidsvoorwaarden in de collectieve sector 2,4 miljard beschikbaar gekomen en voor de uitkeringen 2,8 miljard. Daarnaast worden er nog wat kleinere pleisters geplakt, a raison van 474 miljoen. De kinderbijslag gaat wat omhoog. De gemeenten mogen wat meer bijzondere bijstand verlenen. De huurstijging voor de ontvangers van individuele huursubsidie wordt gematigd. Ook voor de inkomens en de werkdruk van de verpleegkundigen wordt iets gedaan, evenals voor de beginnende leraren. Voor investeringen in 'de kwaliteit van de samenleving' heeft het kabinet 2,9 miljard uitgetrokken. Van dit geld wordt het openbaar vervoer verbeterd en het milieu schoongemaakt (1,8 miljard). In de volksgezondheid wordt 245 miljoen extra besteed aan gehandicapten, ouderen, geestelijke gezondheid en aan kortere wachtlijsten. Het onderwijs krijgt 304 miljoen. De politie en rechterlijke macht 215 miljoen. Er wordt wordt voor 35 miljoen aan extra woningen gebouwd. Aan technologie, kustverdediging en cultuur samen 188 miljoen. Om de werkloosheid te bestrijden besteedt het kabinet 506 miljoen aan banenpools voor werklozen, werkervaringsplaatsen voor jongeren en kinderopvang. Ten slotte is er nog een categorie 'overige prioriteiten' van zo'n 800 miljoen. Daarin zit geld voor Oost-Europa, asielzoekers en ontwikkelingssamenwerking.

Deze boodschappenlijst is onder moeilijke omstandigheden tot stand gekomen. Kok had nauwelijks de weg geleerd in de betonnen kantoorkolos van Financien of de tegenvallers vlogen hem al om de oren. De fiscus had 2 miljard minder ontvangen, de uitgaven voor de WIR waren hoger geweest, het financieringstekort viel tegen. Al met al moest Kok dit jaar 7 miljard zien te vinden Daarbij stond direct zijn betrouwbaarheid als beheerder van het kapitaal van de BV Nederland op het spel. 'Potverterende socialisten' worden er immers ter rechterzijde van verdacht al snel de vermindering van het financieringstekort ondergeschikt te maken aan hun politieke wensen. Het financieringstekort moest en zou dus volgend jaar conform de afspraak tot 4,75 procent van het nationaal inkomen worden teruggebracht. Dat is gelukt, maar op een manier waarvoor de Raad van State maar weinig waardering kan opbrengen. Met lapmiddelen en boekhoudkundige trucs is er een begroting in elkaar getimmerd die weinig flexibel is, veel beslissingen uitstelt en uitgaat van economische ramingen die zeer onzeker zijn. Als er straks in de Golf wordt geschoten, vallen er meteen gaten in de Nederlandse begroting, zo is de verwachting. Met een ombuigingsopdracht van zeven miljard was ook zijn geloofwaardigheid als beheerder van het politieke kapitaal van de PvdA in het spel. Kok kon zich niet veroorloven met de ene hand te 'investeren in de cohesie van de samenleving' en er met de andere hand de stutten weer onder weg te bezuinigen. In het eerste regeringsjaar was immers ook de kloof tussen de PvdA-achterban en de partijtop dramatisch verbreed. De belastingherziening 'Oort' maakte begin dit jaar veel PvdA-stemmers duidelijk dat de midden- en hogere inkomens er op vooruitgingen en veel lagere inkomens gelijk bleven of zelfs achteruitgingen. Kok kreeg er de schuld van; de gemeenteraadsverkiezingen werden een debacle voor de PvdA. Teneinde die zeven miljard daarom zo pijnloos mogelijk binnen te halen, koos Kok voor een bezuiniging op Defensie, voor een globale korting op de subsidies en voor het schrappen van de prijscompensatie voor de departementen. Verder werd er besloten tot een grote efficiency-operatie, bezuinigingen op de WAO, AAW en AWW, een krapper geneesmiddelenvergoedingssysteem, minder geld voor ziekenhuisbouw en fysiotherapie. Zonder politieke risico's is deze operatie niet gebleven.

Bij Volkshuisvesting zijn de beperkingen van de uitgaven terechtgekomen bij de stadsvernieuwing, de sociale nieuwbouw en de bijdrageregeling voor gehandicapten. Vooral de korting op het stadsvernieuwingsfonds (minus 30 miljoen) heeft kwaad bloed gezet bij de gemeenten met wie minister Dales overeenkomsten voor sociale vernieuwingsprojecten probeert te tekenen. Hoe kan er nu gewerkt worden aan 'cohesie en integratie van mensen met een achterstand' als de wijken waar ze wonen niet opgeknapt kunnen worden? De invoering van een eigen bijdrage voor gehandicapten bij woningaanpassing zal bij de PvdA-achterban ook niet goed vallen. Ook bij Onderwijs begint zich een kloof af te tekenen tussen de ambities uit het regeerakkoord en de harde praktijk van het komende begrotingsjaar. De twee bewindslieden van onderwijs dichten de basisscholen een belangrijke rol toe 'bij de samenhangende aanpak van de sociale vernieuwing op lokaal niveau'.

Maar geldgebrek leidt er ook toe dat 'de schaal van onze basisscholen met name in het stedelijk gebied behoorlijk zal worden vergroot'.

Dat zal er op termijn toe leiden dat kleine scholen juist gesloten worden. Voor het CDA lijkt deze begroting nog de minste risico's in te houden. De christen-democraten hebben er het afgelopen jaar alles aan gedaan om de verwachtingen bij het electoraat van het kabinet zo veel mogelijk te minimaliseren. Zowel Brinkman als Lubbers kwamen met opzienbarende redevoeringen waarin de onmacht van Den Haag werd benadrukt. Brinkman schreef deze zomer in Christen Democratische Verkenningen politiek Den Haag weg als serieuze factor bij het bestuur van de samenleving. De rijksbegroting bepaalt voor een groot deel zichzelf door allerlei automatische betalingen en verhogingen, constateerde hij. 'Zo'n grote Haagse hoop is immers als bij oom Dagobert: je zwemt erin, maar je bent nog altijd aan het tellen, omdat je tekort komt', schreef hij. De samenleving trekt zich ook hoe langer hoe minder aan van Haagse regels; Nederland zou op 'echt microniveau' moeten worden bestuurd. Ook Lubbers deed aan zelfkastijding. Nederland is ziek, zei hij. En de overheid is er zelf mede schuldig aan. Wie zo de inkomensplaatjes en sociale vernieuwingsplannen is ontstegen hoeft zich over het politieke effect van een enkele Miljoenennota geen zorgen meer te maken.